Het Agentschap Binnenlands Bestuur stelde vast dat de gemeente in het retributiereglement op het parkeren, een onderscheid maakt tussen binnenlandse en buitenlandse nummerplaathouders wat betreft de aanrekening van de kosten voor een eerste aanmaning in verband met de invordering van parkeerretributies. Voor binnenlandse bestuurders is de eerste aanmaning gratis, terwijl deze voor buitenlandse bestuurders betalend is.
Wanneer de kosten voor de eerste betalingsaanmaning uitsluitend aangerekend worden aan houders van een buitenlandse nummerplaat, handelt de gemeente in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Dit beginsel belet namelijk dat een buitenlandse nummerplaathouder anders behandeld wordt dan een binnenlandse nummerplaathouder.
Artikel 6 van het reglement dient dan ook aangepast te worden.
JURIDISCHE CONTEXT:
FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:
BESLUIT:
Artikel 1.
Er wordt een gemeentelijke retributie gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen, op de openbare weg of op het openbaar domein, waar een blauwe zone of een zone voor tijdsgelimiteerd parkeren is voorzien.
Aan de retributie op het parkeren in een blauwe zone en op plaatsen voor tijdsgelimiteerd parkeren wordt onderworpen:
Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.
Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 2, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.
Art. 2.
De retributie wordt als volgt vastgesteld:
Het parkeren is gratis voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden en mits het plaatsen van een parkeerschijf.
Het parkeren geeft aanleiding tot een ondeelbaar forfaitair bedrag van € 25 per dag:
De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van de parkeerschijf, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1.12.1975.
Zijn niet onderworpen aan de retributie:
Art. 3.
De retributie is verschuldigd door de gebruiker van het voertuig. Indien de gebruiker niet gekend is, is de retributie verschuldigd door de titularis van de nummerplaat van het voertuig.
De retributie is verschuldigd zodra het voertuig langer geparkeerd is dan de tijd die toegelaten is door de verkeersborden.
Art. 4.
Een afwijking op het retributiereglement wordt toegekend aan bewoners die in het bezit zijn van een (digitale) parkeerkaart bewoners.
Enkel bewoners met een hoofdverblijfplaats in de straten die ressorteren onder de betalende of de blauwe zone of bewoners met een hoofdverblijfplaats in straten en pleinen ingesloten tussen deze betalende of blauwe zones en waar geen parkeerplaatsen zijn, komen in aanmerking voor de uitreiking van een bewonerskaart. Per domicilieadres worden er meerdere bewonerskaarten toegestaan. De eerste bewonerskaart voor een gegeven domicilieadres is gratis. Vanaf de tweede bewonerskaart op eenzelfde adres bedraagt de kostprijs 75 euro per jaar per bewonerskaart. De retributie wordt vooraf betaald en het bedrag is ondeelbaar.
Een bewonerskaart is steeds gekoppeld aan één kentekenplaat. De bewonerskaarten worden aangevraagd en louter digitaal uitgereikt via de concessiehouder die door de gemeente belast is met de exploitatie van het parkeerbeheer. De bewonerskaart kan verkregen worden voor één of twee jaar en kan na het aflopen van die termijn, indien gewenst, vernieuwd worden.
De parkeerkaarten zijn enkel geldig in de blauwe parkeerzones, niet in de betalende en de zones bestemd voor kortparkeren, en geven het voertuig gekoppeld aan de kaart het recht kosteloos en zonder tijdsbeperking aldaar te parkeren.
De parkeerkaarten van bewoners gedomicilieerd in een betalende zone geeft in deze betalende zone recht op parkeren aan halve prijs doch niet langer dan toegelaten volgens het geldende reglement.
De parkeerkaarten kunnen aangevraagd worden zowel door bewoners die gedomicilieerd zijn in een blauwe zone als door bewoners die gedomicilieerd zijn in een betalende zone als bewoners die in een (deel van een) straat wonen waar geen parkeerplaatsen zijn maar die wordt ingesloten door de blauwe en/of betalende zone gelet op de geldende modaliteiten.
Voor een handelaarsplaat (Z-plaat) of taxinummerplaat kan geen bewonerskaart aangevraagd worden.
De bewonerskaart moet aangevraagd worden bij het parkeerbedrijf-concessiehouder en vergezeld zijn van de volgende bewijsstukken:
Deze retributie is verschuldigd door de titularis van de bewonerskaart.
Art. 5.
De controle en de inning dient te gebeuren overeenkomstig het bedingen van de concessie van openbare dienst.
In ieder geval echter wordt, indien bij controle wordt vastgesteld dat de retributie verschuldigd is, een uitnodiging om de retributie te betalen op de voorruit van het voertuig aangebracht.
Art. 6.
Aanmaningen en invorderingen met betrekking tot onbetaald gebleven retributies gebeuren overeenkomstig de wijze en de tarieven zoals hierna bepaald .
De retributie die niet betaald wordt volgens de richtlijnen vermeld staande op de retributieheffing ( afgeleverd door de parkeerwachter op de wagen, of toegestuurd per post ) volgt de minnelijke aanmaningsprocedure (hetzij B2B, hetzij B2C), met administratieve kosten ten laste van de wanbetaler:
De gevorderde verwijlintresten worden gerekend vanaf de ingebrekestelling op de nog te betalen som tegen de referentie-intrestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in art 5, lid 2 van de Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betaalachterstand bij handelstransacties. ( zie ook: Art XIX.4, 1° WER).
Art. 7.
De voormelde retributie geldt vanaf de start van de concessie van openbare dienst op de controle op gedepenaliseerd parkeren en de inning van de parkeervergoedingen.
Art. 8.
Het reglement van 25 oktober 2023 betreffende de retributie op het parkeren in een blauwe zone wordt opgeheven.