De gemeenteraad wordt gevraagd het subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod goed te keuren.
JURIDISCHE CONTEXT:
FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:
Lokaal bestuur Hamme werkt aan de herziening van de subsidiereglementen voor het verenigingsleven binnen Departement vrije tijd en ontwikkeling. Deze herwerking heeft als doel te komen tot een transparant, eenvoudig en toekomstgericht subsidiekader dat beter aansluit bij de actuele noden van verenigingen en de beleidsprioriteiten van het bestuur.
Voor het luik sport werd, in lijn met het globale traject, een participatieve aanpak gehanteerd waarbij sportverenigingen werden bevraagd over hun noden en verwachtingen. De keuzes die in het nieuwe subsidiereglement zijn opgenomen, zijn gebaseerd op deze input, aangevuld met interne afstemming binnen Team sport en externe begeleiding van Mondea.
Voorliggende ontwerpversie betekent een duidelijke inhoudelijke koerswijziging ten opzichte van het vorige reglement. Waar het vroegere systeem eerder forfaitair en historisch gegroeid was, wordt nu gekozen voor een kwalitatief en inhoudelijk onderbouwd puntensysteem. Deze aanpak werd expliciet gevraagd door de sportverenigingen zelf, die aangaven een objectiever en transparanter systeem te verkiezen boven forfaitaire ondersteuning.
De beoordeling binnen het nieuwe model gebeurt op basis van een beperkt en overzichtelijk aantal parameters, met onder meer aandacht voor:
Met deze parameters wil het lokaal bestuur sportverenigingen gericht ondersteunen op basis van kwaliteit, duurzaamheid en maatschappelijke meerwaarde. Verenigingen die investeren in opleiding, continuïteit en inclusie worden op die manier sterker gewaardeerd.
Een belangrijk aandachtspunt binnen het nieuwe reglement is infrastructuur. Uit de bevraging van de sportverenigingen blijkt dat dit één van de grootste bezorgdheden is. Daarom werd bewust gekozen om:
Het nieuwe sportsubsidiereglement vormt aldus een bewuste keuze voor een meer kwaliteitsgericht, transparant en toekomstgericht ondersteuningsmodel, waarbij de beschikbare middelen doelgericht worden ingezet ten voordele van een sterk, duurzaam en inclusief sportlandschap in Hamme.
In uitvoering van het collegebesluit van 18 mei 2026 werd het reglement ter advies voorgelegd aan de sportraad.
Het advies werd ingewonnen via een digitale bevraging. In totaal namen 10 verenigingen deel aan de bevraging.
Globaal werd een gunstig advies met opmerkingen geformuleerd. De geformuleerde aandachtspunten worden hieronder gebundeld, samen met de beoordeling door de administratie en de eventuele impact op het reglement.
| AANDACHTSPUNT SPORTRAAD | ANTWOORD | AANPASSING REGLEMENT |
|
De gehanteerde definitie van “trainer” wordt als te strikt ervaren, waardoor recreatieve sportverenigingen (zoals fiets-, wandel- en recreatieve clubs) moeilijk voldoen aan de voorwaarden.
|
Het criterium “trainer” is een bewuste beleidskeuze om kwaliteit van begeleiding te stimuleren. Het reglement laat reeds ruimte doordat een trainer niet noodzakelijk gediplomeerd moet zijn. De toepassing zal gebeuren met oog voor de eigenheid van verschillende sporttakken (recreatief vs. competitief).
|
Geen aanpassing. Wel verduidelijking in de toepassing (interpretatie als lesgever/begeleider).
|
|
De vooropgestelde drempels (bv. aantal leden, trainers, trainingsuren) worden als hoog en mogelijk moeilijk haalbaar beschouwd.
|
De gehanteerde drempels zijn een expliciete beleidskeuze om kwaliteit, continuïteit en schaal van werking te valoriseren. Tegelijk blijft instap mogelijk via lagere niveaus en via de werkingssubsidie die breder verdeelt.
|
Geen aanpassing. Evaluatie wordt voorzien na eerste toepassingsjaar. |
|
Onzekerheid over de vereiste kwalificaties van trainers (A-, B-, C-niveau, instructeur, …).
|
De vraag naar duidelijkheid is terecht. Het betreft kwalificaties binnen het kader van de Vlaamse Trainersschool (VTS) of gelijkwaardig.
|
Verduidelijking van het referentiekader (VTS of gelijkwaardig) in het reglement of de toelichting. |
|
Onduidelijkheid over de interpretatie van het begrip “training” (bv. in geval van competitieploegen die afzonderlijk functioneren van recreanten).
|
Het reglement definieert een training als een leer- en oefenmoment onder begeleiding. De concrete toepassing zal rekening houden met de eigenheid van de sport en de organisatievorm.
|
Geen aanpassing. Wel verduidelijking via toepassing//toelichting.
|
|
Onzekerheid over de toepassing van de slotbepaling en de aanvraagtermijn voor impulssubsidies bij inwerkingtreding (1 juli 2026), in het bijzonder voor evenementen in de zomerperiode.
|
Deze bezorgdheid vertrekt vanuit de veronderstelling dat het nieuwe subsidiereglement onmiddellijk van toepassing is op werkingsjaar 2026. Voor 2026 werd echter een overgangsregeling voorzien waarbij subsidies via nominatieve toekenning werden uitbetaald, los van een reglementair kader. Het voorliggende reglement introduceert een nieuw subsidiestelsel dat geldt voor de volgende subsidiecyclus en dat de bestaande regeling vervangt.
|
Geen aanpassing.
|
|
Bezorgdheid dat het reglement sterk focust op jeugdwerking en minder rekening houdt met andere doelgroepen (bv. 50+ sporters).
|
De ondersteuning van jeugdwerking is een bewuste beleidskeuze. Tegelijk voorziet het reglement expliciet impulssubsidies voor specifieke doelgroepen, waaronder senioren.
|
Geen aanpassing. |
|
Onzekerheid over de praktische toepassing bij inwerkingtreding (bv. timing van subsidieaanvragen in relatie tot lopende activiteiten).
|
De bezorgdheid is begrijpelijk bij de overgang naar een nieuw systeem. Dit wordt opgevangen via duidelijke communicatie en begeleiding van de verenigingen.
|
Geen aanpassing. De administratie voorziet een infosessie en communicatie bij opstart. |
BESLUIT:
Enig artikel.
De gemeenteraad keurt het subsidiereglement voor organisatoren van een regulier sportaanbod goed, zoals onderaan weergegeven:
Art. 1: Gemeente Hamme wil erkende Hamse verenigingen die een duurzaam en regulier sportaanbod organiseren dat minstens gericht is naar de inwoners van de gemeente, ondersteunen door middel van een financiële tegemoetkoming in de werkingskosten. Op die manier kan het vrijetijdsaanbod dat door deze verenigingen georganiseerd wordt financieel laagdrempelig gehouden worden.
Daarnaast wil de gemeente deze verenigingen ook stimuleren tot nemen van drempelverlagende initiatieven en het organiseren van een laagdrempelig sportaanbod en/of publieke sportevenementen.
Art. 2: Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Art. 3: Komen in aanmerking voor subsidies als organisator van een regulier sportaanbod: alle verenigingen die een regulier sportaanbod organiseren en voldoen aan de voorwaarden van dit reglement.
Art. 4: Leden, trainers, animatoren, activiteiten en andere objectief vaststelbare elementen kunnen door eenzelfde vereniging slechts éénmaal worden ingebracht als basis voor gemeentelijke subsidiëring. De uitsluiting van dubbele subsidiëring geldt uitsluitend op het niveau van de aanvragende vereniging.
Art. 5: Om recht te hebben op subsidies als organisator van een regulier sportaanbod dient de aanvrager cumulatief te voldoen aan volgende voorwaarden:
Art. 6: De subsidies voor het lopende werkjaar voor organisatoren van een sportaanbod worden berekend op basis van gekende gegevens over het afgelopen werkjaar en zijn samengesteld uit volgende onderdelen:
Art. 7: Verenigingen die geen gebruik maken van gemeentelijke buitenterreinen aan voordeeltarief kunnen één van onderstaande basissubsidies krijgen, voor zover zij voldoen aan elke van de bijhorende objectieve criteria:
| CRITERIA |
BRONS |
ZILVER |
GOUD |
| € 150 |
€ 250 |
€ 400 |
|
| Aantal sportende leden |
20 of meer |
100 of meer |
250 of meer |
| Aantal actieve trainers |
1 of meer |
3 of meer |
5 of meer |
| Aantal trainingsmomenten |
2 of meer |
5 of meer |
10 of meer |
Art. 8: Enkel erkende sportverenigingen komen in aanmerking voor de impulssubsidies. Deze worden als volgt berekend:
| ACTIE |
MEETEENHEID |
IMPULSSUBSIDIE |
| Drempelverlagende initiatieven |
Per initiatief |
€ 50 met een maximum van € 200 |
| Sportaanbod voor specifieke doelgroepen |
Per activiteit |
€ 50 met een maximum van € 400 |
| Doorlopend aanbod |
€ 400 |
|
| Organisatie publiek sportevenement |
30 tot 50 deelnemers |
€ 200 |
| 50 tot 100 deelnemers |
€ 300 |
|
| Meer dan 100 deelnemers |
€ 400 |
Art. 9: De werkingssubsidie wordt vervolgens berekend door het resterende voorziene subsidiekrediet te delen door het totaal aantal punten, behaald door alle verenigingen, op basis onderstaande puntenverdeling:
|
|
AANTAL/SITUATIE |
PUNTEN |
| Actieve periode |
4 – 7 maanden |
3 |
| 8 – 11 maanden |
5 |
|
| 12 maanden |
8 |
|
| Visietekst |
2 |
|
| Beleidsplan |
10 |
|
| Aanbod |
Recreatief |
2 |
| Competitief |
2 |
|
| Beide |
5 |
|
| Kwalificatie trainers |
per trainer C |
2 |
| per instructeur B |
4 |
|
| per trainer B |
6 |
|
| per trainer A |
8 |
|
| Per jeugdteam of -groep |
2 |
|
Voor de kwalificatie van trainers worden uitsluitend kwalificaties erkend door de Vlaamse Trainersschool (VTS) in aanmerking genomen. De punten worden toegekend per actieve trainer op basis van de hoogste behaalde VTS-kwalificatie.
Art. 10: Met uitzondering van de impulssubsidie voor de organisatie van een publiek sportevenement, kunnen de subsidies jaarlijks verkregen worden door het volgen van de hierna beschreven procedure.
De aanvrager wordt geacht om eventuele andere nodige bewijsstukken voor het voldoen aan de voorwaarden tot subsidiëring ter beschikking te houden voor eventuele controle.
Art. 11: De impulssubsidie voor de organisatie van een publiek sportevenement kan doorheen he hele jaar aangevraagd worden door het volgen van de hierna beschreven procedure.
Art. 12: Elke subsidieontvanger moet de subsidie gebruiken voor het doel waarvoor ze werd toegekend. De gemeente kan en mag controleren of de subsidie effectief voor dat doel wordt ingezet en kan hiervoor een controle ter plaatse uitvoeren of laten uitvoeren.
Art. 13: De subsidie kan geheel of gedeeltelijk teruggevorderd worden:
Art. 14: Vastgestelde misbruiken kunnen daarnaast leiden tot (tijdelijke) uitsluiting van de betrokken vereniging van (toekomstige) gemeentelijke subsidies. De sanctionerende maatregel is hierbij proportioneel in verhouding tot de vastgestelde inbreuk(en).
Slotbepalingen
Art. 15: Dit reglement treedt in werking op 1 juli 2026.
Art. 16: Dit reglement wordt geëvalueerd, minstens na de eerste toepassing ervan, en kan worden aangepast op basis van de bevindingen. De sportraad zal hierbij om een advies gevraagd worden.