Terug
Gepubliceerd op 24/06/2026

Besluit  gemeenteraad

ma 22/06/2026 - 20:00

Subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod - goedkeuring

Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
André Reuse, algemeen directeur
Verontschuldigd: Lotte Peeters, Michaël Van Pottelberghe, Kurt Pieters, gemeenteraadsleden

De gemeenteraad wordt gevraagd het subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod goed te keuren.

JURIDISCHE CONTEXT:

  • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, dat de bevoegdheden van de gemeenteraad vastlegt.
  • Artikel 56 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, dat vastlegt het college de besluiten en beraadslagingen van de gemeenteraad voorbereidt.
  • Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2013, waarbij het subsidiereglement m.b.t. het ondersteunen van de kwalitatieve uitbouw van de sportverenigingen via een doelgericht subsidiebeleid werd goedgekeurd.
  • Het gemeenteraadsbesluit van 8 september 2025 betreffende de opheffing van het subsidiereglement voor het ondersteunen van de kwalitatieve uitbouw van sportverenigingen. 
  • Het gemeenteraadsbesluit van 26 januari 2026 betreffende de opheffing van het reglement voor de erkenning en de subsidiëring van culturele verenigingen. 
    In hetzelfde besluit werd tevens een overgangsregeling bekrachtigd voor de subsidiëring van sport- en cultuurverenigingen voor het werkjaar 2026, en werd het college belast met de opmaak van nieuwe subsidiereglementen van toepassing vanaf werkjaar 2027.
  • Het collegebesluit van 12 januari 2026 betreffende de overgangsregeling voor het werkjaar 2026 voor sport- en cultuurverenigingen.
  • Het collegebesluit van 18 mei 2026, waarbij het college kennis nam van het ontwerp en besliste het subsidiereglement ter advies voor te leggen aan de sportraad. 
  • Het advies van de sportraad dd. 7 juni 2026 m.b.t. het subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod.

FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

Lokaal bestuur Hamme werkt aan de herziening van de subsidiereglementen voor het verenigingsleven binnen Departement vrije tijd en ontwikkeling. Deze herwerking heeft als doel te komen tot een transparant, eenvoudig en toekomstgericht subsidiekader dat beter aansluit bij de actuele noden van verenigingen en de beleidsprioriteiten van het bestuur. 

Voor het luik sport werd, in lijn met het globale traject, een participatieve aanpak gehanteerd waarbij sportverenigingen werden bevraagd over hun noden en verwachtingen. De keuzes die in het nieuwe subsidiereglement zijn opgenomen, zijn gebaseerd op deze input, aangevuld met interne afstemming binnen Team sport en externe begeleiding van Mondea.

Voorliggende ontwerpversie betekent een duidelijke inhoudelijke koerswijziging ten opzichte van het vorige reglement. Waar het vroegere systeem eerder forfaitair en historisch gegroeid was, wordt nu gekozen voor een kwalitatief en inhoudelijk onderbouwd puntensysteem. Deze aanpak werd expliciet gevraagd door de sportverenigingen zelf, die aangaven een objectiever en transparanter systeem te verkiezen boven forfaitaire ondersteuning.

De beoordeling binnen het nieuwe model gebeurt op basis van een beperkt en overzichtelijk aantal parameters, met onder meer aandacht voor:

  • De inzet van gekwalificeerde of gediplomeerde trainers.
  • De continuïteit en intensiteit van de werking (uitgedrukt in actieve maanden en uren).
  • De uitbouw van een kwaliteitsvolle jeugdwerking.
  • Inclusieve en doelgroepgerichte initiatieven.
  • Het beschikken over een gedragen beleidsvisie en planmatige aanpak.
  • Het al dan niet gebruik maken van gemeentelijke sportinfrastructuur.

Met deze parameters wil het lokaal bestuur sportverenigingen gericht ondersteunen op basis van kwaliteit, duurzaamheid en maatschappelijke meerwaarde. Verenigingen die investeren in opleiding, continuïteit en inclusie worden op die manier sterker gewaardeerd.

Een belangrijk aandachtspunt binnen het nieuwe reglement is infrastructuur. Uit de bevraging van de sportverenigingen blijkt dat dit één van de grootste bezorgdheden is. Daarom werd bewust gekozen om:

  • Geen basissubsidie toe te kennen aan verenigingen die intensief gebruik maken van gemeentelijke infrastructuur aan gunstige tarieven.
  • En zo dubbele ondersteuning te vermijden en meer ruimte te creëren voor verenigingen die zelf instaan voor infrastructuur (huur, eigen beheer).

Het nieuwe sportsubsidiereglement vormt aldus een bewuste keuze voor een meer kwaliteitsgericht, transparant en toekomstgericht ondersteuningsmodel, waarbij de beschikbare middelen doelgericht worden ingezet ten voordele van een sterk, duurzaam en inclusief sportlandschap in Hamme.

Advies sportraad en verwerking

In uitvoering van het collegebesluit van 18 mei 2026 werd het reglement ter advies voorgelegd aan de sportraad.

Het advies werd ingewonnen via een digitale bevraging. In totaal namen 10 verenigingen deel aan de bevraging.

Globaal werd een gunstig advies met opmerkingen geformuleerd. De geformuleerde aandachtspunten worden hieronder gebundeld, samen met de beoordeling door de administratie en de eventuele impact op het reglement.

AANDACHTSPUNT SPORTRAAD   ANTWOORD AANPASSING REGLEMENT 
De gehanteerde definitie van “trainer” wordt als te strikt ervaren, waardoor recreatieve sportverenigingen (zoals fiets-, wandel- en recreatieve clubs) moeilijk voldoen aan de voorwaarden.
Het criterium “trainer” is een bewuste beleidskeuze om kwaliteit van begeleiding te stimuleren. Het reglement laat reeds ruimte doordat een trainer niet noodzakelijk gediplomeerd moet zijn. De toepassing zal gebeuren met oog voor de eigenheid van verschillende sporttakken (recreatief vs. competitief).
Geen aanpassing. Wel verduidelijking in de toepassing (interpretatie als lesgever/begeleider).
De vooropgestelde drempels (bv. aantal leden, trainers, trainingsuren) worden als hoog en mogelijk moeilijk haalbaar beschouwd.
De gehanteerde drempels zijn een expliciete beleidskeuze om kwaliteit, continuïteit en schaal van werking te valoriseren. Tegelijk blijft instap mogelijk via lagere niveaus en via de werkingssubsidie die breder verdeelt.
Geen aanpassing. Evaluatie wordt voorzien na eerste toepassingsjaar.
Onzekerheid over de vereiste kwalificaties van trainers (A-, B-, C-niveau, instructeur, …).
De vraag naar duidelijkheid is terecht. Het betreft kwalificaties binnen het kader van de Vlaamse Trainersschool (VTS) of gelijkwaardig.
Verduidelijking van het referentiekader (VTS of gelijkwaardig) in het reglement of de toelichting.
Onduidelijkheid over de interpretatie van het begrip “training” (bv. in geval van competitieploegen die afzonderlijk functioneren van recreanten).
Het reglement definieert een training als een leer- en oefenmoment onder begeleiding. De concrete toepassing zal rekening houden met de eigenheid van de sport en de organisatievorm.
Geen aanpassing. Wel verduidelijking via toepassing//toelichting. 
Onzekerheid over de toepassing van de slotbepaling en de aanvraagtermijn voor impulssubsidies bij inwerkingtreding (1 juli 2026), in het bijzonder voor evenementen in de zomerperiode.
Deze bezorgdheid vertrekt vanuit de veronderstelling dat het nieuwe subsidiereglement onmiddellijk van toepassing is op werkingsjaar 2026. Voor 2026 werd echter een overgangsregeling voorzien waarbij subsidies via nominatieve toekenning werden uitbetaald, los van een reglementair kader. Het voorliggende reglement introduceert een nieuw subsidiestelsel dat geldt voor de volgende subsidiecyclus en dat de bestaande regeling vervangt.
Geen aanpassing.
Bezorgdheid dat het reglement sterk focust op jeugdwerking en minder rekening houdt met andere doelgroepen (bv. 50+ sporters).
De ondersteuning van jeugdwerking is een bewuste beleidskeuze. Tegelijk voorziet het reglement expliciet impulssubsidies voor specifieke doelgroepen, waaronder senioren.
Geen aanpassing.
Onzekerheid over de praktische toepassing bij inwerkingtreding (bv. timing van subsidieaanvragen in relatie tot lopende activiteiten).
De bezorgdheid is begrijpelijk bij de overgang naar een nieuw systeem. Dit wordt opgevangen via duidelijke communicatie en begeleiding van de verenigingen.
Geen aanpassing. De administratie voorziet een infosessie en communicatie bij opstart.
 
Gelet op het brede draagvlak en het uitblijven van fundamentele bezwaren, wordt voorgesteld het subsidiereglement goed te keuren.
Publieke stemming
Aanwezig: Jan Laceur, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Gilles Verbeke, André Reuse
Voorstanders: Jan Laceur, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Carine Calluy, Marc Saerens
Onthouders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Gilles Verbeke
Resultaat: Met 16 stemmen voor, 10 onthoudingen

BESLUIT:

Enig artikel. 

De gemeenteraad keurt het subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod goed, zoals onderaan weergegeven:

Subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod

Doel

Art. 1: Gemeente Hamme wil erkende Hamse verenigingen die een duurzaam en regulier sportaanbod organiseren dat minstens gericht is naar de inwoners van de gemeente, ondersteunen door middel van een financiële tegemoetkoming in de werkingskosten. Op die manier kan het vrijetijdsaanbod dat door deze verenigingen georganiseerd wordt financieel laagdrempelig gehouden worden.
Daarnaast wil de gemeente deze verenigingen ook stimuleren tot nemen van drempelverlagende initiatieven en het organiseren van een laagdrempelig sportaanbod en/of publieke sportevenementen.

Definities

Art. 2: Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

  • Actieve periode: de periode waarin de vereniging (minstens tweewekelijks) trainingen organiseert.
  • Beleidsplan: een document dat de koers en de doelstellingen van de vereniging beschrijft alsook de manier waarop deze zullen gerealiseerd worden.
  • Competitief aanbod: het geheel van sportactiviteiten waarbij het deelnemen aan wedstrijden, hetzij in teamverband hetzij individueel, en het winnen van prijzen of titels centraal staan.
  • Jeugdteam of -groep: groep van leden jonger dan 18 jaar waarvoor aparte trainingsmomenten worden voorzien.
  • Drempelverlagend initiatiefacties met als doel een mogelijke drempel voor deelname te verlagen. Deze drempel kan financieel zijn maar ook cultureel (bv. anderstalig).
  • Lid: persoon die is ingeschreven bij een vereniging en lidgeld heeft betaald (indien van toepassing).  Een lid wordt verzekerd door de vereniging.
    In geval minder dan 50 % van de leden inwoner is van Hamme, komen enkel de inwoners van Hamme in aanmerking voor de berekening van de subsidies. 
  • Publiek evenement: een open evenement met sportief karakter waaraan iedereen (ook niet-leden en/of specifieke doelgroepen) kunnen deelnemen.
  • Recreatief aanbod: het geheel van sportactiviteiten waarbij lichamelijke beweging, plezier, ontspanning en sociale interactie centraal staan en de prestaties minder belangrijk zijn.
  • Regulier sportaanbod: de vereniging organiseert gedurende het hele werkjaar een sportaanbod. Sporten of bewegen is hierbij de hoofddoelstelling en dit aanbod vindt minstens tweewekelijks plaats.
  • Socio-culturele vereniging: een vereniging die via ontmoeting, vorming, dialoog en gemeenschapsgericht werken bijdraagt aan maatschappelijke betrokkenheid, culturele participatie en sociale samenhang.
  • Specifieke doelgroepen: doelgroepen die doorgaans minder makkelijk bereikt worden door sportclubs zoals G-sporters, senioren, anderstaligen, prikkelarme sportles, chronisch zieken, hartpatiënten, …
  • Sport: activiteiten, individueel of in ploegverband, met competitief of recreatief karakter, die minder stilzitten en meer bewegen bevorderen en een gezondheid bevorderend effect hebben.
  • Sportvereniging: een groep mensen die zich duurzaam en structureel heeft georganiseerd met als hoofddoelstelling het aanbieden van sportactiviteiten en het promoten van haar sport.
  • Trainer: een actieve lesgever die op geregelde basis lessen of trainingen geeft binnen de vereniging en die, voor de toepassing van artikel 9, kan beschikken over een kwalificatie erkend door de Vlaamse Trainersschool (VTS).
  • Training(smoment): een leer- en oefenmoment waarbij kennis, vaardigheden en attitudes aangeleerd en ontwikkeld worden door middel van theorie en/of oefeningen met als doel de prestaties te verbeteren. Trainingen vinden plaats onder leiding van een al dan niet gediplomeerd lesgever.
  • Visietekst: beschrijft de gemeenschappelijke visie, waarden en langetermijndoelen van de vereniging. Een visietekst legt de fundamenten voor wat de vereniging wil bereiken.
  • VTS: Vlaamse Trainersschool.
  • Werkjaar: een werkjaar loopt van september tot augustus van het volgende kalenderjaar.
  • Werkingssubsidie: financiële steun vanwege de gemeente die bedoeld is om de structurele en continue werking van een vereniging te ondersteunen. Een werkingssubsidie komt de vereniging tegemoet in de basiskosten die ze heeft om haar reguliere en niet-economische activiteiten te kunnen continueren. 

Doelgroep en toepassingsgebied

Art. 3: Komen in aanmerking voor subsidies als organisator van een regulier sportaanbod: alle verenigingen die een regulier sportaanbod organiseren en voldoen aan de voorwaarden van dit reglement.

Art. 4: Leden, trainers, animatoren, activiteiten en andere objectief vaststelbare elementen kunnen door eenzelfde vereniging slechts éénmaal worden ingebracht als basis voor gemeentelijke subsidiëring. De uitsluiting van dubbele subsidiëring geldt uitsluitend op het niveau van de aanvragende vereniging.

Voorwaarden

Art. 5: Om recht te hebben op subsidies als organisator van een regulier sportaanbod dient de aanvrager cumulatief te voldoen aan volgende voorwaarden:

  • § 1. De gegevens in het Verenigingsloket worden door de vereniging minstens 1 keer per jaar gecontroleerd en indien nodig geactualiseerd.   
  • § 2. De vereniging beschikt over alle nodige verzekeringen, rekening houdende met de aard van de activiteiten die ze ontplooit.
  • § 3. De werking van de vereniging steunt volledig op vrijwilligers.
  • § 4. De vereniging heeft een bankrekening op naam van de vereniging.
  • § 5. Sectoroverschrijdende cumulatie van structurele werkingssubsidies is niet toegestaan. Een vereniging kan slechts binnen één beleidsdomein van de gemeente een structurele werkingssubsidie ontvangen. Indien een vereniging in aanmerking komt voor meerdere gemeentelijke subsidiereglementen, dient men een keuze te maken binnen welk beleidsdomein men een structurele werkingssubsidie aanvraagt.

Bedrag

Art. 6: De subsidies voor het lopende werkjaar voor organisatoren van een sportaanbod worden berekend op basis van gekende gegevens over het afgelopen werkjaar en zijn samengesteld uit volgende onderdelen:

  • een basissubsidie
  • impulssubsidies voor:
  • drempelverlagende initiatieven
  • het organiseren van een sportaanbod voor specifieke doelgroepen
  • het organiseren van publieke sportevenementen
  • een werkingssubsidie

Art. 7: Verenigingen die geen gebruik maken van gemeentelijke buitenterreinen aan voordeeltarief kunnen één van onderstaande basissubsidies krijgen, voor zover zij voldoen aan elke van de bijhorende objectieve criteria: 

CRITERIA

BRONS

ZILVER

GOUD

€ 150

€ 250

€ 400

Aantal sportende leden

20 of meer

100 of meer

250 of meer

Aantal actieve trainers

1 of meer

3 of meer

5 of meer

Aantal trainingsmomenten

2 of meer

5 of meer

10 of meer

 

Art. 8: Enkel erkende sportverenigingen komen in aanmerking voor de impulssubsidies. Deze worden als volgt berekend:

ACTIE

MEETEENHEID

IMPULSSUBSIDIE

Drempelverlagende initiatieven

Per initiatief

€ 50 met een maximum van € 200

Sportaanbod voor specifieke doelgroepen

Per activiteit

€ 50 met een maximum van € 400

Doorlopend aanbod

€ 400

Organisatie publiek sportevenement

30 tot 50 deelnemers

€ 200

50 tot 100 deelnemers

€ 300

Meer dan 100 deelnemers

€ 400

 

Art. 9: De werkingssubsidie wordt vervolgens berekend door het resterende voorziene subsidiekrediet te delen door het totaal aantal punten, behaald door alle verenigingen, op basis onderstaande puntenverdeling:  

 

AANTAL/SITUATIE

PUNTEN

Actieve periode

4 – 7 maanden

3

8 – 11 maanden

5

12 maanden

8

Visietekst

2

Beleidsplan

10

Aanbod

Recreatief

2

Competitief

2

Beide

5

Kwalificatie trainers

per trainer C

2

per instructeur B

4

per trainer B

6

per trainer A

8

Per jeugdteam of -groep

2

Voor de kwalificatie van trainers worden uitsluitend kwalificaties erkend door de Vlaamse Trainersschool (VTS) in aanmerking genomen. De punten worden toegekend per actieve trainer op basis van de hoogste behaalde VTS-kwalificatie.

Procedure

Art. 10: Met uitzondering van de impulssubsidie voor de organisatie van een publiek sportevenement, kunnen de subsidies jaarlijks verkregen worden door het volgen van de hierna beschreven procedure.

  • § 1. Indienen aanvraag: de aanvraag wordt door de vereniging uiterlijk op 1 oktober ingediend via de gemeentelijke website.
  • § 2. Beoordeling van de aanvraag: het bevoegde team beoordeelt de aanvraag uiterlijk op 1 november op tijdigheid, ontvankelijkheid en volledigheid en vraagt, indien nodig, bijkomende informatie op.

De aanvrager wordt geacht om eventuele andere nodige bewijsstukken voor het voldoen aan de voorwaarden tot subsidiëring ter beschikking te houden voor eventuele controle.  

  • § 3. Beslissing: het college van burgemeester en schepenen beslist uiterlijk op 1 december over de toekenning van de subsidie.
  • § 4. Bekendmaking: de vereniging wordt binnen een termijn van 14 dagen na de beslissing van het college van burgemeester en schepenen op de hoogte gebracht van de toekenning of, desgevallend, van de gemotiveerde weigering.
  • § 5. Uitbetaling: de uitbetaling gebeurt in de eerste maand van het volgende kalenderjaar door middel van overschrijving op het opgegeven bankrekeningnummer.
  • § 6. Kennisgeving aan de adviesraden: de verdeling van de subsidies zal op de eerstvolgende adviesraad ter kennisgeving worden meegedeeld, en dit voor de subsidies die werden uitgereikt via de middelen waarover de raad in kwestie adviesbevoegdheid heeft.

Art. 11: De impulssubsidie voor de organisatie van een publiek sportevenement kan doorheen he hele jaar aangevraagd worden door het volgen van de hierna beschreven procedure.

  • § 1. Indienen aanvraag: de aanvraag wordt door de vereniging uiterlijk 2 maanden voorafgaand aan het evenement ingediend via de gemeentelijke website.
  • § 2. Beoordeling van de aanvraag: het bevoegde team beoordeelt de aanvraag binnen de 15 werkdagen op tijdigheid, ontvankelijkheid en volledigheid en vraagt, indien nodig, bijkomende informatie op.
  • § 3. Beslissing: het college van burgemeester en schepenen beslist uiterlijk op 1 maand na het ontvangen van een volledig en ontvankelijke aanvraag over de toekenning van de subsidie.
  • § 4. Bekendmaking: de vereniging wordt binnen een termijn van 7 werkdagen na de beslissing van het college van burgemeester en schepenen op de hoogte gebracht van de toekenning of, desgevallend, van de gemotiveerde weigering.
  • § 5. Uitbetaling: de uitbetaling gebeurt binnen de 30 dagen na de goedkeuring, door middel van overschrijving op het opgegeven bankrekeningnummer.

Controle en sancties

Art. 12: Elke subsidieontvanger moet de subsidie gebruiken voor het doel waarvoor ze werd toegekend. De gemeente kan en mag controleren of de subsidie effectief voor dat doel wordt ingezet en kan hiervoor een controle ter plaatse uitvoeren of laten uitvoeren.

Art. 13: De subsidie kan geheel of gedeeltelijk teruggevorderd worden:

  • Wanneer blijkt dat de subsidie geheel of gedeeltelijk voor een ander doel wordt gebruikt.
  • Wanneer blijkt dat bij de aanvraag opzettelijk foutieve, objectief meetbare gegevens werden verstrekt.
  • Bij definitieve stopzetting van de activiteiten door een vereniging uiterlijk op 30 juni van het kalenderjaar waarin de werkingssubsidie werd verstrekt.

Art. 14: Vastgestelde misbruiken kunnen daarnaast leiden tot (tijdelijke) uitsluiting van de betrokken vereniging van (toekomstige) gemeentelijke subsidies. De sanctionerende maatregel is hierbij proportioneel in verhouding tot de vastgestelde inbreuk(en).

Slotbepalingen

Art. 15: Dit reglement treedt in werking op 1 juli 2026.

Art. 16: Dit reglement wordt geëvalueerd, minstens na de eerste toepassing ervan, en kan worden aangepast op basis van de bevindingen. De sportraad zal hierbij om een advies gevraagd worden.