Terug
Gepubliceerd op 27/01/2026

Notulen  gemeenteraad

ma 15/12/2025 - 20:00 raadzaal
Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
André Reuse, algemeen directeur
Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

De voorzitter opent de zitting op 15/12/2025 om 23:42.

Van de zitting wordt een audio(visuele) opname gemaakt overeenkomstig artikel 278 §1, 2° en 4° lid van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur. 

 

Omdat de raad voor maatschappelijk welzijn eerst het meerjarenplan van het OCMW moet vaststellen, zal de raad voor maatschappelijk welzijn voor de gemeenteraad starten.

  • Openbaar

    • GOEDKEURING NOTULEN

      • Notulen van de vorige zitting - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        De gemeenteraad bespreekt de notulen van de zitting van 24 november 2025.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        Keurt de notulen van 24 november 2025 goed.

    • BESTUUR EN BELEID

      • Intercommunales en verenigingen

        • Toerisme Oost-Vlaanderen vzw - algemene vergadering 16 december 2025 - goedkeuring agenda

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          De agenda van de algemene vergadering van Toerisme Oost-Vlaanderen vzw die plaatsvindt op 16 december 2025 om 20.00 u. wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel:
            • 40 en 41 i.v.m. de bevoegdheden van de gemeenteraad.
            • 41 4° met betrekking tot deelname in rechtspersonen en samenwerking.
            • 432, alinea 3 waarbij bepaald wordt dat de deelnemende gemeenten hun vertegenwoordigers voor een algemene vergadering van een opdrachthoudende vereniging bij gemeenteraadsbesluit dienen aan te wijzen uit de leden van de gemeenteraad en dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
          • De wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, artikel 180.
          • De statuten van Toerisme Oost-Vlaanderen vzw.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • De gemeente is voor één of meerdere activiteiten aangesloten bij Toerisme Oost-Vlaanderen vzw.
          • De uitnodiging van dinsdag 18 november 2025 vanwege Toerisme Oost-Vlaanderen vzw voor de algemene vergadering die zal plaatsvinden op dinsdag 16 december 2025 om 20.00 u. te De Maalderij, Nerenhoek 37, 9080 Zaffelare.
          • Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om onderstaande agenda goed te keuren:
            1. Verwelkoming en aanwezigheden/volmachten
            2. Agenda vergadering en verslag vorige vergadering (25/06/2025)
            3. Organisatie, leden en bestuur
            4. Korte terugblik 2025
            5. Jaarplan en budget 2026
            6. Varia en rondvraag:
              • data vergaderingen 2026
              • meerjarenbeleid
              • rondvraag
          • Overeenkomstig de statuten van Toerisme Oost-Vlaanderen vzw beschikt de gemeente Hamme over de mogelijkheid om 1 vertegenwoordiger aan te stellen. Daarnaast wordt gevraagd om per vertegenwoordiger ook één plaatsvervanger aan te duiden.
          • Overeenkomstig artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur dient de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
          • Tijdens de gemeenteraad van 27 januari 2025 werden volgende vertegenwoordigers van de gemeente aangeduid tot het einde van de legislatuur:
            • Jo Laureys, effectief
            • Veerle De Clercq, plaatsvervangend
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          De gemeenteraad keurt de agenda goed van de algemene vergadering van Toerisme Oost-Vlaanderen vzw van 16 december 2025:

          1. Verwelkoming en aanwezigheden/volmachten
          2. Agenda vergadering en verslag vorige vergadering (25/06/2025)
          3. Organisatie, leden en bestuur
          4. Korte terugblik 2025
          5. Jaarplan en budget 2026
          6. Varia en rondvraag:
            • data vergaderingen 2026
            • meerjarenbeleid
            • rondvraag

          Art. 2.

          De gemeenteraad duidt volgende lasthebbers tot het einde van de legislatuur aan als effectief vertegenwoordiger en plaatsvervangend vertegenwoordiger namens de gemeente Hamme in de algemene vergadering van Toerisme Oost-Vlaanderen vzw:

          • effectief vertegenwoordiger: Jo Laureys
          • plaatsvervangend vertegenwoordiger: Veerle De Clercq


    • OMGEVING EN ONDERNEMEN

      • Ondernemen

        • Wijziging subsidiestroom Regierol Sociale Economie en Werk (SEW) vanaf 2026 – behoud samenwerking IVSES en doorstorting aandeel regierol - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Wijziging subsidiestroom Regierol Sociale Economie en Werk (SEW) vanaf 2026 – behoud samenwerking IVSES en doorstorting aandeel regierol.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en in het bijzonder:
            • Artikel 40, betreffende de bevoegdheid van de gemeenteraad inzake beleidslijnen en samenwerkingen.
            • Artikel 41, betreffende de oprichting en deelname aan samenwerkingsverbanden.
            • Artikel 56, betreffende het toezicht van de gemeenteraad op de werking van intergemeentelijke samenwerkingen.
          • De mail van 9 oktober 2025 vanuit IVSES, gericht aan de burgemeesters, bevoegde schepenen en algemeen directeurs, waarin IVSES de aandacht vestigt op de aankondiging van de Vlaamse Overheid dat de subsidiestroom in het kader van de Regierol Sociale Economie en Werk (SEW) vanaf 2026 zal worden gewijzigd.
          • De communicatie van het Departement Werk, Economie, Wetenschap, Innovatie en Sociale Economie (WEWIS) van 9 oktober 2025, getiteld “Nieuwe financieringswijze voor het lokaal sociale-economiebeleid vanaf 2026”.
          • De bestaande samenwerking met IVSES (Intergemeentelijke Vereniging Sociale Economie Scheldeland), waarin de gemeente deelneemt aan de uitvoering van het lokaal sociale-economiebeleid en de regierol SEW op regionaal niveau.
          • Het burgemeestersoverleg van DDS van 1 september 2025, waar werd bevestigd dat het behoud van een overkoepelende structuur en een gedeeld informatieplatform binnen IVSES wenselijk blijft om de intergemeentelijke samenwerking binnen het beleidsdomein Sociale Economie en Werk efficiënt te kunnen verderzetten.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Vlaanderen heeft beslist dat de subsidiestroom voor de regierol Sociale Economie en Werk (SEW) vanaf 2026 zal wijzigen.
          • Tot op heden de middelen voor de regierol SEW werden uitbetaald aan het samenwerkingsverband IVSES (via de beherende gemeente Hamme), waarmee de regisseur SEW, in overleg met het beheerscomité en onder toezicht van het departement WSE, de Vlaamse beleidsprioriteiten uitvoerde.
          • Deze Vlaamse beleidsprioriteiten, in samenspraak met de lokale besturen via het beheerscomité van IVSES, vanaf 2026 kunnen omgezet worden naar op maat gemaakte acties volgens lokale noden.
          • Vanaf 2026 deze middelen rechtstreeks aan de afzonderlijke lokale besturen zullen worden overgemaakt, samen met de middelen voor de Aanvullende Lokale Diensten (ALD), onder de nieuwe benaming “Algemene financiering van de gemeenten ter ondersteuning van een lokaal sociale-economiebeleid”.
          • Intergemeentelijke samenwerking door Vlaanderen wordt aangemoedigd, ondanks de gewijzigde financieringswijze.
          • Het noodzakelijk lijkt dat de deelnemende gemeenten hun aandeel van de vroegere regierol SEW-middelen blijven samenbrengen binnen IVSES om de gezamenlijke werking te blijven verzekeren.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          Kennisname van de gewijzigde financieringswijze:

          De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van de Vlaamse overheid om, vanaf 2026, de middelen voor de Regierol Sociale Economie en Werk (SEW) en de Aanvullende Lokale Diensten (ALD) rechtstreeks aan de lokale besturen uit te keren onder één algemene noemer “Algemene financiering van de gemeenten ter ondersteuning van een lokaal sociale-economiebeleid”. De exacte tijdstippen van uitbetalen werden nog niet bepaald.

          Art. 2.

          Behoud samenwerking IVSES:

          Net zoals besproken tijdens het burgemeestersoverleg DDS van 1 september 2025, erkent en bevestigt ook de gemeenteraad dat het noodzakelijk blijft om de overkoepelende structuur en het informatieplatform van IVSES te behouden, zodat de intergemeentelijke samenwerking binnen het beleidsdomein Sociale Economie en Werk efficiënt kan worden verdergezet.

          Art. 3.

          Doorstorting aandeel regierol SEW:

          Om de werking van IVSES te verzekeren, beslist de gemeenteraad om het aandeel regierol SEW in de ontvangen Vlaamse middelen door te storten aan IVSES, overeenkomstig de onderlinge afspraken tussen de deelnemende gemeenten in het beheerscomité IVSES, waar vertegenwoordigers per lokaal bestuur in zetelen.

          Art. 4.

          Bijlage bij het besluit:

          De gemeenteraad gaat akkoord met de bijlage bij dit besluit waarin de bedragen worden vermeld per lokaal bestuur.

          Art. 5.

          Verdere procedure:

          Het college van burgemeester en schepenen wordt vanaf 2026 belast met:

          • Het uitvoeren van de doorstorting naar IVSES , uiterlijk 14 werkdagen na ontvangst van de middelen.

          Art. 6.

          Communicatie:

          Voor bijkomende vragen of verduidelijkingen kan rechtstreeks contact worden opgenomen met de regisseur Sociale Economie en Werk.

      • Milieu en klimaat

        • Aanstelling lokaal toezichthouder milieu - aktename

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          De gemeenteraad neemt akte van de aanstelling van een lokaal toezichthouder milieu vermeld in artikel 16 milieuhandhavingsbesluit.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Titel XVI ‘toezicht, handhaving en veiligheidsmaatregelen’ van het decreet algemene bepalingen milieubeleid dat op 1 mei 2009 in werking is getreden.
          • Artikel 16 van het uitvoeringsbesluit bij titel XVI ‘Toezicht, handhaving en veiligheidsmaatregelen’ van het decreet algemene bepalingen milieubeleid dat bepaalt:
            • Dat één jaar na de inwerkingtreding van het uitvoeringsbesluit van het decreet elke gemeente beroep moet kunnen doen op ten minste één lokale toezichthouder, die ofwel een gemeentelijke toezichthouder kan zijn, ofwel een toezichthouder van een politiezone, ofwel een toezichthouder van een intergemeentelijke vereniging.
            • Dat binnen 2 jaar na de inwerkingtreding van dit besluit elke gemeente met meer dan 30.000 inwoners of meer dan 300 klasse 2-inrichtingen beroep moet kunnen doen op minstens twee lokale toezichthouders.
          • Artikel 13 van het uitvoeringsbesluit bij Titel XVI ‘Toezicht, handhaving en veiligheidsmaatregelen’ van het decreet algemene bepalingen milieubeleid dat bepaalt dat een toezichthouder:
            • Ofwel in het bezit zijn van een bekwaamheidsbewijs waaruit blijkt dat zij een Vlarem – of handhavingsopleiding hebben genoten overeenkomstig de bepalingen van het decreet; deze opleiding omvat theoretische onderricht, praktisch onderricht en een bekwaamheidsproef.
            • Ofwel van de opleiding voorzien in artikel 59 van de milieuregelgeving VLAREM I geheel of gedeeltelijk zijn vrijgesteld.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Sedert de inwerkingtreding van het Milieuhandhavingsdecreet in 2009 gebeurt milieuhandhaving eenvormig voor alle milieuwetgeving door zogenaamde toezichthouders.
          • Het uitvoeringsbesluit verplicht lokale besturen een aantal toezichthouders aan te duiden.
          • Deze lokale toezichthouders moeten beschikken over een bekwaamheidsbewijs. Om dit te verkrijgen moeten zij een opleiding volgen, slagen voor de bekwaamheidsproeven en aangesteld worden door het bestuur. 
          • Mevrouw Ellen De Decker volgde een opleiding tot lokaal toezichthouder milieu bij de erkende opleidingsinstelling Provincie Antwerpen i.s.m. Inovant - AP Hogeschool en PIH (september 2024 - juni 2025) en behaalde hiervoor een getuigschrift.
          • Het college van burgemeester en schepenen stelde mevrouw Ellen De Decker aan als lokaal toezichthouder. Gelet op het belang hiervan, wordt dit heden ter kennis gebracht van de gemeenteraad.
          • Na de eedaflegging voor het college van burgemeester en schepenen zal er bij het Departement Omgeving een bekwaamheidsbewijs en legitimatiekaart moeten worden aangevraagd. Als toezichthouder beschikt men pas over de bevoegdheden vanaf de datum van ondertekening van het bekwaamheidsbewijs.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          Mevrouw Ellen De Decker wordt aangesteld als lokaal toezichthouder in toepassing van titel XVI van het DABM voor het grondgebied van de gemeente Hamme.

          Art. 2.

          De geldigheid van het huidige ambt neemt automatisch een einde op de dag dat de belanghebbende de gemeentelijke administratie verlaat.

        • Subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door individuen - aanpassing - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          De gemeenteraad keurde in zitting van 29 maart 2017 het subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door individuen goed. Het reglement werd op 28 februari 2018 en 19 februari 2020 aangepast en is opnieuw aan herziening toe. Het herziene subsidiereglement wordt ter goedkeuring voorgelegd.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40 dat de bevoegdheid tot het opstellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • De gemeenteraad keurde in zitting van 29 maart 2017 het subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door individuen goed. Het reglement werd op 28 februari 2018 en 19 februari 2020 aangepast.
          • Artikel 2 van het reglement beperkt de subsidie in de tijd. Het huidige reglement is geldig tot 31 december 2025.
          • Het reglement heeft de voorbije jaren zijn nut bewezen. Er zijn ondertussen circa 120 zwerfvuilvrijwilligers en glasbolmeters en -peters actief.
          • De strijd tegen zwerfvuil is een beleidsprioriteit. Het blijft belangrijk vrijwilligers hierbij te betrekken.
          • Krediet voor deze subsidie is voorzien in het meerjarenplannen onder 'toegestane werkingssubsidies aan gezinnen'.
          • Er zijn verschillende redenen om het subsidiereglement aan te passen:
            • Er zijn nieuwe definities opgenomen in het ontwerpreglement.
            • Door de ingebruikname van Mijn Mooie Straat is de wijze waarop meldingen dienen te gebeuren veranderd.
          • Het college van burgemeester en schepenen ging in zitting van 1 december 2025 principieel akkoord met de herziening van het gemeentelijk subsidiereglement en besliste het ontwerpreglement ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          De gemeenteraad neemt kennis van de voorgestelde aanpassingen en keurt deze goed.

          Art. 2.

          De gemeenteraad neemt kennis van het aangepaste reglement, zoals hieronder beschreven, en keurt dit goed.

          Subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door individuen.

          Artikel 1. Voor de toepassing van dit reglement gelden volgende definities:

          • Zwerfvuil: Klein afval dat vaak nonchalant en er zonder bij stil te staan op straat wordt weggegooid. Voorbeelden: sigarettenpeuken, kauwgom, etensresten, blikjes, plastic flesjes, tickets, papieren zakjes, kranten, tijdschriften.
          • Sluikstort: Grotere stukken afval of afval in grotere hoeveelheden, achtergelaten op plaatsen die niet bestemd zijn voor afval, en waarvan aangenomen kan worden dat ze opzettelijk achtergelaten werden. Voorbeelden: huishoudelijk afval dat in een klein zakje in een gemeentelijke vuilnisbak wordt gegooid, grotere stukken afval die worden achtergelaten (zoals matrassen of koelkasten), bouw- en sloopafval dat ergens wordt gedumpt.
          • Mijn Mooie Straat-app: De Mijn Mooie Straat-app is een mobiele applicatie van Mooimakers waarmee burgers zwerfvuil en sluikstort kunnen melden en vrijwillige opruimacties kunnen registreren. De app is ontwikkeld om lokale besturen te helpen bij het bestrijden van zwerfvuil door meldingen centraal te verzamelen en opruimacties in kaart te brengen, zodat ze deze efficiënt kunnen opvolgen en bijsturen. 

          Artikel 2. Inwoners van de gemeente Hamme kunnen met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 voor het inzamelen van zwerfvuil een subsidie krijgen in de vorm van waardebonnen. Het totaalbedrag van de waardebonnen is vastgelegd op 30 euro per jaar. Deze tegemoetkoming wordt toegekend onder de voorwaarden van dit reglement.

          Artikel 3. Wie in aanmerking wil komen voor de subsidie zoals vermeld in dit reglement, gaat één van de volgende engagementen aan:

          § 1. Opruimen van zwerfvuil langs wegen. Hiervoor moet over een weglengte van minstens 500 meter zwerfvuil opgeruimd worden en dit drie keer per kalenderjaar. Wie twee keer per kalenderjaar over deze minimumafstand aval opgeruimd heeft, komt in aanmerking voor een bon ter waarde van 20 euro.

          § 2. Opruimen van zwerfvuil rond glasbollen in het kader van het glasbolmeter/-peterschapsproject. Glasbolmeters en -peters ontfermen zich over een glasbolsite. Aanvullend op de wekelijkse controle van de glasbolsites door de intercommunale Verko ruimen de glasbolmeters en -peters zwerfvuil op en melden ze sluikstorten en/ of volle glasbollen via Mijn Mooie Straat aan het lokaal bestuur. Ze doen dit op een regelmatige basis, afhankelijk van de noodzaak.

          Artikel 4. Opruimacties na privé-evenementen of op private terreinen komen niet in aanmerking voor deze subsidie. Organisatoren van dergelijke evenementen worden bij de goedkeuring van hun evenement verplicht om in te staan voor de opruiming van het afval dat er uit voortkomt.

          Artikel 5. Subsidieaanvragen van minderjarigen zonder begeleiding worden geweigerd om veiligheidsredenen. Uit de aanvraag moet blijken dat er voldoende veiligheidsmaatregelen genomen worden om verkeersongevallen te vermijden.

          Artikel 6. De aanvrager handelt niet in opdracht van het lokaal bestuur.

          Artikel 7. De subsidie wordt aangevraagd voor het opruimen van afval (al dan niet rond een glasbol) begint. De aanvrager neemt hiertoe contact op met het lokaal bestuur. Het lokaal bestuur zal vóór de activiteit bedoeld in dit reglement een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid voor schade aan derden en lichamelijke ongevallen afsluiten.

          Artikel 8. De subsidieaanvraag gebeurt via een online aanvraagformulier dat door het lokaal bestuur ter beschikking wordt gesteld.

          Artikel 9. Zwerfvuilvrijwilligers, ook Mooimakers genoemd, kunnen zich gedurende het hele kalenderjaar aanmelden. Om in aanmerking te komen voor de subsidie dienen zij wel uiterlijk op 31 oktober van het lopende jaar het minimumaantal opruimsessies, zoals bepaald in art. 3 §1, uitgevoerd te hebben.  Elke opruimsessie dient geregistreerd te worden in de Mijn Mooie Straat-app.

          Artikel 10. Als de aanvrager een opruimtraject kiest dat al door andere vrijwilligers onderhouden wordt of door het lokaal bestuur met de veegwagen onderhouden wordt, kan het lokaal bestuur de subsidie weigeren.

          Artikel 11. De aanvrager kan gratis ondersteunend materiaal krijgen van het lokaal bestuur. Het lokaal bestuur stelt handschoenen, grijpstokken, zwerfvuilzakken en fluohesjes ter beschikking.

          Artikel 12. Als de aanvrager tijdens een opruimacties sluikstort of gevaarlijke afvalstoffen (bijvoorbeeld injectienaalden) aantreft, ruimt hij die niet zelf op. Hij meldt de locatie via Mijn Mooie Straat aan het lokaal bestuur.

          Artikel 13. Het ingezamelde afval wordt op vraag van de aanvrager opgehaald door Team openbare netheid van het lokaal bestuur. De aanvrager vraagt de ophaling aan via Mijn Mooie Straat.

          Artikel 14. Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur zal de opruimacties controleren via Mijn Mooie Straat. De aanvrager dient hiervoor zijn opruimsessie te registreren via de Mijn Mooie Straat-app.

          Artikel 15. De waardebonnen worden toegekend na goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen.

          Artikel 16. Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

          Artikel 17. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de financiële dienst van het lokaal bestuur.

        • Gemeentelijk subsidiereglement kleine landschapselementen (KLE's) - herziening - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Het huidige gemeentelijk subsidiereglement kleine landschapselementen (KLE's) dateert van 2010 en is aan herziening toe. Het herziene subsidiereglement wordt ter goedkeuring voorgelegd.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, tweede lid, 23° dat bepaalt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de vaststelling van de subsidiereglementen.
          • Het gemeentelijk subsidiereglement kleine landschapselementen zoals goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 24 november 2010.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Met het oog op de optimalisering van de gemeentelijke subsidieregeling voor kleine landschapselementen (afgekort: KLE's) nam het Regionaal Landschap Schelde-Durme (afgekort: RLSD) op vraag van de gemeenten in 2010 het initiatief tot het opstellen van een vrijblijvend voorstel van intergemeentelijk subsidiereglement voor KLE's. Nagenoeg alle gemeenten van het RLSD beschikken nu over een gemeentelijk subsidiereglement voor de aanplant en/of het onderhoud van KLE's. In Hamme werd een reglement goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 24 november 2010 (zie bijlage).
          • Houtkanten, hagen, poelen, hoogstammige fruitbomen, bomenrijen, sloten en dergelijke zijn allemaal voorbeelden van KLE's. Vroeger hadden deze elementen vaak een functionele rol: vee dronk uit poelen, meidoornheggen hielden het vee binnen de weiden en knotbomen markeerden perceelgrenzen. Met de komst van moderne alternatieven verdwenen veel van deze natuurpareltjes uit het landschap. Nochtans zijn KLE's zijn van grote waarde:
            • Cultureel erfgoed: KLE's zijn diepgeworteld in onze geschiedenis en streekidentiteit. Ze vertellen verhalen over vroegere landbouwpraktijken. Ze verdienen aandacht en bescherming als onderdeel van ons cultureel erfgoed.
            • Landschappelijk belang: Ze dragen bij aan het karakter van het landschap en zorgen voor de eigenheid van onze streek.
            • Biodiversiteit: KLE's bieden belangrijke habitats voor vogels, amfibieën en andere dieren. Ze fungeren als corridors en stapstenen, essentieel voor de migratie en voortplanting van veel soorten, waaronder vleermuizen.
            • Klimaatadaptatie: Ze dragen bij aan klimaatbestendigheid door CO2-opslag, waterregulatie en schaduwvoorziening.
            • Ecosysteemdiensten: KLE's leveren tal van voordelen, zoals hout- en voedselproductie, bescherming tegen overstromingen en erosie, lucht- en waterzuivering, bodemvruchtbaarheid, plaagbestrijding en bestuiving.
            • Belevingswaarde: KLE's verhogen de leefkwaliteit door het landschap aantrekkelijker te maken voor wonen, werken en recreatie.
          • Hoewel KLE's speciale bescherming genieten volgens het decreet op het natuurbehoud, verdwijnen ze nog steeds in een hoog tempo.
          • In diverse beleidsdocumenten van het lokaal bestuur Hamme zijn engagementen opgenomen om het landschap te versterken en de biodiversiteit te herstellen.
          • Met een KLE’s-subsidie ondersteunt het lokaal bestuur inwoners bij de aanleg en het beheer van KLE's. Het is een belangrijk instrument om het netwerk van KLE’s in de gemeente te herstellen en versterken. Dit is cruciaal voor een duurzame inrichting van onze leefomgeving, ter bestrijding van de biodiversiteits- en klimaatcrisis en om de landschapskwaliteit te verhogen. 
          • Het reglement van 2010 is toe aan een herziening. Het RLSD stelde een voorstel tot herziening op, na consultatie van de lidgemeenten, waaronder de gemeente Hamme (zie bijlage).
          • Er zijn verschillende redenen om het subsidiereglement te herzien:
            • Gering succes: De huidige subsidie wordt onvoldoende benut. Vermoedelijk is de aanvraagprocedure te hoogdrempelig of is de subsidie financieel weinig aantrekkelijk.
            • Ontbrekende thema's: Hoogstamboomgaarden, vlechtheggen, houtig erfgoed, enz. ontbreken, hoewel ze belangrijke KLE’s zijn.
            • Onvoldoende afgestemd op het huidige subsidielandschap: Andere subsidies (VLIF, Behaagacties, Landschapszorg) zijn interessanter voor vergelijkbare acties. Het  nieuwe voorstel is complementair en biedt financiële ondersteuning waar andere subsidies dat niet doen.
            • Nood aan nieuwe focus: De huidige subsidie focust vooral op aanleg, terwijl het behoud van bestaande KLE’s cruciaal is, aangezien oudere KLE's meer ecosysteemdiensten bieden dan jonge.
            • Klimaatopwarming: De belangrijke rol van KLE's in de strijd tegen klimaatverandering wordt meer en meer erkend. De aandacht van (lokale) overheden die er naartoe gaat neemt daardoor toe. Deze verhoogde aandacht dient zich te reflecteren in het subsidiereglement.
            • Verouderde inzichten: Sinds de goedkeuring van het oorspronkelijke reglement zijn inzichten gewijzigd, o.a. met betrekking op de gewenste plantperiode en de aandacht die besteed moet worden aan groeiplaats om de kans op slagen van nieuwe aanplanten te maximaliseren.
          • Het ontwerpreglement van het RLSD werd gebruikt als basis, maar werd meer afgestemd op maat van onze gemeente:
            • Enkele door het RLSD voorgestelde subsidiebedragen werden verlaagd, maar zijn substantieel hoger t.o.v. het huidige reglement. Zo stijgt de subsidie voor het knotten van knotbomen van 6,25 euro per boom tot 12 euro per boom, daar waar het RLSD 18,75 euro per boom voorstelde.
            • Enkele voorgestelde subsidiemogelijkheden werden geschrapt omdat ze niet relevant zijn voor de gemeente Hamme, moeilijk controleerbaar of op basis van ervaringen met het huidige reglement. Zo is in het huidige reglement een subsidie voorzien voor het onderhoud van trage wegen (ook in het ontwerp van het RLSD was dat zo). Dergelijke subsidie is niet zinvol gebleken. De voorbije 15 jaar werd immers geen enkele aanvraag in die zin ingediend en bovendien is het onderhoud van trage wegen hoe dan ook een verplichting van het lokaal bestuur. Knelpunten i.v.m. trage wegen kunnen in Hamme intussen gemeld worden door Wegspotters via Routechecker en door iedereen via Mijn Mooie Straat. 
            • Verder werden duidelijkere definities en voorwaarden opgenomen, werden nieuwe inzichten met betrekking tot aanplant en beheer verwerkt en werd de tekst vereenvoudigd.
            • In onderstaande tabel worden enkele verschillen in subsidiebedragen aangegeven tussen het huidige reglement, het voorstel van het RLSD en het voorstel zoals het wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. Het voorstel van het het RLSD om de maximale subsidie per aanvraag te beperken tot 500 euro wordt weerhouden:

            •  Categorie  Huidig  RLSD  Nieuw
               Aanplant haag, heg, houtkant  € 0,25/plant  € 5/10 planten  € 5/10 planten
               Aanplant knotbomen  € 2,5/boom  € 5/boom  € 5/boom
               Aanplant (hoogstamfruit)bomen  € 7,5/boom  € 15/boom  € 15/boom
               Bebossing kleine bosjes (< 1000 m²)  € 15/are  € 5/10 planten  € 5/10 planten
               Snoeien hagen  € 0,5/lopende meter  € 3/lopende meter  € 1/lopende meter
               Snoeien heggen, houtkant  € 1/lopende meter  € 3/lopende meter  € 3/lopende meter
               Knotten knotbomen  € 6,25/boom  € 18,75/boom  € 12/boom (5-jaarlijks)
               Afzetten hakhoutbosje  € 8/are  € 24/are  € 24/are (7-jaarlijks)
               Snoei jonge hoogstamfruitboom  -  € 5/boom (tot 5 jaar)  € 5/boom (tot 5 jaar na aanplant)
               Snoei volwassen hoogstamfruitboom   -  € 10/boom (3-jaarlijks)  € 10/boom (3-jaarlijks)
               Onderhoud waardevolle bomen door specialist  -  50 % kost (5-jaarlijks)  50 % kost (5-jaarlijks)
               Aanleg of ruimen poel  € 2,5/m²  € 2,5/m²  € 2,5/m² (5-jaarlijks)
               Ruimen sloot (historisch grasland)  € 1,25/lopende meter  € 1,25/lopende meter  € 1,25/lopende meter (5-jaarlijks)



          • Indien het nieuwe subsidiereglement wordt toegepast op de dossiers van de voorbije 6 jaar, dan zou dit op jaarbasis neerkomen op volgende subsidiebedragen:
          •  Jaar  Reglement 2020-2025  Reglement 2026-2031
             2020  € 932,50  € 1808,00
             2021  € 2502,75  € 3898,50
             2022  € 1270,00  € 2084,50
             2023  € 2060,00  € 2571,00
             2024  € 1906,25  € 2192,00
             2025  € 2275,25  € 3148,00
           
           
           
           
           
           
           
          • Voor alle milieu- en natuursubsidies aan gezinnen samen wordt in het meerjarenprogramma 2026-2031 een jaarlijks budget voorzien van 15.000 euro, wat toereikend is om de herzieningen door te voeren.
          • Het college van burgemeester en schepenen ging in zitting van 1 december 2025 principieel akkoord met de herziening van het gemeentelijk subsidiereglement KLE's en besliste het ontwerpreglement ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          De gemeenteraad neemt kennis van de voorgestelde aanpassingen en keurt deze goed.

          Art. 2.

          De gemeenteraad neemt kennis van het aangepaste reglement, zoals hieronder weergegeven, en keurt dit goed.

          Gemeentelijk Subsidiereglement Kleine Landschapselementen (KLE's)

          DEFINITIES

          Artikel 1. Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

          • Afzetten: Bomen en struiken afzagen op een hoogte die ongeveer gelijk is aan de dikte van de stam of takken. Afgezette bomen en struiken maken nieuwe takken aan vanuit de overgebleven stomp of wortels.
          • Autochtoon plantgoed (Label ‘Plant van Hier’): Een individuele plant is autochtoon of oorspronkelijk inheems in een bepaalde streek als deze een nakomeling is van planten die zich sinds hun spontane vestiging na de laatste ijstijd altijd natuurlijk hebben verjongd, of die kunstmatig vermeerderd werden met strikt lokaal materiaal.
          • Bomenrij: Lijnvormige aanplant van bomen.
          • Bosgoed: Plantgoed dat 2 à 3 jaar oud en ongeveer 80 tot 120 cm lang is en standaard gebruikt wordt bij aanplantingen.
          • Bos(je): Vlakvormige aanplant waarvan de bomen en de houtachtige struikvegetaties het belangrijkste bestanddeel uitmaken.
          • Bosrand: Overgang tussen een open terrein en een bosgebied. Een ecologisch goede bosrand bestaat uit een mantel en een zoom. De mantel is een struikzone. De zoom is een zone met ruigtekruiden.  De breedte van een goede bosrand varieert tussen de 1 tot 1,5 maal de boomhoogte.
          • Gemeenteweg: Openbare weg die onder het rechtstreekse en onmiddellijke beheer van de gemeente valt, ongeacht de eigenaar van de grond.
          • Haag: Dichte en doorlopende rij houtige struiken die door regelmatige en frequente snoei in vorm gehouden wordt.
          • Heg: Dichte en doorlopende rij houtige struiken met een minimaal beheer.
          • Hakhoutbosje: Bos(je) dat beheerd wordt door periodiek afzetten tot op een hoogte die ongeveer gelijk is aan de dikte van de stam of takken.
          • Herstelaanplant: Aanplanten van plantgoed om gaten te dichten in lijn- of vlakvormige aanplantingen om het oorspronkelijke streefbeeld te herstellen.
          • Historisch permanent grasland: Een halfnatuurlijke vegetatie bestaande uit grasland gekenmerkt door het langdurige grondgebruik als graasweide, hooiland of wisselweide met ofwel cultuurhistorische waarde, ofwel een soortenrijke vegetatie van kruiden en grassoorten waarbij het milieu wordt gekenmerkt door aanwezigheid van sloten, greppels, poelen, uitgesproken microreliëf, bronnen of kwelzones. Een overzicht van alle historisch permanente graslanden is te vinden op www.geopunt.be.
          • Hoogstammig plantgoed: Plantgoed met een takvrije stam en op 180 à 200 cm het begin van de kruin.
          • Hoogstamboomgaard: Aanplant van hoogstamfruitbomen in grasland in een regelmatig plantverband.
          • Hoogstamfruitboom: Fruitboom met een takvrije stam van minstens 180 cm.
          • Houtig erfgoed: Beplantingsvormen die representatief zijn voor het werk van de mens of van de natuur of van beiden samen. Ze vertellen iets over de geschiedenis van een bepaalde plaats. Ze illustreren oude gebruiken (bijvoorbeeld gerechtsbomen, kapelbomen, hoekbomen, welkomstbomen), historisch landgebruik (geriefhoutbosjes, knotbomen, boomgaarden…) of bepaalde technieken (leifruit, gevlochten hagen, schermbomen), ...
          • Houtkant: Doorlopende rij boomvormende en struikvormende soorten die beheerd worden door periodiek afzetten tot op een hoogte die ongeveer gelijk is aan de dikte van de stam. 
          • Inheemse (planten)soorten: Plantensoorten die van nature voorkomen in een streek sinds de laatste ijstijd. Ze leveren een positieve bijdrage aan het voor de streek typische landschap en de biodiversiteit. Inheems plantgoed is niet persé autochtoon: veel inheems plantgoed is gegroeid uit zaden die niet afkomstig zijn uit onze streek. Een lijst met inheemse soorten is te vinden op www.natuurenbos.be/dossiers/kwaliteitslabel-plant-van-hier.
          • Kleine landschapselementen: Lijn- of puntvormige elementen met inbegrip van de bijhorende vegetaties waarvan het uitzicht, de structuur of de aard al dan niet resultaat zijn van menselijk handelen en die deel uitmaken van de natuur zoals bermen, bomen, houtkanten, hagen, holle wegen, hoogstamboomgaarden, sloten, struwelen, poelen, …
          • Knotboom: Boom die door periodiek knotten beheerd wordt. Het gaat zowel om de snelgroeiende soorten wilg en populier als trager groeiende soorten zoals els, es, haagbeuk, eik en linde.
          • Leiden van hagen en heggen: Vlechten van jonge twijgen of inkappen en vervolgens neerleggen van oudere stammen met als doel het bekomen van een dichte vlechtheg.
          • Oude fruitrassen: Oude lokale en regionale fruitrassen, horend tot het Vlaams erfgoed. Als referentielijst worden de lijsten opgemaakt door de Nationale Boomgaardenstichting gebruikt. Beschikbaar op www.boomgaardenstichting.be of aan te vragen bij het Regionaal Landschap Schelde-Durme.
          • Plantaardige beheerresten: Plantaardig materiaal zoals maaisel, bladeren en takken dat vrijkomt bij beheerwerken. 
          • Plantsnoei: Snoei die wordt uitgevoerd vlak voor of direct na het aanplanten van fruitbomen waarbij 1 centrale harttak en 3 à 4 gesteltakken goed verdeeld over de stam worden behouden.
          • Poel: Meestal door de mens uitgegraven waterpartij zonder kunstmatige waterdoorlatende laag die voornamelijk door grondwater gevoed wordt.
          • Scheren: Jaarlijks of tweejaarlijks snoeien van een haag.
          • Slibruimen: Verwijderen van sediment dat zich ophoopt op de bodem van poelen en sloten en dat bestaat uit afgebroken resten van bladeren, stengels, takken en afvalstoffen. 
          • Sloot (of gracht): Ten behoeve van waterafvoer of ontwatering gegraven langwerpige waterelementen met natuurlijke oevers die niet geklasseerd zijn als waterloop die gevoed worden door regen- en/of grondwater en die het grootste deel van het jaar van nature waterhoudend zijn zonder dat er een kunstmatige waterondoorlatende laag werd aangebracht.
          • Solitaire boom: Alleenstaande boom.
          • Spil (of veer): Niet opgesnoeid hoogstammig plantgoed dat zeer geschikt is voor landschappelijke aanplantingen.
          • Streekeigen (planten)soorten: plantensoorten die eigen zijn aan een bepaalde streek omdat ze inheems zijn of een cultuurhistorische link met de streek hebben en daardoor al lange tijd in de streek voorkomen.
          • Struweel: Vlakvormige aanplant die wordt gedomineerd door struiken die kunnen uitgroeien en eventueel sporadisch worden gesnoeid.
          • Terugsnoeien: Snoeien van (vlecht)heggen of houtkanten tot op de gesteltakken. Dat voorkomt dat de landschapselementen te hoog en breed uitgroeien. Uit de gesteltakken lopen de planten opnieuw uit.
          • Vlechtheg: Heg of haag die ondoordringbaar wordt gemaakt door te leiden.
          • Waardevolle boom: Een boom die nationaal- of regionaal een belangrijke plek inneemt in de geschiedenis en/of bijzonder is op basis van leeftijd, omvang of bereikte hoogte of zich onderscheid qua functie in het landschap en/of zeldzaam is in België qua soort of variëteit en/of bijzondere planten of dieren herbergt.

          ALGEMENE VOORWAARDEN

          Artikel 2. Binnen de perken van de jaarlijks op de begroting voorziene en goedgekeurde kredieten verleent het college van burgemeester en schepenen een subsidie voor de aanleg en het beheer van kleine landschapselementen.

          Artikel 3. De betoelaagde kleine landschapselementen zijn gelegen, volledig of gedeeltelijk, op percelen binnen of grenzend aan percelen met bestemming landbouw, bos, overig groen, reservaat- en natuurgebied van de gemeente Hamme. Voor percelen gedeeltelijk gelegen in de aangeduide bestemmingsgebieden wordt enkel een subsidie uitgekeerd voor de kleine landschapselementen die zich bevinden op dit deel van de percelen gelegen in de aangeduide gebieden. Voor het beheer van waardevolle bomen en houtig erfgoed alsook voor de aanplant en het beheer van hoogstamboomgaarden geldt deze beperking niet.

          Artikel 4. De aanleg of het beheer van kleine landschapselementen heeft geen commerciële doeleinden (boomkwekerij, …).

          Artikel 5. De aanleg of het beheer van kleine landschapselementen kan geen verplichting zijn die voortkomt uit voorwaarden die werden opgelegd bij een (omgevings)vergunning of machtiging.

          Artikel 6. De aangevraagde betoelaging bedraagt maximum € 500 per aanvrager per jaar. 

          Artikel 7. Indien de aanvrager geen eigenaar of pachter is van de percelen waarop de kleine landschapselementen aanwezig zijn, moet hij over een schriftelijke toestemming van de eigenaar of pachter beschikken voor het uit te voeren beheer en het ontvangen van de subsidie.

          Artikel 8. De betoelaagde werken moeten deskundig gebeuren, met respect voor de betrokken kleine landschapselementen en de bijhorende planten en dieren. Advies hierover kan verkregen worden bij Regionaal Landschap Schelde-Durme of tal van websites zoals www.ecopedia.be

          Artikel 9. Voor de aanleg of het beheer van kleine landschapselementen die enkel betoelaagd worden na gunstig advies van Regionaal Landschap Schelde-Durme voert het Regionaal Landschap samen met de aanvrager die een aanvraag tot subsidie wenst in te dienen een terreinbezoek uit. Op basis van dit terreinbezoek levert het Regionaal Landschap ondersteuning bij:

          • De opmaak van het plan voor aanleg (keuze streekeigen soorten, plantafstanden, profiel graafwerken …) en/of beheer (incl. technisch advies voor uitvoering).
          • Het aanvragen van de vereiste vergunningen.
          • Het aanreiken van mogelijke uitvoerders.
          • Het indienen van de subsidieaanvraag bij het lokaal bestuur.
          • Het aanreiken van eventuele andere mogelijkheden tot subsidiëring voor de werken die niet bij het lokaal bestuur ter subsidiëring ingediend (kunnen) worden (beheersovereenkomsten VLM voor landbouwers, subsidie bebossing Agentschap voor Natuur en Bos, …).

          AANPLANT VAN HOUTIGE KLEINE LANDSCHAPSELEMENTEN

          Artikel 10. Volgende subsidies worden toegekend:

          • Voor hagen, (vlecht)heggen, houtkanten, hakhoutbosjes, struwelen, bosranden of kleine bosjes: € 5 per 10 planten.
          • Voor (hoogstamfruit)bomen: € 15 per boom.
          • Voor knotbomen: € 5 per stuk.

          Artikel 11. De voorwaarden voor subsidiëring zijn:

          • Voor het uitvoeren van de werken kan er advies gevraagd worden aan het Regionaal Landschap Schelde-Durme. Volgende werken kunnen enkel gesubsidieerd worden met een gunstig advies van Regionaal Landschap Schelde-Durme: de aanplant van (vlecht)heggen, houtkanten, hakhoutbosjes, struwelen, bosranden of kleine bosjes.
          • Indien beschikbaar wordt bij de aanplant gekozen voor autochtoon plantgoed, d.w.z. plantgoed met het kwaliteitslabel ‘Plant van Hier’. Autochtoon plantgoed is het best aangepast aan de bodem en de leefomstandigheden in onze streken en het meest geschikt voor onze fauna en flora. Leveranciers zijn te vinden via https://www.natuurenbos.be/dossiers/kwaliteitslabel-plant-van-hier.  
          • Plantgoed wordt aangeplant voor 15 maart. Hoogstammig plantgoed bij voorkeur voor 31 januari en niet als het vriest of tijdens natte periodes met zeer hoge waterstand.
          • Het maximaal aantal subsidieerbare stuks bosgoed bedraagt:
            • Voor hagen: max 4 stuks per lopende meter, aangeplant op 1 plantrij of 2 geschrankte plantrijen.
            • Voor heggen: max 3 stuks per meter, per plantrij, max 2 geschrankte plantrijen.
            • Voor vlechtheggen: max 2 stuks per meter, per plantrij, max 2 geschrankte plantrijen.
            • Voor houtkanten en struwelen: max 2 stuks per vierkante meter.
            • Voor hakhoutbosjes: min 1 stuk per 4 vierkant meter, max 1 stuk per vierkante meter.
            • Voor kleine bosjes: min 1 stuk per 5 vierkante meter, max 1 stuk per 4 vierkante meter.
            • Voor bosranden: min 1 stuk per 1,5 vierkante meter, max 1 stuk per vierkante meter.
            • Voor herstelaanplant: het aantal stuks dat nodig is om het beoogde streefbeeld te bereiken na schade of uitval van een deel van de aanplant.
          • Voor hagen, (vlecht)heggen, houtkanten, hakhoutbosjes of struwelen:
            • Het plantgoed heeft een minimumformaat van 60-80 cm.
            • De aanplant bestaat uit inheemse boom- en/of struiksoorten.
            • De aanplant heeft een minimale lengte van 50 m. Deze afstand kan verminderd worden met de afstand die bestaande bomen of struiken in de KLE innemen.
            • Het beschermen van het plantgoed tegen uitdrogen door het aanbrengen van een laag rijpe compost of een laag houtsnippers of een laag rijpe compost met daarboven een laag houtsnippers rondom de stam is aangeraden, maar niet verplicht.
          • Voor kleine bosjes en bosranden:
            • Het bosje heeft een oppervlakte van maximum 1000 m².
            • Het plantgoed heeft een minimumformaat van 60-80 cm.
            • De aanplant bestaat uit inheemse boom- en struiksoorten.
            • Het beschermen van het plantgoed tegen uitdrogen door het aanbrengen van een laag rijpe compost of een laag houtsnippers of een laag rijpe compost met daarboven een laag houtsnippers rondom de stam is aangeraden, maar niet verplicht.
          • Voor bomen:
            • Het plantgoed is hoogstammig en beworteld.
            • Het plantgoed heeft een stamomtrek van minimum 8-10 cm of, in het geval van een spil, een lengte van 200-250 cm.
            • De aanplant bestaat uit inheemse of streekeigen boomsoorten.
            • Het plantgoed wordt voorzien van minstens 1 steunpaal (bij voorkeur aan de westkant  van de boom) en boomband.
            • Het plantgoed wordt beschermd tegen uitdrogen door het aanbrengen van of een laag rijpe compost of een laag houtsnippers of een laag rijpe compost met daarboven een laag houtsnippers rondom de stam. Deze laag heeft een diameter van minimum 1 m.
          • Voor hoogstamfruitbomen:
            • Het plantgoed is hoogstammig en beworteld.
            • Het plantgoed heeft een stamomtrek van minimum 8-10 cm of, indien de onderstam nog geënt moet worden, minimum 6-8 cm.
            • Indien meerdere hoogstamfruitbomen worden aangeplant bestaat het plantgoed minstens voor 70 % uit oude rassen.
            • Indien meerdere hoogstamfruitbomen worden aangeplant bedraagt de plantafstand minstens 10 m of, op schrale zandgrond, minstens 8 m.
            • De plantsnoei wordt uitgevoerd door de kweker of aanplanter.
            • Het plantgoed wordt voorzien van minstens 1 steunpaal en boomband.
            • Het plantgoed wordt beschermd tegen uitdrogen door het aanbrengen van of een laag rijpe compost of een laag houtsnippers of een laag rijpe compost met daarboven een laag houtsnippers rondom de stam. Deze laag heeft een diameter van minimum 1 m.
            • De plantsnoei wordt uitgevoerd voor, tijdens of kort na de aanplant.
          • Voor knotbomen:
            • De poten zijn niet beworteld.
            • De poten zitten minstens 0,5 m diep in de grond en op een afstand van 2 m van elkaar.
            • de poten hebben bij aanplant een stamomtrek van minstens 8 cm ter hoogte van het maaiveld en een hoogte boven het maaiveld van minstens 1,50 m.

          Artikel 12. Met het indienen of laten indienen van de aanvraag verbindt de eigenaar of pachter zich tot de nodige instandhoudingszorg. Dit houdt in dat:

          • De betoelaagde aanplantingen minimaal gedurende tien jaar op dezelfde plaats blijven staan.
          • De betoelaagde aanplantingen gevrijwaard worden tegen schade vanwege vee of wild, indien vee of wild aanwezig is. Advies hierover kan verkregen worden bij Regionaal Landschap Schelde-Durme of tal van websites zoals www.ecopedia.be.
          • Er rondom de aanplant niet gemaaid wordt om beschadiging van de stam te vermijden.
          • Vervanging van afgestorven of sterk beschadigde planten gebeurt in het eerstvolgende plantseizoen.
          • De stam van de aangeplante wilgenpoten wordt ontdaan van stamscheuten, 3 jaar na aanplant op knot wordt gezet en 5 of 6 jaar na aanplant voor het eerst wordt geknot.

          BEHEER(ADVIES) VAN HOUTIGE KLEINE LANDSCHAPSELEMENTEN

          Artikel 13. Volgende subsidies worden toegekend:

          • Voor het leiden van vlechtheggen: € 3 per meter, de subsidie is jaarlijks toekenbaar.
          • Voor het scheren van hagen en/of vlechtheggen: € 1 per meter, de subsidie is jaarlijks toekenbaar.
          • Voor het terugsnoeien van heggen, houtkanten of vlechtheggen met een hoogte van minimum 4 meter: € 3,00 per meter; de subsidie is om de drie jaar toekenbaar.
          • Voor het afzetten van heggen of houtkanten met een hoogte van minimum 4 meter: € 3,00 per meter; de subsidie is om de vijf jaar toekenbaar.
          • Voor het beheer van hoogstamboomgaarden:
            • Snoei van nieuw aangeplante fruitbomen: € 5 per boom, jaarlijks toekenbaar tot 5 jaar na aanplant.
            • Snoei van (jong)volwassen fruitbomen: € 10 euro per boom, om de 3 jaar toekenbaar.
          • Voor het beheeradvies en/of beheer van waardevolle bomen: 50% van de werkelijke kost met een maximum van € 500 per boom. De subsidie is om de vijf jaar toekenbaar.
          • Voor het knotten van knotbomen: € 12 per boom, de subsidie is om de vijf jaar toekenbaar, indien in de knotbomenrij knotbomen ontbreken moeten die aangevuld worden. Hiervoor kan een subsidie aangevraagd worden (zie art 11).
          • Voor het afzetten van een hakhoutbosje met een hoogte van minimum 4 meter: € 24 per are, de subsidie is om de zeven jaar toekenbaar, de oppervlakte bedraagt maximum 20 are per jaar per aanvrager.
          • Voor het beheer van houtig erfgoed gelden de subsidies voor het specifiek beheer zoals vermeld onder artikel 13.

          Artikel 14. Voorwaarden voor subsidiëring zijn:

          • Het Regionaal Landschap Schelde-Durme bepaalt aan de hand van een terreinbezoek of een boom al dan niet voldoet aan de omschrijving van een waardevolle boom en dus al dan niet in aanmerking komt voor de subsidie voor het beheer of beheeradvies van waardevolle bomen.
          • Het beheeradvies of beheer van waardevolle bomen moet geleverd en resp. uitgevoerd worden door een gecertificeerde specialist in veteraanbomenbeheer (VETCERT-certificaat).
          • De hoogte van een haag of vlechtheg na scheren bedraagt tussen 1 m en 1,5 m.

          Artikel 15. Met het indienen of laten indienen van de aanvraag verbindt de eigenaar of pachter zich tot de nodige instandhoudingszorg. Dit houdt in dat de betoelaagde aanplantingen gevrijwaard worden tegen schade vanwege vee of wild, indien vee of wild aanwezig is. Advies hierover kan verkregen worden bij Regionaal Landschap Schelde-Durme of tal van websites zoals www.ecopedia.be.

          AANLEG EN BEHEER VAN POELEN

          Artikel 16. Volgende subsidies worden toegekend:

          • Voor de aanleg van nieuwe poelen: € 2,5 per vierkante meter, gegraven oppervlakte, de subsidie kan voor elke poel slechts eenmalig worden toegekend.
          • Voor slibruimen van bestaande poelen: € 2,5 per vierkante meter beheerde oppervlakte, de subsidie is om de 5 jaar toekenbaar.

          Artikel 17. Voorwaarden voor subsidiëring zijn:

          • Deze werken worden enkel betoelaagd na gunstig advies van Regionaal Landschap Schelde-Durme.
          • Deze werken mogen niet als voorwaarde opgenomen zijn bij de toekenning van een omgevingsvergunning. 
          • De oppervlakte van een nieuwe poel bedraagt na uitvoering van de werken minimum 100 m² en maximum 250 m².
          • De oppervlakte van een te ruimen poel bedraagt minimum 50 m².
          • Het diepste punt van de poel is 1,5 à 2 meter diep.
          • De oevers van een poel worden dermate aangelegd dat de bodem van de poel vanaf de rand zacht (maximaal 45°) afhelt waardoor een ondiepe oeverzone ontstaat. Dat is zeker zo voor de noordelijke kant van een poel.
          • Indien er vee aanwezig is wordt minstens 2/3de van de poel ontoegankelijk gemaakt voor het vee.
          • Indien de poel gelegen is in een akker wordt een bufferstrook van minstens 1 m breed voorzien.
          • Er worden geen (water)dieren in of om de poel uitgezet.
          • (Water)planten mogen enkel na gunstig advies van Regionaal Landschap Schelde-Durme in de poel worden aangebracht.
          • Opgaande begroeiing langs de zuidkant wordt vermeden om de beschaduwing te beperken. Omwille van cultuurhistorische redenen (bv. vlasrootputten) kan hiervan afgeweken worden.
          • In de poel worden geen instrumenten uitgespoeld die in contact zijn geweest met chemische middelen, biociden en mest.
          • Er wordt geen water aan de poel onttrokken, met uitzondering van drinkwater voor het in de aangrenzende percelen ingeschaarde vee.
          • De werken worden uitgevoerd in de periode augustus – januari.
          • Een wadi die gegraven wordt in functie van de tijdelijke opslag en infiltratie van regenwater is geen poel en wordt bijgevolg niet betoelaagd.

          Artikel 18. Met het indienen of laten indienen van de aanvraag verbindt de eigenaar of pachter zich tot de nodige instandhoudingszorg. Hieronder wordt verstaan:

          • Regelmatig maaien en afvoeren van de niet-houtachtige oevervegetatie.
          • Regelmatig snoeien en/of afzetten van de houtige beplanting rondom de poel zodat voldoende zon op de poel valt en de verlanding beperkt wordt. Voor uitvoering van deze werken kan een subsidie aangevraagd worden (zie art 13).

          BEHEER VAN BESTAANDE SLOTEN IN HISTORISCH PERMANENT GRASLAND

          Artikel 19. Volgende subsidies worden toegekend:

          • Voor slibruimen van bestaande sloten: € 1,25 per lopende meter, de subsidie is om de 5 jaar toekenbaar.

          Artikel 20. Voorwaarden voor subsidiëring zijn:

          • Deze werken kunnen enkel uitgevoerd worden na gunstig advies van Regionaal Landschap Schelde-Durme.
          • De sloot bevindt zich in een historisch permanent grasland.
          • Indien de sloot zich op een perceelsgrens bevindt beschikt de aanvrager over de toestemming van de aanpalende eigenaar.
          • De sloot mag enkel geruimd worden, niet uitgediept. Er mag dus enkel slib worden verwijderd, geen minerale bodem.
          • Na de werken bevat de sloot minstens het volledige winterhalfjaar voldoende zuiver water om een typische water- of moerasflora en waterfauna tot ontwikkeling te laten komen.
          • Er worden geen (water)dieren in of langs de sloot uitgezet.
          • Er worden geen (water)planten in de sloot aangebracht.
          • In de sloot worden geen instrumenten uitgespoeld die in contact zijn geweest met chemische middelen, biociden en mest.
          • De werken worden uitgevoerd in de periode augustus – januari.

          Artikel 21. Met het indienen of laten indienen van de aanvraag verbindt de eigenaar of pachter zich tot de nodige instandhoudingszorg. Hieronder wordt verstaan:

          • Regelmatig snoeien en/of afzetten van de houtige beplanting op de slootoever. Voor uitvoering van deze werken kan een subsidie aangevraagd worden (zie art 13).

          AANVRAAGPROCEDURE

          Artikel 22. De aanvragen tot betoelaging worden ten laatste 3 maanden na de uitvoering van de werken ingediend bij Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur Hamme/ het college van burgemeester en schepenen. Voor het indienen van de aanvraag wordt gebruik gemaakt van de modelformulieren die bij Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur Hamme of het Regionaal Landschap Schelde-Durme te verkrijgen zijn.

          Artikel 23. De aanvraag tot uitbetaling bevat minstens het correct ingevuld aanvraagformulier met:

          • Persoonlijke gegevens van de aanvrager.
          • De kadastrale gegevens van het perceel/de percelen waar de werken zijn uitgevoerd.
          • Grondplan met aanduiding van de locatie van de werken.
          • Een beschrijving van de aard van de werken.
          • Periode van uitvoering.
          • Een verklaring van eigendoms- of pachtrecht of schriftelijke toelating van de eigenaar of pachter.

          Artikel 24. De aanvraag wordt aangevuld met:

          • Advies van het Regionaal Landschap Schelde-Durme (indien van toepassing).
          • Foto’s van voor en na de werken waarvoor een subsidie aangevraagd wordt.
          • Voor het beheer van waardevolle bomen: een kopie van het VETcert-certificaat van de uitvoerder van de beheerwerken alsook de factuur van de uitgevoerde werken.
          • Indien de aanvrager een landbouwonderneming betreft: een verklaring op eer dat door de toekenning van de beoogde de-minimissteun het plafond van de onderneming niet wordt overschreden. Meer info op https://lv.vlaanderen.be/beleid/landbouwbeleid-eu/steunmelding/staatssteun/de-minimissteun.

          Artikel 25. Het college van burgemeester en schepenen beslist over de toekenning van de subsidie en het bedrag ervan. Deze beslissing wordt genomen na controle door het Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur of het Regionaal Landschap Schelde-Durme op de correcte uitvoering van de aangevraagde werken en in functie van landschappelijke, ecologische, landbouwkundige, juridische en planmatige aspecten.

          Artikel 26. Indien niet aan deze voorwaarden voldaan wordt meldt Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur de onontvankelijkheid aan de aanvrager. Deze beschikt steeds over de mogelijkheid een aangepaste aanvraag opnieuw voor te leggen.

          Artikel 27. Het college van burgemeester en schepenen beslist binnen de 9 maanden over de goedkeuring van de subsidie en het bedrag ervan. Indien deze termijn wordt overschreden wordt de aanvraag geacht principieel goedgekeurd te zijn.

          Artikel 28. Wanneer de uitvoering onvolledig of gebrekkig is kan de subsidie bij beslissing van het college van burgemeester en schepenen verminderd, uitgesteld of geweigerd worden. Vermindering, uitstelling of weigering van de subsidie wordt in alle geval gemotiveerd.

          Artikel 29. Als het totaalbudget van de subsidieaanvragen groter is dan het beschikbare budget in de begroting worden de subsidies toegekend op basis van de aanvraagdatum.

          Artikel 30. Als het totaalbudget van de subsidieaanvragen groter is dan het beschikbare budget in de begroting gaan de niet betoelaagde subsidieaanvragen automatisch over naar het volgende jaar.

          Artikel 31. Bij discussie over wie de subsidie toekomt, wordt geen uitbetaling uitgevoerd.

          Artikel 32. De subsidie kan door het college van burgemeester en schepenen geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd wanneer belangrijke delen van de werken niet zijn gerealiseerd, door kennelijk gebrek aan zorg niet in stand zijn gehouden of indien sprake is van fraude (dubbele subsidiëring, valse verklaringen …).

          Artikel 33. In geval van vermoeden van fraude door de aanvrager worden de werken waarvoor subsidie wordt aangevraagd uitgesloten van verdere subsidieaanvraag.

          INWERKINGTREDING

          Artikel 34. Dit reglement vervangt het gemeentelijk subsidiereglement kleine landschapselementen van 24 november 2010.

          Artikel 35. Dit reglement treedt in werking op datum van 1 januari 2026 en eindigt op 31 december 2031.

        • Subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door scholen en verenigingen - aanpassing - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          De gemeenteraad keurde in zitting van 29 maart 2017 het subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door scholen en verenigingen goed. Het reglement werd op 28 februari 2018 en 19 februari 2020 aangepast en is opnieuw aan herziening toe. Het herziene subsidiereglement wordt ter goedkeuring voorgelegd.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40 dat de bevoegdheid tot het opstellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • De gemeenteraad keurde in zitting van 29 maart 2017 het subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door scholen en verenigingen goed. Op 28 februari 2018 en 19 februari 2020 werd het reglement aangepast.
          • Artikel 2 van het reglement beperkt de subsidie in tijd. Het huidige reglement is nog geldig tot 31 december 2025.
          • Het reglement heeft de voorbije jaren zijn nut bewezen. Diverse scholen en verenigingen organiseerden zwerfvuilacties.
          • Scholen en verenigingen die zich inschrijven op Operatie Proper van Mooimakers kunnen via die weg een financiële beloning ontvangen. De strijd tegen zwerfvuil is een beleidsprioriteit. Het blijft belangrijk scholen en verenigingen hierbij te betrekken.
          • Krediet voor deze subsidie is voorzien in het meerjarenplannen onder 'toegestane werkingssubsidies aan verenigingen'.
          • Er zijn verschillende redenen om het subsidiereglement aan te passen:
            • Scholen en jeugdverenigingen worden uit het reglement geschrapt omdat zij recht hebben op een subsidie via Operatie Proper.
            • Er zijn nieuwe definities opgenomen in het ontwerpreglement.
            • Door de ingebruikname van Mijn Mooie Straat is de wijze waarop meldingen dienen te gebeuren veranderd.
          • Het college van burgemeester en schepenen ging in zitting van 1 december 2025 principieel akkoord met de herziening van het gemeentelijk subsidiereglement en besliste het ontwerpreglement ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Enig artikel.

          De gemeenteraad neemt kennis van de voorgestelde aanpassingen in het reglement en keurt deze goed:

          Subsidiereglement m.b.t. het opruimen van zwerfvuil door verenigingen: 

          Artikel 1: Voor de toepassing van dit reglement gelden volgende definities:

          • Zwerfvuil: Klein afval dat vaak nonchalant en er zonder bij stil te staan op straat wordt weggegooid. Voorbeelden: sigarettenpeuken, kauwgom, etensresten, blikjes, plastic flesjes, tickets, papieren zakjes, kranten, tijdschriften.
          • Sluikstort: Grotere stukken afval of afval in grotere hoeveelheden, achtergelaten op plaatsen die niet bestemd zijn voor afval, en waarvan aangenomen kan worden dat ze opzettelijk achtergelaten werden. Voorbeelden: huishoudelijk afval dat in een klein zakje in een gemeentelijke vuilnisbak wordt gegooid, grotere stukken afval die worden achtergelaten (zoals matrassen of koelkasten), bouw- en sloopafval dat ergens wordt gedumpt.
          • Vereniging: feitelijke vereniging of vereniging zonder winstoogmerk die actief is in de gemeente Hamme. In de context van dit reglement mag het niet gaan om een vereniging die beloond wordt via Operatie Proper van Mooimakers. Politieke verenigingen komen niet in aanmerking voor de subsidie.
          • Operatie Proper: een beloningssysteem van  Mooimakers  voor scholen en jeugdverenigingen om zwerfvuil op een duurzame manier aan te pakken. Deelnemers maken een actieplan dat ze uitvoeren, en krijgen hiervoor ondersteuning en een financiële beloning.
          • Mijn Mooie Straat-app: Mijn Mooie Straat-app: De Mijn Mooie Straat-app is een mobiele applicatie van Mooimakers waarmee burgers zwerfvuil en sluikstort kunnen melden en vrijwillige opruimacties kunnen registreren. De app is ontwikkeld om lokale besturen te helpen bij het bestrijden van zwerfvuil door meldingen centraal te verzamelen en opruimacties in kaart te brengen, zodat ze deze efficiënt kunnen opvolgen en bijsturen. 

          Artikel 2.

          Verenigingen in de gemeente Hamme kunnen met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 een subsidie aanvragen voor het inzamelen van zwerfvuil.  De subsidie wordt toegekend onder de voorwaarden van dit reglement.

          Artikel 3.

          De vereniging die in aanmerking wil komen voor de subsidie zoals vermeld in dit reglement, gaat het engagement aan om de opruimactie drie keer per kalenderjaar te organiseren. Het subsidiebedrag is afhankelijk van de lengte van het opruimtraject. De vergoeding bedraagt 50 euro per kilometer weglengte, met een maximum van 500 euro per deelnemende vereniging per kalenderjaar. Wie de opruimactie twee keer tijdens hetzelfde kalenderjaar uitgevoerd heeft, kom in aanmerking voor 67% van het subsidiebedrag.

          Artikel 4.

          Opruimacties na privé-evenementen of op private terreinen komen niet in aanmerking voor deze subsidie. Organisatoren van dergelijke evenementen worden bij de goedkeuring van hun evenement verplicht om in te staan voor de opruiming van het afval dat er uit voortkomt.

          Artikel 5.

          Subsidieaanvragen waaraan kinderen jonger dan 10 jaar zullen deelnemen worden geweigerd om veiligheidsredenen. Uit de aanvraag moet blijken dat er voldoende veiligheidsmaatregelen genomen worden om verkeersongevallen te vermijden.

          Artikel 6.

          De deelnemers aan een zwerfvuilactie handelen niet in opdracht of onder toezicht van het lokaal bestuur. De organiserende vereniging zorgt zelf voor een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid voor schade aan derden en lichamelijke ongevallen van de deelnemers.

          Artikel 7.

          De subsidieaanvraag gebeurt via een online aanvraagformulier dat door het lokaal bestuur ter beschikking wordt gesteld.

          Artikel 8.

          De vereniging dient de aanvraag in vóór de opruimacties uitgevoerd worden.

          Artikel 9.

          De organisatoren kunnen gratis ondersteunend materiaal aanvragen bij het lokaal bestuur. Het lokaal bestuur stelt handschoenen, grijpstokken, zwerfvuilzakken en fluohesjes ter beschikking.

          Artikel 10.

          Als deelnemers tijdens een opruimactie sluikstort of gevaarlijke afvalstoffen (bijvoorbeeld injectienaalden) aantreffen, ruimen zij die niet zelf op. Ze melden de locatie via Mijn Mooie Straat aan het lokaal bestuur.

          Artikel 11.

          Het ingezamelde afval wordt op vraag van de organisator opgehaald door Team openbare netheid van het lokaal bestuur. De organisator vraagt de ophaling aan via Mijn Mooie Straat.

          Artikel 12.

          Team milieu en klimaat van het lokaal bestuur zal de opruimacties controleren via Mijn Mooie Straat. De organisator dient hiervoor zijn opruimsessie te registreren via de Mijn Mooie Straat-app.

          Artikel 13.

          Het subsidiebedrag wordt betaald op het einde van het kalenderjaar waarin de opruimacties plaatsvinden en na goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen.

          Artikel 14.

          Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

          Artikel 15.

          Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de financiële dienst van het lokaal bestuur.

    • INTERNE ONDERSTEUNING

      • Personeel

        • Aanpassing rechtspositieregeling - verhoging maaltijdcheques - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Bespreking verhoging bedrag maaltijdcheques vanaf 1 januari 2026.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Wet d.d. 19/12/1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel en latere wijzigingen.
          • Koninklijk Besluit d.d. 28/09/1984 tot uitvoering van de wet d.d. 19/12/1974 en latere wijzigingen.
          • Artikel 266 van het Decreet lokaal bestuur.
          • Besluit van de Vlaamse Regering d.d. 20/01/2023 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • Artikel 203 van de lokale rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel van de gemeente Hamme zoals goedgekeurd door de gemeenteraad in de zitting van 25/03/2009 en zoals gewijzigd door latere besluiten.
          • Koninklijk Besluit d.d. 10/11/2025 tot wijziging van artikel 19bis van het koninklijk besluit van 28/11/1969 tot uitvoering van de wet van 27/06/1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.
          • De beslissing van het college van burgemeester en schepenen d.d. 02/12/2025 waarbij akkoord wordt gegaan om de waarde van de maaltijdcheques te verhogen naar 10 EUR/gewerkte dag.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Op 11 juli 2025 bereikte de federale ministerraad een principeakkoord om de waarde van maaltijdcheques deze legislatuur in twee stappen te verhogen, telkens met € 2:
            • Vanaf 1 januari 2026 stijgt de waarde naar € 10 per gewerkte dag.
            • In een tweede fase zal dit bedrag verder verhoogd worden naar € 12 per dag (de exacte datum hiervoor is nog niet vastgelegd).
          • Bij koninklijk besluit van 10 november 2025 (B.S. 17 november 2025) werd de RSZ-reglementering alvast gewijzigd. De maximale werkgeversbijdrage voor maaltijdcheques die vrijgesteld zijn van RSZ-bijdragen stijgt vanaf 1 januari 2026 van € 6,91 naar € 8,91. Op die manier kan de maximale nominale waarde van een maaltijdcheque voortaan € 10 per dag bedragen, bestaande uit een maximale werkgeversbijdrage van € 8,91 en een minimale werknemersbijdrage van € 1,09. Onder deze voorwaarden blijven de toegekende maaltijdcheques vrijgesteld van sociale zekerheidsbijdragen.
          • Daarnaast dient ook de wetgeving omtrent de fiscale aftrekbaarheid van maaltijdcheques nog te worden aangepast. Aangekondigd wordt dat de fiscus deze vrijgestelde verhoging tot 10 euro zal volgen en de fiscale aftrek zal verhogen van 2 naar 4 euro, op voorwaarde dat de werkgever de nieuwe maximale werkgeversbijdrage van 8,91 euro toepast. Deze aanpassing gebeurt via een wettelijk initiatief dat nog officieel moet worden goedgekeurd en gepubliceerd. De minister van financiën heeft aangekondigd dat dit zou gebeuren via een amendement bij een ingediend wetsontwerp met andere diverse maatregelen.
          • Tot slot valt de aangekondigde verhoging in een periode waarin de loonnorm 0% bedraagt. Concreet betekent dit dat de lonen in de periode 2025-2026 in principe niet mogen stijgen ten opzichte van het niveau in de periode 2023-2024. De Loonnormwet van 1996 voorziet enkele uitzonderingen op dit principe zoals loonindexeringen, baremieke verhogingen en de loonbonus cao nr. 90. Het toekennen of verhogen van maaltijdcheques hoort daar normaal niet bij, en zou dus normaal niet toegestaan zijn. De regering heeft daarom via een wetsontwerp een tijdelijke uitzondering gevraagd waarbij de verhoging van de maaltijdcheques in 2026 niet zou meegerekend worden in de loonkostenstijging. Deze uitzondering geldt wel enkel voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 en is daarna niet meer van toepassing. Dit wetsontwerp moet nog officieel gepubliceerd worden alvorens de verhoging kan worden toegepast.
          • Onder voorbehoud van de nog vereiste wetswijzigingen, stelt het college van burgemeester en schepenen voor om de waarde van de maaltijdcheques voor het gemeentepersoneel op te trekken van 8 EUR naar 10 EUR per gewerkte dag.
          • Er zijn extra kredieten voorzien voor de verhoging van de maaltijdcheques op de algemene rekening 623700 van het meerjarenplan 2026-2031.
          • De vakbonden verklaarden zich akkoord via het protocol-akkoord van 3 december 2025  bezorgd via  mail op 4 december 2025.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Enig artikel.

          De gemeenteraad beslist principieel akkoord te gaan met een verhoging van de waarde van de maaltijdcheques, onder voorbehoud van de nog vereiste wetswijzigingen die een aanpassing mogelijk maken, en beslist artikel 203 §1 van de rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel aan te passen als volgt: 

          Art 203 : §1 Het personeelslid heeft recht op maaltijdcheques. De werknemersbijdrage bedraagt 1,09 EUR en het restbedrag valt ten laste van de werkgever. De waarde van één maaltijdcheque bedraagt vanaf 1 januari 2026 10 EUR.

          Bij onvolledige prestaties of prestaties die niet geleverd zijn gedurende het werkjaar, wordt het bedrag op jaarbasis, vermeld in het eerste lid, pro rata verminderd. De modaliteiten van de toekenning van de maaltijdcheques worden verder geregeld in een afzonderlijk reglement. Het personeelslid ontvangt een betaalkaart voor elektronische maaltijdcheques. Bij diefstal of verlies van de betaalkaart wordt een nieuwe kaart ter beschikking gesteld tegen kostprijs. Dit bedrag zal echter nooit meer zijn dan de waarde van één maaltijdcheque.

    • FINANCIËN

      • Gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Koen Mettepenningen, Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadsleden

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement verplicht jaarlijks wordt gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor aanslagjaar 2026. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 170, §4, van de Grondwet, met betrekking tot de financiën.
        • Artikel 464, 1, 1°, van het Wetboek Inkomstenbelastingen van 10 april 1992.
        • De artikelen 2.1.4.0.2 en artikel 3.1.0.0.4 van het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit.
        • Decreet van 18 november 2016 houdende de vernieuwde taakstelling en gewijzigde financiering van de provincies.
        • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
        • Het gemeenteraadbesluit van 20 november 2024 betreffende de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Ingevolge het gewijzigde artikel 2.1.4.0.1 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit stijgt de basisheffing van de onroerende voorheffing in het Vlaams Gewest vanaf het aanslagjaar 2018 van 2,5 % naar 3,97 % van het kadastraal inkomen.
        • Het gewijzigde artikel 2.1.4.0.1, §2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Fiscaliteit verplicht de gemeenten om hun gemeentelijke opcentiemen dientengevolge aan te passen: 'Voor iedere gemeente van het Vlaams Gewest mag het tarief, vermeld in artikel 2.1.4.0.1, op zichzelf de opbrengst van de gemeentelijke opcentiemen van het aanslagjaar waarin dit artikel in werking treedt niet verhogen ten opzichte van het vorige aanslagjaar.'
        • De gemeente moet haar opcentiemen ten opzichte van het aanslagjaar 2017 delen door 1,588 om de fiscale druk op hetzelfde niveau te behouden.
        • Een opcentiem op de onroerende voorheffing is een bijkomende belasting van één procent op de verschuldigde basisbelasting die geheven wordt door de Vlaamse Overheid op het kadastraal inkomen van onroerende goederen (gronden, gebouwen en sommige soorten van bedrijfsuitrusting).
        • Ze is verschuldigd door de belastingplichtige die op 1 januari van het aanslagjaar één van volgende zakelijke rechten bezit:
          • De (volle) eigendom.
          • Het bezit.
          • Het vruchtgebruik.
          • Het recht van opstal.
          • Het recht van erfpacht.
        • Jaarlijks ontvangt de belastingplichtige van de Vlaamse Belastingdienst een aanslagbiljet. De onroerende voorheffing moet betaald worden binnen een termijn van twee maanden na datum van verzending van het aanslagbiljet.
        • Voor nieuw gebouwde onroerende goederen is de onroerende voorheffing voor de eerste keer verschuldigd voor het jaar dat volgt op het jaar van de ingebruikname van het onroerend goed.
        • Bedrag: 1.039 opcentiemen.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Gilles Verbeke
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Resultaat: Met 24 stemmen voor, 3 onthoudingen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Art. 2.

        Voor het aanslagjaar 2026 worden ten bate van de gemeente 1.039 opcentiemen geheven op de onroerende voorheffing.

        Art. 3.

        De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.

      • Aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting' goed te keuren.

        Aangezien dit belastingreglement verplicht jaarlijks wordt gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuw te worden voor aanslagjaar 2026. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • De artikelen 464 tot en met 470/2 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een aanvullende belasting die de gemeente vestigt op de personenbelasting. Deze belasting wordt berekend door een percentage toe te passen op de basispersonenbelasting. Alle inwoners van de gemeente die onderworpen zijn aan de personenbelasting zijn ook onderworpen aan deze gemeentebelasting.
        • De gemeentebelasting wordt samen met de personenbelasting geïnd. De bedragen van de gemeentebelasting vindt men helemaal op het einde van het aanslagbiljet terug. Men krijgt geen aparte aanslag voor deze belasting.
        • Elke gemeente legt elk jaar het tarief van de gemeentebelasting voor haar grondgebied vast. Voor de gemeente Hamme blijft dit percentage 8 %.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Gilles Verbeke
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Resultaat: Met 25 stemmen voor, 3 onthoudingen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven: 

        Art. 2.

        Er wordt voor het aanslagjaar 2026 een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.

        Art. 3.

        De belasting wordt vastgesteld op 8,00 % van het overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.

        Art. 4.

        De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting zullen door het toedoen van het bestuur der directe belastingen geschieden, overeenkomstig de bepalingen vervat in de artikelen 466 e.v. van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.

      • Reglement registratie en belasting op leegstaande woningen en gebouwen - aanpassing - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Op basis van een bovenlokale evaluatie van het leegstandsreglement werd duidelijk dat enkele aanpassingen nodig zijn.
        Zo wordt in het nieuwe reglement voorzien dat effectief, niet-occasioneel gebruik onder voorwaarden opnieuw mogelijk wordt.  Daarnaast werden de vrijstellingsmogelijkheden onderworpen aan een update. De leegstandsbelasting werd opgetrokken en daarmee beter afgestemd op de veel hogere belasting in de clustergemeente Zele en de andere gemeenten in de werkingsregio van de IGS wonen. Het reglement werd ook afgestemd op de nieuwe regelgeving betreffende de gebruikte woningen (voorheen de tweede verblijven). Ook d
        e nieuwe regelgeving inzake beroep tegen een registratie is opgenomen. De schrappingsprocedure is verder uitgeschreven, inclusief schrapping bij sloop.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 170 §4 van de Grondwet.
        • Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
        • Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder de artikelen 2.9 tot en met 2.14, met latere wijzigingen.
        • Het Ministerieel besluit van 14 maart 2025 houdende de subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2026-2031, dat het aanpakken en registreren leegstaande woningen verplicht.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 1 maart 2023 over registratie en belasting op leegstaande woningen en gebouwen.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 8 september 2025 tot goedkeuring van het subsidiedossier voor het intergemeentelijk project lokaal woonbeleid Woonpunt DDS voor de periode 2026-2031.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het is wenselijk dat op het grondgebied van de gemeente het beschikbare woningen- en gebouwenbestand ook effectief gebruikt wordt, omdat leegstand leidt tot verloedering, wat extra taken meebrengt voor de gemeente.
        • Op basis van artikel 2.9 van de Vlaamse Codex Wonen kunnen gemeenten een register van leegstaande woningen en gebouwen bijhouden.
        • Een gemeentelijk reglement dient aangenomen te worden waarin de indicaties van leegstand en de procedure- tot vaststelling van de leegstand worden vastgesteld.
        • De strijd tegen de leegstaande woningen en gebouwen heeft onder meer een effect als de opname van dergelijke gebouwen en woningen in een leegstandsregister ook daadwerkelijk leidt tot een belasting.
        • Overwegende de vrijstellingen van- registratie en/of belasting die in dit reglement zijn opgenomen, omdat die het best aansluiten bij de noden en het beleid van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 9 stemmen tegen, 4 onthoudingen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven: 

        Artikel 1. 

        Begripsomschrijvingen: Voor de toepassing van dit reglement gelden onder meer de begripsomschrijvingen van het artikel 1.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
        1.1. Algemene begripsomschrijvingen:

        1. Administratie: De gemeentelijke administratieve eenheid en het intergemeentelijk samenwerkingsverband Woonpunt DDS dat door het gemeentebestuur wordt belast met de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het leegstandsregister.
          Conform artikel 2.9, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 draagt de gemeente de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het leegstandsregister over aan Woonpunt DDS. Woonpunt DDS fungeert als intergemeentelijk samenwerkingsverband. Het college van burgemeester en schepenen duidt de personeelsleden aan die onderzoeks-, controle– en vaststellingsbevoegdheden hebben. Het intergemeentelijk samenwerkingsverband heeft een uitvoerende rol voor de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het leegstandsregister.
        2. Beroepsinstantie: Het college van burgemeester en schepenen.
        3. Beveiligde zending: Een aangetekende zending of een afgifte tegen ontvangstbewijs.
        4. Gebouw: Elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitsluiting van bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2, 1°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
        5. Woning: Een goed, zoals vermeld artikel 1.3, eerste lid, 66° van de Vlaamse Codex Wonen; elk onroerend goed of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande.
        6. Administratieve akte: Indien de leegstand vaststaat wordt een administratieve akte opgemaakt. Deze akte is genummerd en bevat als besluit de beslissing tot opname van het pand in het leegstandsregister.
        7. Leegstandsregister: Het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen en woningen, vermeld in artikel 2.9 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
        8. Leegstand bij nieuwbouw: Een nieuw gebouw of een nieuwe woning wordt als een leegstaand gebouw of een leegstaande woning beschouwd indien dat gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.
        9. Opnamedatum: De datum waarop het gebouw of de woning in het leegstandsregister wordt opgenomen.
        10. Verjaardag: Het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de opnamedatum, zolang het gebouw of de woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt.
        11. Houder(s) van het zakelijk recht: de persoon of de personen met een recht van volle eigendom, opstal, erfpacht of vruchtgebruik met betrekking tot een gebouw of een woning;
        12. Renovatienota: een gedetailleerde, gedateerde en ondertekende nota, van niet-vergunningsplichtige en niet-meldingsplichtige renovatiewerken conform het decreet betreffende de omgevingsvergunning. Het modeldocument maakt onafscheidelijk deel uit van dit leegstandreglement. Het document dient aan te tonen welke grondige renovatiewerken zullen uitgevoerd worden aan de woning of gebouw. De uitvoering van de werken moeten een aanzienlijke werktijd vereisen en van die omvang zijn dat zij de normale bewoning van het gebouw belemmeren. Uitgesloten zijn verfraaiingswerken. Een renovatienota bestaat minimaal uit de volgende stukken:
          1. Een overzicht en gedetailleerd tijdschema waarin wordt aangegeven welke werken zullen worden uitgevoerd binnen welke termijn.
          2. Facturen met factuurdatum van maximum één jaar voor werken die uitgevoerd of reeds in uitvoering in zijn.
          3. Foto’s van de te renoveren ruimtes of gerenoveerde ruimtes bij het aanvragen van de renovatienota.
        13. Omgevingsvergunning: Zowel de huidige omgevingsvergunning voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen conform het omgevingsvergunningsdecreet als de stedenbouwkundige vergunning.
        14. Beschermd monument: Een beschermd monument is een onroerend goed dat van algemeen belang is vanwege zijn erfgoedwaarde. Het is beschermd conform het decreet betreffende het onroerend erfgoed dd. 12 juli 2013.
        15. (Socio-)cultureel initiatief: Een evenement of actie op initiatief van een lid van één van de stedelijke adviesraden, een erkende sociale instelling of een instelling erkend door de gemeente.
        16. Effectief niet-occasioneel gebruik: Onder functies die een effectief, niet-occasioneel gebruik met zich meebrengen wordt verstaan:
          1. Vrije beroepen zoals artsen, advocaten, notarissen, architecten, accountants, journalisten, kunstenaars, therapeuten, psychologen therapeuten, die vallen onder de categorieën medische, juridische, financiële, bouwkundige en intellectuele dienstverlening.
          2. Verenigingen, aangesloten bij een gemeentelijke raad (jeugd-sport-cultuur-…?) een occasionele clubactiviteit wordt niet als effectief niet-occasioneel gebruik beschouwd.
          3. Elke andere bij afzonderlijk collegebeslissing toegelaten functie in geval van overmacht.
            Uitgesloten is:
            a) Gebruik als opslag.
            b) Panden waar de essentiële woonfuncties (bad/douche functie, toiletfunctie en keukenfunctie) ontbreken/verwijderd werden.

        1.2. Specifieke begripsomschrijvingen:

        1. Leegstaand gebouw: een gebouw wordt als leegstaand beschouwd wanneer meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt gebruikt en dit gedurende een termijn van minstens twaalf opeenvolgende maanden. Daarbij wordt geen rekening gehouden met de woningen die deel uitmaken van het gebouw.
          De functie van het gebouw is deze die overeenkomt met een voor het gebouw of voor gedeelten daarvan uitgereikte omgevingsvergunning uitgereikte omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning. Bij een gebouw waarvoor geen vergunning of melding voorhanden is of waarvan de functie niet duidelijk uit een vergunning of melding blijkt, wordt deze functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van het gebouw voorafgaand aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.
          Een gebouw dat in hoofdzaak gediend heeft voor een economische activiteit, vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, wordt niet beschouwd als leegstaand zolang de oorspronkelijke beoefenaar van deze activiteit een gedeelte van het gebouw bewoont en dat gedeelte niet-afsplitsbaar is. Een gedeelte is eerst afsplitsbaar indien het na sloping van de overige gedeelten kan worden beschouwd als een afzonderlijke woning die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
        2. Leegstaande woning: Een woning wordt als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van ten minste twaalf opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met:
          1. Hetzij de woonfunctie die blijkt uit een omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning die voor die woning is uitgereikt. Bij een woning waarvoor er geen vergunning of melding is, of waarvan de functie niet duidelijk blijkt uit een vergunning of melding, wordt de functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van de woning dat voorafging aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.
          2. Hetzij elke andere bij gemeentelijke verordening omschreven functie (artikel 1 punt 16) die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich mee brengt.
        3. Gebruikte woning zonder inschrijving in het bevolking- of vreemdelingenregister: een onroerend goed of een gedeelte daarvan dat hoofdzakelijk bestemd is voor huisvesting, maar dat niet als hoofdverblijfplaats van de eigenaar of huurder wordt gebruikt, hoewel het op elk moment door hen voor bewoning kan worden aangewend. Het betreft elke woning of appartement, inclusief grote of kleine weekendhuizen, optrekjes, chalets en andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van caravans die gelijkgesteld worden aan chalets, ongeacht of deze al dan niet zijn ingeschreven in de kadastrale legger en ongeacht of ze zich in een recreatiezone bevinden of niet. Een gebruikte woning voldoet aan de onderstaande elementen, die als minimale maatstaven dienen om het gebruik van de woning aan te tonen:
          • Aanwezigheid van huisraad of inrichting.
          • Een minimaal jaarlijks elektriciteitsverbruik van minstens 400 kWh (met vrijstelling van dit minimaal verbruik bij aanwezigheid van zonnepanelen)
          • Voorzien zijn van een eigen waterwinning waarvoor een saneringsbijdrage wordt betaald en/of een jaarlijks waterverbruik dat voldoet aan één van de volgende minimale verbruiken:
            • 10 m³ leidingwater.
            • 7 m³ leidingwater gecombineerd met hergebruik van regenwater, aangesloten op de leidingen in de woning.
        4. Niet onder de toepassing van gebruikte woningen vallen:
          • Tenten, verplaatsbare caravans of verplaatsbare woonwagens.
          • Vergunde vakantieverblijven die een erkenning van Toerisme Vlaanderen hebben.
          • Woningen die geregistreerd staan op de gemeentelijke inventaris van leegstaande woningen.
          • Woningen die onvoldoende worden gebruikt en waarbij de minimale maatstaf niet wordt bereikt.


        Artikel 2.
        Leegstandregistratie

        2.1. Leegstandregister:
        §1. De administratie houdt twee afzonderlijke lijsten bij, die samen ondergebracht worden in het leegstandsregister:

        1. Een lijst “leegstaande gebouwen”.
        2. Een lijst “leegstaande woningen”.

        §2. In elke lijst worden minimaal volgende gegevens opgenomen:

        1. Het adres van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw.
        2. De kadastrale gegevens van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw.
        3. De identiteit en het adres van de houder(s) van het zakelijk recht.
        4. Het nummer en datum van de administratieve akte.
        5. De indicaties die aanleiding hebben gegeven tot de opname.
        6. Indien voorkomend, de datum van de indiening van een beroep overeenkomstig artikel 5 van dit reglement samen met de datum en aard van de beslissing in beroep.
        7. De feiten die aanleiding geven tot een vrijstelling van leegstandsbelasting.

        2.2. Registratie van leegstand:

        §1. De personeelsleden die door het college van burgemeester en schepenen belast zijn met de opsporing van leegstand, beschikken over de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden zoals vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

        §2. Een leegstaand gebouw of een leegstaande woning wordt opgenomen in het leegstandsregister op basis van een genummerde administratieve akte, waaraan één of meerdere foto’s en een beschrijvend verslag zijn toegevoegd waarin de indicaties die de leegstand staven, worden vermeld.

        §3. De leegstand wordt beoordeeld op basis van één of meerdere objectieve indicaties zoals vermeld in de volgende lijst:
        1° Administratieve vaststellingen:

        • Het ontbreken van een inschrijving in het bevolkingsregister op het adres van de woning.
        • het vermoeden dat het gebouw of woning niet wordt gebruikt overeenkomstig de bestemming.
        • het ontbreken van een vestigings- of een ondernemingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

        2° Materiële vaststellingen ter plaatse:

        • Het vaststellen van een zodanig lage economische activiteit in de bedrijfsruimte of handelsfunctie van het gebouw, dat een gebruik overeenkomstig de bestemming redelijkerwijs uitgesloten kan worden.
        • Vermoeden dat de woning niet wordt bewoond, ondanks een inschrijving in het bevolkingsregister.
        • Langdurig neergelaten rolluiken.
        • De woning of gebouw vertoont enige tekenen van verval (glasbreuk, raamopeningen dichtgemaakt of geblindeerd, gebrek aan water- en winddichtheid, ernstige vernielingen, ernstige vervuiling van één of meer onderdelen, toegang onmogelijk of bemoeilijkt, …).
        • Uitpuilende of dichtgeplakte brievenbus of een brievenbus ontbreekt.
        • De woning of gebouw kan niet gebruikt worden volgens de omschreven functie door een gebrek aan inrichting of huisraad.
        • Een storende omgevingsaanleg, zoals een langdurig niet of slecht onderhouden tuin of omgeving.
        • Getuigenissen van omwonenden, de postbode, wijkagent of andere betrouwbare bronnen.
        • Het pand is niet gekend als een gebruikte woning zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister, zoals omgeschreven in artikel 1, 1.2, °3.

        Als uit de feitelijke indicaties niet onmiddellijk vastgesteld kan worden dat de leegstand al minimaal twaalf opeenvolgende maanden aanhoudt, voert de administratie een tweede controle uit.

        2.3. Kennisgeving registratie:

        §1. De houder(s) van het zakelijk recht worden per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Indien zij hierom verzoeken en dit voor de administratie mogelijk is, kan de verdere communicatie na de kennisgeving ook via digitale aangetekende zendingen verlopen, met uitzondering van de indiening van beroepschriften aan de beroepsinstantie.
        Deze kennisgeving bevat:

        • De genummerde administratieve akte, inclusief het beschrijvend verslag, met verwijzing naar het leegstandreglement, en een brochure die het leegstandproces verduidelijkt.
        • Informatie over de gevolgen van de leegstandregistratie.
        • Informatie over de beroepsprocedure tegen de opname in het leegstandsregister.
        • Informatie over de mogelijkheid om uit het leegstandsregister geschrapt te worden.

        §2. De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de houder(s) van het zakelijk recht. Indien de woonplaats van de houder(s) van het zakelijk recht niet gekend is, wordt de beveiligde zending gericht aan diens verblijfplaats. Indien de verblijfplaats eveneens onbekend is, vindt de betekening plaats op het adres van de woning of het gebouw waarop de administratieve akte betrekking heeft. De datum van de beveiligde zending van kennisgeving staat gelijk aan de datum van vaststelling en geldt als de opnamedatum in het register van leegstand.

        2.4. Beroep tegen registratie:

        §1. Binnen een termijn van dertig dagen, ingaand op de dag na het beveiligd schrijven, vermeld in artikel 4, kan een houder van het zakelijk recht bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister.

        • Het beroep wordt per beveiligde zending betekend.
        • Het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:
          • Identiteit en adres van de indiener.
          • Vermelding van het nummer van de administratieve akte en het adres van de woning of het gebouw waarop het beroepschrift betrekking heeft.
          • De bewijsstukken die aantonen dat de opname van het gebouw of de woning in het leegstandsregister ten onrechte is gebeurd. De vaststelling van de leegstand kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.
          • Als datum van het beroepschrift geldt de datum van de beveiligde zending.
        • Wanneer het beroepschrift wordt ingediend door een persoon die optreedt namens de houder(s) van het zakelijk recht, voegt deze een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging toe aan het dossier, tenzij hij optreedt als raadsman die is ingeschreven aan de balie als advocaat of advocaat-stagiair.

        §2. Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken wordt beschouwd.

        §3. Aan de indiener van een beroepschrift wordt een ontvangstbevestiging verstuurd en elk inkomend beroepschrift wordt in het leegstandsregister geregistreerd.

        §4. Het beroepschrift is alleen onontvankelijk:

        • als het te laat is ingediend of niet is ingediend overeenkomstig de bepalingen in paragraaf 1, of;
        • als het beroepschrift niet uitgaat van een houder van het zakelijk recht, of;
        • als het beroepschrift niet is ondertekend.

        §5. Als het beroepschrift onontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit onverwijld mee aan de indiener. Het indienen van een aangepast of nieuw beroep is mogelijk zolang de beroepstermijn van artikel 5 §1 niet verstreken is.

        §6. De administratieve eenheid onderzoekt de gegrondheid van ontvankelijke beroepschriften op basis van de voorgelegde stukken, wanneer de feiten rechtstreeks en eenvoudig vast te stellen zijn, of voert een feitenonderzoek uit indien dit noodzakelijk is. De beroepsinstantie neemt haar beslissing op grond van het administratief onderzoek dat door de administratieve eenheid werd uitgevoerd. Het beroep wordt als ongegrond beschouwd wanneer de toegang tot het gebouw of de woning wordt geweigerd of verhinderd, waardoor het feitenonderzoek niet kan plaatsvinden.

        §7. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na ontvangst van het beroepschrift. De beslissing wordt per beveiligde zending betekend.

        §8. De houder van het zakelijk recht heeft de mogelijkheid om de beslissing, genomen in artikel 5 §7, van de beroepsinstantie te weerleggen bij de rechtbank van eerste aanleg. Deze betwisting dient binnen een termijn van drie maanden te gebeuren na kennisgeving van de beslissing. Doet de houder van het zakelijk recht dit niet, dan is de beslissing van het college van burgemeester en schepenen definitief.
        Indien de beslissing over de opname in het leegstandsregister binnen de drie maanden niet wordt betwist bij de rechtbank van eerste aanleg, is het voor de houder van het zakelijk recht niet meer mogelijk dit later te doen bij een belastingaanslag.
        Een toepassing van artikel 5 §8 is mogelijk wanneer alle administratieve beroepsmiddelen bij de gemeente zijn uitgeput. Indien dit niet gebeurt, is een zaak voor de Rechtbank van Eerste Aanleg onontvankelijk.

        §9. Als de beslissing tot opname in het leegstandsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de houder van het zakelijk recht onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de administratie het gebouw of de woning in het leegstandsregister op vanaf de datum van de beveiligde zending van kennisgeving.

        2.5 Schrapping uit het leegstandregister:

        §1. Een leegstaande woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een houder van het zakelijk recht bewijst dat de leegstaande woning gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden aangewend wordt overeenkomstig de functie, zoals omschreven in artikel 1. De datum van schrapping is de eerste dag van aanwending overeenkomstig de functie. Het effectief gebruik zal blijken uit de inschrijvingen in de bevolkingsregisters of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.

        §2. Een leegstaand gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een houder van het zakelijk recht bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de functie aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden, zoals omschreven in artikel 1. De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie. De administratie stelt deze aanwending vast via administratieve data of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.

        §3. Wanneer een leegstaande woning of een leegstaand gebouw gesloopt is en het volledige puin van het perceel verwijderd is, is de houder van het zakelijk recht verplicht dit te melden aan de administratie. Indien de houder(s) van het zakelijk recht met gedateerde bewijsstukken kunnen aantonen dat de sloop al eerder heeft plaatsgevonden, kan de administratie de schrapping uit het leegstandsregister uitvoeren op de datum van de sloop, zoals bewezen door de ingediende bewijsstukken. De administratie dient de situatie ter plaatse te controleren voordat de schrapping effectief wordt uitgevoerd.

        §4. Voor de schrapping uit het leegstandsregister richt de houder van het zakelijk recht een verzoek aan de administratie. Dit kan zowel door het invullen van de digitale schrappingsaanvraag van de administratie als door het indienen van een schriftelijke schrappingsaanvraag per zending, per mail.

        • Dit schrappingsverzoek bevat:
          • De identiteit en het adres van de indiener.
          • De vermelding van het nummer van de administratieve akte en het adres van het gebouw of de woning waarop de vraag tot schrapping betrekking heeft.
          • De bewijsstukken overeenkomstig paragraaf 1 die aantonen dat de woning of het gebouw geschrapt mag worden uit het leegstandsregister.
          • Als datum van het verzoek wordt de datum van verzending gehanteerd.
        • De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het leegstandsregister en neemt een beslissing binnen een termijn 90 dagen na de ontvangst van het verzoek. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing binnen de vooropgestelde termijn.
        • Tegen de beslissing over het verzoek tot schrapping kan de houder van het zakelijk recht beroep aantekenen volgens de procedure, vermeld in artikel 5.

        Artikel 3
        De belasting

        3.1. Belasting op leegstaande woningen en gebouwen:

        §1. Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een gemeentebelasting geheven op woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister. De definities van woningen, gebouwen, leegstaande woning, leegstaand gebouw en leegstandsregister zijn omschreven in artikel 1.

        §2. De belasting voor een leegstaande woning of een leegstaand gebouw is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat die woning of dat gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden is opgenomen in het leegstandsregister.
        Zolang het gebouw of de woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt, blijft de belasting verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt.

        3.2. Belastingplichtige:

        §1. De belasting is verschuldigd door de houder(s) van het zakelijk recht van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw op de verjaardag van de opnamedatum.

        §2. Indien er meerdere houders van het zakelijk recht zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.

        §3. In geval van overdracht van een zakelijk recht stelt de notaris de verkrijger voorafgaandelijk in kennis van het feit dat het goed is opgenomen in het leegstandsregister. Na het verlijden van de authentieke overdrachtsakte stelt de notaris de administratie in kennis van de overdracht. Daarbij worden de overdrachtsdatum en de identiteitsgegevens van de nieuwe houder van het zakelijk recht meegedeeld.
        De administratie controleert proactief via MAGDA (maximale gegevensdeling tussen administraties) bij de opmaak van de kohierlijst of er nieuwe houders van het zakelijk recht zijn.

        3.3. Tarief van de belasting:

        Het bedrag van de belasting wordt, zowel voor een woning als voor een gebouw, vastgesteld op:

        2.000 euro na de eerste verjaardag van registratie.
        3.500 euro na de tweede verjaardag van registratie.
        5.000 euro na de derde verjaardag van registratie.
        6.500 euro na de vierde verjaardag van registratie.
        8.000 euro na de vijfde verjaardag van registratie = plafond.

        Bij elke overdracht naar een nieuwe houder van het zakelijk recht blijft het aantal termijnen van twaalf opeenvolgende maanden dat het pand op het register staat behouden en wordt het niet opnieuw berekend vanaf de datum van overdracht of de eerste aanslag van de nieuwe houder van het zakelijk recht.
        De nieuwe houder van het zakelijk recht komt in aanmerking voor het aanvragen van een vrijstelling zoals beschreven in artikel 10 §3 3°.

        3.4. Vrijstellingen:

        §1. Een vrijstelling van belasting kan aangevraagd worden door het aanvraagformulier via beveiligde zending in te dienen of via het digitale aanvraagformulier van de intergemeentelijke samenwerking Woonpunt DDS. De administratie is verantwoordelijk voor de opmaak van het advies, waarna de beroepsinstantie zal oordelen. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling, dient de gevraagde bewijsstukken aan te leveren.

        §2. De beslissing over een aanvraag tot vrijstelling kan ook ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de procedure, vermeld in artikel 11.

        §3. Van de leegstandbelasting zijn vrijgesteld:

        1. De houder van het zakelijk recht van één woning, die hij eerder als hoofdverblijfplaats en als laatste bewoner bewoonde, verblijft in een erkende ouderenvoorziening of die voor een langdurig verblijf werd opgenomen in een psychiatrische instelling of die zich in om het even welke vergelijkbare situatie bevindt. Deze vrijstelling geldt voor een periode van 2 jaar, volgend op de datum van de opname in het leegstandsregister.
        2. De belastingplichtige waarvan de handelingsbekwaamheid beperkt werd ingevolge een gerechtelijke beslissing, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor het belastingsjaar dat volgt op de gerechtelijke beslissing die de handelingsbekwaamheid inperkt.
        3. De belastingplichtige die sinds minder dan twee jaar houder van het zakelijk recht is van het gebouw of de woning, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor het belastingsjaar dat volgt op het verkrijgen van het zakelijk recht. Dit bewijs moet geleverd worden door het voorleggen van een attest van de notaris waaruit blijkt vanaf welke datum de belastingplichtige eigenaar is geworden of door het voorleggen van een notarisakte.
          Vallen niet onder deze vrijstellingsmogelijkheid:
          • Herverdelingen onder bloed- en aanverwanten tot en met de derde graad, tenzij ingeval van overdracht bij erfopvolging of testament.
          • Een houder van het zakelijk recht die participeert, rechtstreeks of onrechtstreeks, voor meer dan 10 procent van het aandeelhouderschap in een vennootschap die voordien houder van het zakelijk recht was.
          • Vennootschappen waarin de vroegere houder van het zakelijk recht participeert, rechtstreeks of onrechtstreeks, voor meer dan 10 procent van het aandeelhouderschap.

        §4. Een vrijstelling wordt verleend als het gebouw of de woning:

        1. De gebouwen en/of woningen die binnen de grenzen liggen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid. De vrijstelling begint vanaf de datum van het goedgekeurd onteigeningsplan en eindigt tot aan de effectieve onteigening.
        2. De gebouwen en/of woningen die krachtens het decreet betreffende het onroerend erfgoed van 12 juli 2013 zijn beschermd als monument en waarvoor bij de bevoegde overheid een ontvankelijk verklaard restauratiepremiedossier is ingediend. De vrijstelling begint vanaf de ontvankelijkheidsverklaring van het restauratiepremiedossier en loopt tot aan de definitieve beslissing hiervan.
        3. De gebouwen en/of woningen die getroffen zijn door een plotse ramp, die zich heeft voorgedaan onafhankelijk van de wil van de belastingplichtige. Deze vrijstelling geldt voor een periode van één jaar en kan maximaal tot driemaal verlengd worden volgend op de datum van de vernieling of beschadiging.
        4. Het gebouw en/of de woning die niet gebruikt kan worden vanwege een verzegeling of betredingsverbod in het kader van een strafrechtelijk onderzoek, of vanwege een expertise in het kader van een gerechtelijke procedure. Deze vrijstelling is niet van toepassing wanneer het een gerechtelijke procedure betreft tussen houders van het zakelijk recht op hetzelfde gebouw en/of dezelfde woning. De vrijstelling geldt vanaf het moment dat het gebruik van het gebouw of de woning onmogelijk is tot één jaar na het einde van deze situatie. De houder van het zakelijk recht dient de administratie jaarlijks een stand van zaken te verstrekken met betrekking tot de voortgang van het onderzoek of de procedure.
        5. De gebouwen en/of woningen die gerenoveerd of verbouwd worden binnen een ruimer renovatieproject van groepswoningen en waarvoor een gedetailleerde renovatieplanning werd ingediend bij het lokaal woonoverleg. Indien het lokaal woonoverleg akkoord gaat met de renovatieplanning, geldt deze vrijstelling voor een termijn van twee jaar, volgend op het moment dat de planning volledig is ingediend. De vrijstelling kan verlengd worden met één jaar voor zover aan het lokaal woonoverleg kan worden aangetoond dat de plannen voortgang maken en het lokaal woonoverleg akkoord gaat met deze voortgang.
        6. De houder(s) van het zakelijk recht kan een vrijstelling van belasting verkrijgen wanneer een aanvraag voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning is ingediend. De aanvraag dient volledig en ontvankelijk te zijn verklaard, ongeacht de goedkeuring of afkeuring ervan.
          De vrijstellingstermijn begint bij het indienen van de aanvraag voor de omgevingsvergunning en kan maximaal één jaar worden verleend. Deze vrijstelling kan slechts eenmaal per gebouw of woning worden toegepast. Indien het gebouw of de woning van houder(s) van het zakelijk recht verandert, kan de vrijstelling opnieuw worden toegekend.
        7. De houder(s) van het zakelijk recht wordt een vrijstelling verleend voor het verbouwen, herbouwen, uitbreiden of het slopen van het pand:
          I. Voor een periode van twee jaar wegens een goedgekeurde omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg of wegens een aktename van een melding van stedenbouwkundige handelingen. Deze vrijstelling wordt toegekend voor een periode van twee jaar vanaf de datum van goedkeuring van de omgevingsvergunning of vanaf de datum van stedenbouwkundige handelingen (meldingen).
          II. Voor een periode van twee jaar wanneer een renovatienota bedoeld in artikel 1.13 is ingediend en aanvaard. Deze periode wordt toegekend vanaf de datum van opname in het register van leegstand. Indien het verkrijgen van het zakelijk recht plaatsvond na opname in het register van leegstand wordt de vrijstelling toegekend voor een periode van twee jaar vanaf het verkrijgen van het zakelijk recht.
          De vrijstelling onder punt I en II kan tot driemaal toe door de beroepsinstantie verlengd worden voor een duurtijd van telkens één jaar.
          De belastingsplichtige brengt de administratie elke keer voor de verjaringsdatum op de hoogte van de reeds uitgevoerde werken door de volgende stukken over te maken:
          • Een overzicht en gedetailleerd tijdschema waarin wordt aangegeven welke werken zullen worden uitgevoerd binnen welke termijn.
          • Facturen met factuurdatum van maximum één jaar voor werken die uitgevoerd of reeds in uitvoering in zijn.
          • Foto’s van de te renoveren ruimtes of gerenoveerde ruimtes bij het aanvragen van de renovatienota.

        Vooraleer de verlenging toegekend wordt, kan een plaatsbezoek tot vaststelling van de voortgang van de werken ter controle door de administratie uitgevoerd worden. 
        Wanneer blijkt dat er niet voldoende werken werden uitgevoerd, wordt de verlenging door de beroepsinstantie geweigerd. Indien er een plaatsbezoek wordt geweigerd of indien de administratie geen toegang wordt verleend, wordt de verlenging automatisch geweigerd. 
        Deze aanvraag tot verlenging moet ingediend worden uiterlijk op het moment dat de vrijstellingsperiode verstrijkt.

        8. Wegens overmacht, als de belastingplichtige aantoont dat de woning of het gebouw opgenomen blijft in het register van leegstaande woningen en gebouwen ten gevolge van een onvoorzienbare gebeurtenis onafhankelijk zijn van zijn wil. Die vrijstelling wordt verleend voor een termijn van één jaar, maar wordt jaarlijks verlengd als de overmacht aanhoudt.

        9. De belastingsplichtige wordt een vrijstelling verleend wanneer een aanvraag tot vrijstelling wegens tijdelijk gebruik is ingediend en aanvaard. Deze vrijstelling wordt toegekend voor een periode van één jaar volgend op het ter beschikking stellen van de woning of het gebouw voor minimaal 6 maanden voor een tijdelijk (socio-)cultureel initiatief of een pop-up handels- of horecazaak op voorwaarde dat deze aan de wettelijke vereisten voldoet en het effectieve gebruik duidelijk waarneembaar is. Binnen deze 6 maanden wordt zowel de voorbereiding als de effectieve activiteit of uitbating begrepen. Deze aanvraag tot vrijstelling moet uiterlijk 1 maand na de start van de terbeschikkingstelling ingediend worden en bevat minstens een kopie van de overeenkomst tijdelijk gebruik. Op deze vrijstelling kan maximaal 2 aanslagjaren beroep worden gedaan.

        3.5. Bezwaar:

        §1. De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
        §2. De indiening en de behandeling van het bezwaar gebeurt volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

        3.6. Inkohiering:

        §1. De belasting wordt ingevorderd bij wijze van kohier welke worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen

        Artikel 4.
        Inwerkingtreding:

        §1. Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
        §2. Woningen en gebouwen die reeds opgenomen zijn in het gemeentelijk leegstandsregister blijven opgenomen met behoud van initiële opnamedatum.
        §3. Woningen en gebouwen die reeds een vrijstelling van belasting toegekend kregen blijven behouden deze vrijstelling voor de duurtijd die werd toegekend.

      • Reglement registratie en belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Op basis van een bovenlokale evaluatie van het verwaarlozingsreglement werd duidelijk dat enkele aanpassingen nodig zijn.
        De vrijstellingsmogelijkheden onderworpen aan een update. De verwaarlozingsbelasting werd opgetrokken en daarmee beter afgestemd op de veel hogere belasting in de clustergemeente Zele en de andere gemeenten in de werkingsregio van de IGS wonen. Ook d
        e nieuwe regelgeving inzake beroep tegen een registratie is opgenomen. De schrappingsprocedure is verder uitgeschreven, inclusief schrapping bij sloop.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 170 §4 van de Grondwet.
        • Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
        • Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder de artikelen 2.15 tot en met 2.20, met latere wijzigingen.
        • Het Ministerieel besluit van 14 maart 2025 houdende de subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2026-2031, dat het aanpakken en registreren verwaarloosde woningen verplicht.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 1 maart 2023 over registratie en belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 8 september 2025 tot goedkeuring van het subsidiedossier voor het intergemeentelijk project lokaal woonbeleid Woonpunt DDS voor de periode 2026-2031.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Verwaarloosde woningen en gebouwen vormen makkelijker het mikpunt van vandalisme en vervuiling, omdat een goed waarvoor geen zorg gedragen wordt, weinig respect wekt bij passanten en buurtbewoners.
        • Verwaarlozing creëert een gevoel van onveiligheid, wat een hogere inzet van politie- en veiligheidsdiensten vraagt.
        • Verwaarloosde woningen of gebouwen maken het minder aantrekkelijk voor andere eigenaars in de straat of in de buurt om hun woning te renoveren of te verbeteren.
        • Verwaarloosde gevels in het straatbeeld doen de inspanningen van de gemeente om het openbaar domein opnieuw aan te leggen of net te houden grotendeels teniet.
        • Verwaarloosde woningen en gebouwen zijn minder of niet bruikbaar voor hun functie, waardoor ze ruimte in beslag nemen zonder die optimaal te benutten, terwijl de ecologische en maatschappelijke druk om ruimte zuinig en zorgvuldig te gebruiken steeds toeneemt.
        • Het is wenselijk dat het woningen- en gebouwenbestand dat op het grondgebied van de gemeente beschikbaar is niet alleen gebruikt wordt, maar ook in goede staat blijft, omdat verwaarlozing leidt tot verloedering, wat extra taken meebrengt voor de gemeente.
        • De strijd tegen de verwaarloosde woningen en gebouwen zal maar een effect hebben als de opname in een verwaarlozingsregister ook leidt tot een belasting.
        • De vrijstellingen van- registratie en/of belasting die in dit reglement zijn opgenomen, sluiten het best aan bij de noden en het beleid van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 9 stemmen tegen, 4 onthoudingen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven: 

        Artikel 1. 
        Begripsomschrijvingen: voor de toepassing van dit reglement gelden onder meer de begripsomschrijvingen van het artikel 1.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
        1.1. Algemene begripsomschrijvingen

        1. Administratie: De gemeentelijke administratieve eenheid en het intergemeentelijk samenwerkingsverband Woonpunt DDS dat door het gemeentebestuur wordt belast met de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het verwaarlozingsregister.
          Conform artikel 2.9, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 draagt de gemeente de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het verwaarlozingsregister over aan Woonpunt DDS. Woonpunt DDS fungeert als intergemeentelijk samenwerkingsverband. Het college van burgemeester en schepenen duidt de personeelsleden aan die onderzoeks-, controle– en vaststellingsbevoegdheden hebben. Het intergemeentelijk samenwerkingsverband heeft een uitvoerende rol voor de opmaak, de opbouw, het beheer en de actualisering van het verwaarlozingsregister.
        2. Beroepsinstantie: Het college van burgemeester en schepenen.
        3. Beveiligde zending: Een aangetekende zending of een afgifte tegen ontvangstbewijs.
        4. Gebouw: Elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitsluiting van bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2, 1°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
        5. Woning: Een goed, zoals vermeld artikel 1.3, eerste lid, 66° van de Vlaamse Codex Wonen; elk onroerend goed of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande.
        6. Administratieve akte: Indien de verwaarlozing vaststaat wordt een administratieve akte opgemaakt. Deze akte is genummerd en bevat als besluit de beslissing tot opname van het pand in het verwaarlozingsregister.
        7. Verwaarlozingsregister: Het gemeentelijk register van verwaarloosde gebouwen en woningen, vermeld in artikel 2.15 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
        8. Opnamedatum: De datum waarop het gebouw of de woning in het verwaarlozingsregister wordt opgenomen.
        9. Verjaardag: Het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de opnamedatum, zolang het gebouw of de woning niet uit het verwaarlozingsregister is geschrapt.
        10. Houder(s) van het zakelijk recht: De persoon of de personen met een recht van volle eigendom, opstal, erfpacht of vruchtgebruik met betrekking tot een gebouw of een woning.
        11. Renovatienota: Een gedetailleerde, gedateerde en ondertekende nota, van niet-vergunningsplichtige en niet-meldingsplichtige renovatiewerken conform het decreet betreffende de omgevingsvergunning. Het modeldocument maakt onafscheidelijk deel uit van dit verwaarlozingsreglement. Het document dient aan te tonen welke grondige renovatiewerken zullen uitgevoerd worden aan de woning of gebouw. De uitvoering van de werken moeten een aanzienlijke werktijd vereisen en van die omvang zijn dat zij de normale bewoning van het gebouw belemmeren. Uitgesloten zijn verfraaiingswerken. Een renovatienota bestaat minimaal uit de volgende stukken:
          1. Een overzicht en gedetailleerd tijdschema waarin wordt aangegeven welke werken zullen worden uitgevoerd binnen welke termijn.
          2. Facturen met factuurdatum van maximum één jaar voor werken die uitgevoerd of reeds in uitvoering in zijn.
          3. Foto’s van de te renoveren ruimtes of gerenoveerde ruimtes bij het aanvragen van de renovatienota.
        12. Omgevingsvergunning: zowel de huidige omgevingsvergunning voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen conform het omgevingsvergunningsdecreet als de stedenbouwkundige vergunning.
        13. Beschermd monument: Een beschermd monument is een onroerend goed dat van algemeen belang is vanwege zijn erfgoedwaarde. Het is beschermd conform het decreet betreffende het onroerend erfgoed dd. 12 juli 2013.

        Artikel 2.
        Verwaarlozingsregistratie

        2.1. Verwaarlozingsregister
        §1. De administratie houdt een register bij van verwaarloosde woningen en gebouwen.

        §2. In het verwaarlozingsregister worden minimaal volgende gegevens opgenomen:

        1. Het adres van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw.
        2. De kadastrale gegevens van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw.
        3. De identiteit en het adres van de houder(s) van het zakelijk recht.
        4. Het nummer en datum van de administratieve akte.
        5. De gebreken en tekenen van verval die aanleiding geven tot de opname in het register.

        2.2. Registratie van verwaarlozing

        §1. De personeelsleden die door het college van burgemeester en schepenen belast zijn met de opsporing van verwaarlozing, beschikken over de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden zoals vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

        §2. Om vast te stellen of een gebouw, ongeacht of het dienst doet als woning, verwaarloosd is, wordt uitgegaan van één of meerdere ernstige zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval. Het personeelslid van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Woonpunt DDS, is bevoegd voor het vaststellen van een verwaarloosde woning(en) of gebouw(en) en is daartoe aangeduid door het college van burgemeester en schepenen.

        §3. Een gebouw, ongeacht of het dienst doet als woning, wordt beschouwd als verwaarloosd, wanneer het ernstige zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval vertoont aan buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst of dakgoten.

        Alle ernstige zichtbare en storende gebreken en tekenen van verval worden beschouwd als  gebreken die verder verval op korte termijn in de hand werken. Dit geldt in het bijzonder wanneer bij de hoofd-en /of bijgebouw(en):

        1. De water- of winddichtheid is aangetast en/of
        2. De stabiliteit is aangetast en/of
        3. Onderdelen die losgekomen zijn of dreigen los te komen en/of
        4. Voorgaande gebreken met voorlopige ontoereikende maatregelen werden verholpen

        De vaststelling van verwaarlozing gebeurt altijd op basis van vaststellingen ter plaatse en dienen in een beschrijvend verslag opgenomen  te worden.

        §4. Een verwaarloosde woning of gebouw wordt opgenomen in het verwaarlozingsregister aan de hand van een genummerd administratieve akte waaraan minstens één foto wordt toegevoegd. De administratieve akte bevat een beschrijvend verslag met een opsomming van alle gebreken die aanleiding geven tot de opname in het verwaarlozingsregister. De datum van de beveiligde van kennisgeving geldt eveneens als opnamedatum in het verwaarlozingsregister.

        §5. Een woning die opgenomen is in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen kan eveneens opgenomen worden in het verwaarlozingsregister, en omgekeerd.

        §6. Een woning of een gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijke verwaarlozingsregister, kan eveneens opgenomen worden in het verwaarlozingsregister, en omgekeerd.

        2.3. Kennisgeving registratie

        §1. De houder(s) van het zakelijk recht worden per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het verwaarlozingsregister. Indien zij hierom verzoeken en dit voor de administratie mogelijk is, kan de verdere communicatie na de kennisgeving ook via digitale aangetekende zendingen verlopen, met uitzondering van de indiening van beroepschriften aan de beroepsinstantie.
        Deze kennisgeving bevat:

        • De genummerde administratieve akte, inclusief het beschrijvend verslag, met verwijzing naar het verwaarlozingsreglement.
        • Informatie over de gevolgen van de verwaarlozingsregistratie.
        • Informatie over de beroepsprocedure tegen de opname in het verwaarlozingsregister.
        • Informatie over de mogelijkheid om uit het verwaarlozingsregister geschrapt te worden.

        §2. De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de houder(s) van het zakelijk recht. Indien de woonplaats van de houder(s) van het zakelijk recht niet gekend is, wordt de beveiligde zending gericht aan diens verblijfplaats. Indien de verblijfplaats eveneens onbekend is, vindt de betekening plaats op het adres van de woning of het gebouw waarop de administratieve akte betrekking heeft. De datum van de beveiligde zending van kennisgeving staat gelijk aan de datum van vaststelling en geldt als de opnamedatum in het register van verwaarlozing.

        2.4. Beroep tegen registratie

        §1. Binnen een termijn van dertig dagen, ingaand op de dag na het beveiligd schrijven, vermeld in artikel 4, kan een houder van het zakelijk recht bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het verwaarlozingsregister.  Het beroep wordt per beveiligde zending betekend en het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:

        • Identiteit en adres van de indiener.
        • Vermelding van het nummer van de administratieve akte en het adres van de woning of het gebouw waarop het beroepschrift betrekking heeft.
        • De bewijsstukken die aantonen dat de opname van het gebouw of de woning in het verwaarlozingsregister ten onrechte is gebeurd. De vaststelling van de verwaarlozing kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

        Als datum van het beroepschrift geldt de datum van de beveiligde zending.
        Wanneer het beroepschrift wordt ingediend door een persoon die optreedt namens de houder(s) van het zakelijk recht, voegt deze een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging toe aan het dossier, tenzij hij optreedt als raadsman die is ingeschreven aan de balie als advocaat of advocaat-stagiair.

        §2. Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken wordt beschouwd.

        §3. Aan de indiener van een beroepschrift wordt een ontvangstbevestiging verstuurd en elk inkomend beroepschrift wordt in het verwaarlozingsregister geregistreerd.

        §4. Het beroepschrift is alleen onontvankelijk:

        • Als het te laat is ingediend of niet is ingediend overeenkomstig de bepalingen in paragraaf 1, of
        • Als het beroepschrift niet uitgaat van een houder van het zakelijk recht, of
        • Als het beroepschrift niet is ondertekend.

        §5. Als het beroepschrift onontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit onverwijld mee aan de indiener. Het indienen van een aangepast of nieuw beroep is mogelijk zolang de beroepstermijn van artikel 5 §1 niet verstreken is.

        §6. De administratieve eenheid onderzoekt de gegrondheid van ontvankelijke beroepschriften op basis van de voorgelegde stukken, wanneer de feiten rechtstreeks en eenvoudig vast te stellen zijn, of voert een feitenonderzoek uit indien dit noodzakelijk is. De beroepsinstantie neemt haar beslissing op grond van het administratief onderzoek dat door de administratieve eenheid werd uitgevoerd. Het beroep wordt als ongegrond beschouwd wanneer de toegang tot het gebouw of de woning wordt geweigerd of verhinderd, waardoor het feitenonderzoek niet kan plaatsvinden.

        §7. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na ontvangst van het beroepschrift. De beslissing wordt per beveiligde zending betekend.

        §8. De houder van het zakelijk recht heeft de mogelijkheid om de beslissing, genomen in artikel 5 §7, van de beroepsinstantie te weerleggen bij de rechtbank van eerste aanleg. Deze betwisting dient binnen een termijn van drie maanden te gebeuren na kennisgeving van de beslissing. Doet de houder van het zakelijk recht dit niet, dan is de beslissing van het college van burgemeester en schepenen definitief.
        Indien de beslissing over de opname in het verwaarlozingsregister binnen de drie maanden niet wordt betwist bij de rechtbank van eerste aanleg, is het voor de houder van het zakelijk recht niet meer mogelijk dit later te doen bij een belastingaanslag.
        Een toepassing van artikel 5 §8 is mogelijk wanneer alle administratieve beroepsmiddelen bij de gemeente zijn uitgeput. Indien dit niet gebeurt, is een zaak voor de rechtbank van een eerste aanleg onontvankelijk.

        §9. Als de beslissing tot opname in het verwaarlozingsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de houder van het zakelijk recht onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de administratie het gebouw of de woning in het verwaarlozingsregister op vanaf de datum van de beveiligde zending van kennisgeving.

        2.5. Schrapping uit het verwaarlozingsregister

        §1. Een woning of een gebouw wordt geschrapt uit het verwaarlozingsregister wanneer de houder van het zakelijk recht bewijst dat de ernstige zichtbare en storende gebreken en tekenen van verval die aanleiding gaven tot de opname in het verwaarlozingsregister en die zijn omschreven in het beschrijvend verslag bij de administratieve akte, zoals bepaald in artikel 3 §2 en §3, hersteld zijn of verwijderd.

        §2. De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met de opsporing van verwaarloosde gebouwen en woningen belaste personeelsleden.

        §3. Wanneer een verwaarloosde woning of een verwaarloosd gebouw gesloopt is en het volledige puin van het perceel verwijderd is, is de houder van het zakelijk recht verplicht dit te melden aan de administratieve. Indien de houder(s) van het zakelijk recht met gedateerde bewijsstukken kunnen aantonen dat de sloop al eerder heeft plaatsgevonden, kan de administratie de schrapping uit het verwaarlozingsregister uitvoeren op de datum van de sloop, zoals bewezen door de ingediende bewijsstukken. De administratie dient de situatie ter plaatse te controleren voordat de schrapping effectief wordt uitgevoerd.

        §4. Voor de schrapping uit het verwaarlozingsregister richt de houder van het zakelijk recht een verzoek aan de administratie. Dit kan zowel door het invullen van de digitale schrappingsaanvraag van de administratie als door het indienen van een schriftelijke schrappingsaanvraag per zending, per mail.

        Dit schrappingsverzoek bevat:

        • De identiteit en het adres van de indiener.
        • De vermelding van het nummer van de administratieve akte en het adres van het gebouw of de woning waarop de vraag tot schrapping betrekking heeft.
        • De bewijsstukken overeenkomstig paragraaf 1 die aantonen dat de woning of het gebouw geschrapt mag worden uit het verwaarlozingsregister.

        De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het verwaarlozingsregister en neemt een beslissing binnen een termijn 90 dagen na de ontvangst van het verzoek. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing binnen de vooropgestelde termijn.

        Tegen de beslissing over het verzoek tot schrapping kan de houder van het zakelijk recht beroep aantekenen volgens de procedure, vermeld in artikel 5.

        Artikel 3
        De belasting

        3.1. Belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen

        §1. Voor de jaren 2026 tot en met 2031 wordt een gemeentebelasting geheven op woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het verwaarlozingsregister.

        §2. De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het moment waarop de woning of het gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden in het verwaarlozingsregister is opgenomen. Zolang de woning of het gebouw niet uit het verwaarlozingsregister is geschrapt, blijft de belasting jaarlijks verschuldigd op de verjaardag van de initiële opname.

        3.2. Belastingplichtige

        §1. De belasting is verschuldigd door de houder(s) van het zakelijk recht van de verwaarloosde woning of het verwaarloosd gebouw op de verjaardag van de opnamedatum.

        §2. Indien er meerdere houders van het zakelijk recht zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.

        §3. In geval van overdracht van een zakelijk recht stelt de notaris de verkrijger voorafgaandelijk in kennis van het feit dat het goed is opgenomen in het verwaarlozingsregister. Na het verlijden van de authentieke overdrachtsakte stelt de notaris de administratie in kennis van de overdracht. Daarbij worden de overdrachtsdatum en de identiteitsgegevens van de nieuwe houder van het zakelijk recht meegedeeld.

        De administratie controleert proactief via MAGDA (maximale gegevensdeling tussen administraties) bij de opmaak van de kohierlijst of er nieuwe houders van het zakelijk recht zijn.

        3.3 Tarief van de belasting

        Het bedrag van de belasting wordt, zowel voor een woning als voor een gebouw, vastgesteld op:

        • 2.000 euro na de eerste verjaardag van registratie.
        • 3.500 euro na de tweede verjaardag van registratie.
        • 5.000 euro na de derde verjaardag van registratie.
        • 6.500 euro na de vierde verjaardag van registratie.
        • 8.000 euro na de vijfde, en volgende verjaardagen van registratie (= plafond).

        Bij elke overdracht naar een nieuwe houder van het zakelijk recht blijft het aantal termijnen van twaalf opeenvolgende maanden dat het pand op het register staat behouden en wordt het niet opnieuw berekend vanaf de datum van overdracht of de eerste aanslag van de nieuwe houder van het zakelijk recht.
        De nieuwe houder van het zakelijk recht komt in aanmerking voor het aanvragen van een vrijstelling zoals beschreven in artikel 3.4 §3 nr 3.

        3.4. Vrijstellingen

        §1. Een vrijstelling van belasting kan aangevraagd worden door het aanvraagformulier via beveiligde zending in te dienen of via het digitaal aanvraagformulier van- de intergemeentelijke samenwerking Woonpunt DDS. De administratie staat in voor de opmaak van het advies, waarna de beroepsinstantie zal oordelen. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling dient hiervoor de gevraagde bewijsstukken aan te leveren.

        §2. Een aanvraag tot vrijstelling van belasting kan ook ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de procedure, vermeld in artikel 11.

        §3. Van de verwaarlozingsbelasting zijn vrijgesteld:

        1. De belastingplichtige die sinds minder dan twee jaar houder van het zakelijk recht is van het gebouw of de woning, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor het belastingsjaar dat volgt op het verkrijgen van het zakelijk recht. Dit bewijs moet geleverd worden door het voorleggen van een attest van de notaris waaruit blijkt vanaf welke datum de belastingplichtige eigenaar is geworden of door het voorleggen van een notarisakte.
          Vallen niet onder deze vrijstellingsmogelijkheid:
          • Herverdelingen onder bloed- en aanverwanten tot en met de derde graad, tenzij ingeval van overdracht bij erfopvolging of testament.
          • Een houder van het zakelijk recht die participeert, rechtstreeks of onrechtstreeks, voor meer dan 10 procent van het aandeelhouderschap in een vennootschap die voordien houder van het zakelijk recht was.
          • Vennootschappen waarin de vroegere houder van het zakelijk recht participeert, rechtstreeks of onrechtstreeks, voor meer dan 10 procent van het aandeelhouderschap.
        2. De belastingplichtige die de verwaarloosde woning volledig en uitsluitend gebruikt als zijn hoofdverblijfplaats. Op voorwaarde de belastingplichtige niet over een andere woning beschikt en  onder de inkomensgrenzen voor een sociale huurwoning valt, zoals bepaald in artikel 6.13 van Boek 6 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021” (ook bekend als het kaderbesluit Sociale Huur).

        §4. Een vrijstelling wordt verleend als het gebouw of de woning:

        1. De gebouwen en/of woningen die binnen de grenzen liggen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid. De vrijstelling begint vanaf de datum van het goedgekeurd onteigeningsplan en eindigt tot aan de effectieve onteigening.
        2. De gebouwen en/of woningen die krachtens het decreet betreffende het onroerend erfgoed van 12 juli 2013 zijn beschermd als monument en waarvoor bij de bevoegde overheid een ontvankelijk verklaard restauratiepremiedossier is ingediend. De vrijstelling begint vanaf de ontvankelijkheidsverklaring van het restauratiepremiedossier en loopt tot aan de definitieve beslissing hiervan.
        3. De gebouwen en/of woningen die getroffen zijn door een plotse ramp, die zich heeft voorgedaan onafhankelijk van de wil van de belastingplichtige. Deze vrijstelling geldt voor een periode van één jaar en kan maximaal tot driemaal verleend worden volgend op de datum van de vernieling of beschadiging.
        4. Het gebouw en/of woning dat onmogelijk kan gebruikt worden omwille van een verzegeling/ betredingsverbod in het kader van een strafrechtelijk onderzoek of omwille van een expertise in het kader van een gerechtelijke procedure. Deze vrijstelling is niet geldig wanneer het een gerechtelijke procedure onderling tussen houder(s) van het zakelijk recht van dezelfde gebouw en/of woning betreft. De vrijstelling begint vanaf het begin van de onmogelijkheid tot effectief gebruik tot één jaar na het einde van de onmogelijkheid. De houder van het zakelijk recht dient de administratie jaarlijks een stand van zaken te geven betreffende de voortgang van het onderzoek of procedure. 
        5. De gebouwen en/of woningen die gerenoveerd of verbouwd worden binnen een ruimer renovatieproject van groepswoningen en waarvoor een gedetailleerde renovatieplanning werd ingediend bij het lokaal woonoverleg. Indien het lokaal woonoverleg akkoord gaat met de renovatieplanning, geldt deze vrijstelling voor een termijn van twee jaar, volgend op het moment dat de planning volledig is ingediend. De vrijstelling kan verlengd worden met één jaar voor zover aan het lokaal woonoverleg kan worden aangetoond dat de plannen voortgang maken en het lokaal woonoverleg akkoord gaat met deze voortgang.
        6. De houder(s) van het zakelijk recht kan een vrijstelling van belasting verkrijgen wanneer een aanvraag voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning is ingediend. De aanvraag dient volledig en ontvankelijk te zijn verklaard, ongeacht de goedkeuring of afkeuring ervan.
          De vrijstellingstermijn begint bij het indienen van de aanvraag voor de omgevingsvergunning en kan maximaal één jaar worden verleend. Deze vrijstelling kan slechts eenmaal per gebouw of woning worden toegepast. Indien het gebouw of de woning van houder(s) van het zakelijk recht verandert, kan de vrijstelling opnieuw worden toegekend.
        7. De houder(s) van het zakelijk recht wordt een vrijstelling verleend voor het verbouwen, herbouwen, uitbreiden of het slopen van het pand:
          I. Voor een periode van twee jaar wegens een goedgekeurde omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg of wegens een aktename van een melding van stedenbouwkundige handelingen. Deze vrijstelling wordt toegekend voor een periode van twee jaar vanaf de datum van goedkeuring van de omgevingsvergunning of vanaf de datum van stedenbouwkundige handelingen (meldingen).
          II. Voor een periode van twee jaar wanneer een renovatienota bedoeld in artikel 1.13 is ingediend en aanvaard. Deze periode wordt toegekend vanaf de datum van opname in het register van verwaarlozing. Indien het verkrijgen van het zakelijk recht plaatsvond na opname in het register van verwaarlozing wordt de vrijstelling toegekend voor een periode van twee jaar vanaf het verkrijgen van het zakelijk recht.
          De vrijstelling onder punt I en II kan tot driemaal toe door de beroepsinstantie verlengd worden voor een duurtijd van telkens één jaar.
          De belastingsplichtige brengt de administratie elke keer voor de verjaringsdatum op de hoogte van de reeds uitgevoerde werken door de volgende stukken over te maken:
          • Een overzicht en gedetailleerd tijdschema waarin wordt aangegeven welke werken zullen worden uitgevoerd binnen welke termijn.
          • Facturen met factuurdatum van maximum één jaar voor werken die uitgevoerd of reeds in uitvoering in zijn.
          • Foto’s van de te renoveren ruimtes of gerenoveerde ruimtes bij het aanvragen van de renovatienota.

        Vooraleer de verlenging toegekend wordt, kan een plaatsbezoek tot vaststelling van de voortgang van de werken ter controle door de administratie uitgevoerd worden. 
        Wanneer blijkt dat er niet voldoende werken werden uitgevoerd, wordt de verlenging door de beroepinstantie geweigerd. Indien er een plaatsbezoek wordt geweigerd of indien de administratie geen toegang wordt verleend, wordt de verlenging automatisch geweigerd. 
        Deze aanvraag tot verlenging moet ingediend worden uiterlijk op het moment dat de vrijstellingsperiode verstrijkt.

        8. Wegens overmacht, als de belastingplichtige aantoont dat de woning of het gebouw opgenomen blijft in het register van verwaarloosde woningen en gebouwen ten gevolge van een onvoorzienbare gebeurtenis onafhankelijk zijn van zijn wil. Die vrijstelling wordt verleend voor een termijn van één jaar, maar wordt jaarlijks verlengd als de overmacht aanhoudt.

        3.5. Bezwaar

        §1. De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
        §2. De indiening en de behandeling van het bezwaar gebeurt volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

        3.6. Inkohiering

        §1. De belasting wordt ingevorderd bij wijze van kohier welke worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen

        Artikel 4.
        Inwerkingtreding

        §1. Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
        §2. Woningen en gebouwen die reeds opgenomen zijn in het gemeentelijk verwaarlozingsregister blijven opgenomen met behoud van initiële opnamedatum.
        §3. Woningen en gebouwen die reeds een vrijstelling van belasting toegekend kregen blijven behouden deze vrijstelling voor de duurtijd die werd toegekend.

      • Retributiereglement op de afgifte van conformiteitsattesten - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Het gemeentelijk retributiereglement op het afleveren van conformiteitsattesten voor zelfstandige woningen werd goedgekeurd op de gemeenteraad van 1/03/2023 en vervalt op 31/12/2025. Dit reglement dient verlengd te worden.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Grondwet, artikel 173.
        • Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40§3 inzake reglementen en retributies.
        • Vlaamse Codex Wonen van 2021.
        • Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
        • Omzendbrief KB/ABB 2019/ van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit.
        • Gemeenteraadsbesluit dd. 1/3/2023 aangaande het retributiereglement op de afgifte van conformiteitsattesten.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het conformiteitsattest is een officiële verklaring dat een woning of kamer voldoet aan de normen inzake veiligheid, gezondheid en kwaliteit van de Vlaamse Codex Wonen. Aan de afgifte van een conformiteitsattest gaat steeds een conformiteitsonderzoek door een woningcontroleur vooraf, met bijhorende administratieve verwerking. De conformiteitsonderzoeken worden uitgevoerd door de gemeente of door de woningcontroleur van het intergemeentelijke samenwerkingsverband wonen, met als projectnaam Woonpunt DDS.
        • Het is aangewezen om voor de behandeling van een aanvraag van een conformiteitsattest een vergoeding vast te stellen. De maximale vergoeding dat een gemeente kan vragen voor de behandeling van een aanvraag van een conformiteitsattest werd vastgelegd door de Vlaamse Regering en werd in 2021 verhoogd van € 62,50 naar € 90,00,een maximum dat jaarlijks wordt aangepast aan de gezondheidsindex. Een retributie van € 62,50 dekt de kosten van het afleveren niet. Het is daarom aangewezen de gemeentelijke retributie hieraan aan te passen.
        • De Vlaamse Codex Wonen bepaalt dat een retributie slechts gevraagd kan worden voor de aanvraag van een conformiteitsattest. Dat betekent bijvoorbeeld dat geen retributie gevraagd kan worden bij een conformiteitsattest dat wordt afgeleverd in het kader van de waarschuwingsprocedure van artikel 3.10 en 3.11 van de Vlaamse Codex Wonen. In die procedure neemt immers de burgemeester het initiatief, en is er geen aanvraag door de eigenaar.
        • Wie een woning verhuurt volgens het Vlaamse sociale huurstelsel (Boek 6 “Sociale Huur” van het Besluit Vlaamse Codex Wonen), kan echter enkel een conformiteitsattest krijgen door dat zelf aan te vragen. Daardoor is in principe een retributie van toepassing. Het is echter wenselijk om sociale verhuur op het grondgebied van de gemeente te stimuleren, als een maatregel die past in het beleid rond betaalbaar wonen. Vandaar dat dit retributiereglement een vrijstelling voorziet voor eigenaars die hun woning volgens het Vlaamse sociale huurstelsel verhuren.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Voor de toepassing van dit retributiereglement worden de begrippen en de definities gehanteerd zoals omschreven in de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en de besluiten ter uitvoering ervan.

        Art. 2.

        Met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 wordt een retributie gevestigd op de behandeling van een aanvraag van een conformiteitsattest voor zelfstandige woningen en kamerwoningen.

        Art. 3.

        De retributie is verschuldigd door de aanvrager (natuurlijk persoon of rechtspersoon) van het conformiteitsattest op het ogenblik van de aanvraag.

        Art. 4.

        Het bedrag van de retributie voor het afleveren van een conformiteitsattest wordt vastgesteld als volgt: 

        • € 90,00 voor alle zelfstandige woningen.
        • € 90,00 voor een kamerwoning, verhoogd met € 15 per kamer, met een maximum van € 1.775 per gebouw.

        De bedragen in euro, vermeld in het eerste lid, worden jaarlijks aangepast aan de gezondheidsindex. De retributie is verschuldigd bij zowel de afgifte als de weigering van het conformiteitsattest.

        Art. 5.

        De retributie is niet verschuldigd voor:

        • De behandeling van aanvragen die hun woning sociaal verhuren of sociaal zullen verhuren als de woning op het moment van de aanvraag niet verhuurd is.

        Art. 6.

        De aanvraagprocedure voor het aanvragen van een conformiteitsattest werd vastgelegd in de Vlaamse Codex wonen, art. 3.6 tot en met 3.9 en artikel 3.6 en 3.9 van het besluit Vlaamse Codex Wonen.

        Art. 7.

        De retributie dient te worden betaald voorafgaandelijk aan de afgifte van het conformiteitsattest. Bij elke nieuwe aanvraag is de retributie verschuldigd.

      • Belasting op de huis-aan-huisverspreiding van niet-geadresseerde drukwerken met handelskarakter - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op de huis-aan-huisverspreiding van niet-geadresseerde drukwerken met handelskarakter' goed te keuren. 

        Dit belastingreglement werd jaarlijks gestemd door de gemeenteraad en dient daarom vernieuwd te worden. Zoals vorig jaar reeds meegedeeld, wordt dit reglement geheven tot 2031. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de belasting op de huis-aan-huisverspreiding van niet-geadresseerde drukwerken met handelskarakter.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De financiële toestand van de gemeente.
        • De huis-aan-huis verspreiding van reclamebladen brengt een enorm volume papier met zich mee, hetgeen de ophaal ervan aanzienlijk verzwaart.
        • De huis-aan-huis verspreiding van reclamebladen werkt ook de vervuiling van de openbare wegen in de hand door rondslingerend papier.
        • Dit is een gemeentebelasting op de huis-aan-huisverspreiding van niet-geadresseerde drukwerken met handelskarakter. Ze is verschuldigd door de persoon die de opdracht gaf aan de drukker of de verantwoordelijke uitgever als de opdrachtgever geen aangifte deed:
          • € 0,0025 per blad per verspreid exemplaar voor alle drukwerken van 1 tot 4 bladen en tot maximum A4-formaat.
          • € 0,02 per verspreid exemplaar voor alle drukwerken vanaf 5 bladen en tot maximum A4-formaat.
          • Grotere formaten worden omgerekend naar A4-formaat.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn ingaande op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de voor de bestemmelingen kosteloze verspreiding aan huis van niet-geadresseerde drukwerken met handelskarakter.

        Artikel 2.

        Onder verspreiding aan huis wordt verstaan op het grondgebied van de gemeente (of een deel ervan) achterlaten van drukwerk zonder adressering in de brievenbussen en zonder initiatief van de bestemmeling.

        Onder drukwerk met handelskarakter wordt verstaan elke publicatie die er toe strekt bekendheid te geven aan commerciële activiteiten, handelszaken en merknamen, en die erop gericht is de potentiële klant er toe te bewegen gebruik te maken van de diensten en/of producten van de adverteerder tegen betaling.

        Artikel 3.

        De belasting is verschuldigd door de fysieke persoon of rechtspersoon die de opdracht gaf aan de drukker om te drukken.

        Wanneer deze persoon geen aangifte heeft gedaan of niet gekend is, wordt de belasting gevestigd lastens de persoon die op het drukwerk als verantwoordelijke uitgever wordt vermeld.

        De drukker en de fysieke persoon of rechtspersoon onder wiens naam, handelsnaam, logo of embleem het drukwerk wordt verspreid zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

        Artikel 4.

        De belasting wordt vastgesteld op:

        • € 0,0025 per blad per verspreid exemplaar voor alle drukwerken van 1 tot 4 bladen en tot maximum A4-formaat.
        • € 0,02 per verspreid exemplaar voor alle drukwerken vanaf 5 bladen en tot maximum A4-formaat.

        Grotere formaten worden omgerekend naar A4-formaat.

        Artikel 5.

        Van de belasting is vrijgesteld de verspreiding van drukwerken waarvan de bedrukte oppervlakte voor 50 % of meer ingenomen wordt door tekst en/of afbeelding zonder handelskarakter.

        Artikel 6.

        Van de belasting zijn eveneens vrijgesteld:

        • Sportverenigingen zonder winstoogmerk, voor zover ze sociale of culturele doeleinden hebben.
        • Plaatselijke culturele verenigingen voor zover ze folders uitgeven voor eigen organisaties.
        • Publiciteit gevoerd door vormingsinstellingen en plaatselijke onderwijsinstellingen.

        Artikel 7.

        De belastingplichtige is gehouden ten minste 24 uren voor de verspreiding van het drukwerk hiervan aangifte te doen aan het gemeentebestuur. Hierbij dient de belastingplichtige een blanco specimen van het te verspreiden drukwerk, een verklaring van het aantal exemplaren en een overzicht van de straten waar de folder zal bedeeld worden, ter beschikking te stellen.

        Voor de periodieke verspreiding mag de aangifte bij voorbaat gedaan worden voor een periode van hoogstens 12 maanden.

        Artikel 8.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige aangifte kan de belasting ambtshalve gevestigd worden volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep. Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure - de elementen waarop de aanslag gebaseerd is evenals de wijze van bepalingen van deze elementen en het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig dagen volgend op de datum van de verzending van de betekening om zijn opmerkingen voor te dragen.

        Artikel 9.

        De bij artikel 8 van dit reglement ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Artikel 10.

        De belasting wordt ingevorderd bij wijze van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 11.

        De kohieren worden door de financieel beheerder ingevorderd.

        Artikel 12.

        De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

        Artikel 13.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op drijfkracht en vermogen van motoren - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op drijfkracht en vermogen van motoren' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 houdende het belastingreglement op drijfkracht en vermogen van motoren.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De financiële toestand van de gemeente.
        • Dit is een gemeentebelasting gevestigd op de motoren:
          • Gebruikt voor nijverheids-, landbouw- en handelsdoeleinden.
          • Gebruikt door de beoefenaars van vrije beroepen.
        • Voor elke krachtbron vanaf een globale capaciteit van 18,38 kW, berekend op de motorenkracht tijdens het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar. De berekening gebeurt per maand en elk gedeelte ervan wordt voor een volledige maand geteld.
        • Ze is verschuldigd voor motoren voor de exploitatie van de inrichting of van de bijgebouwen gebruikt op het grondgebied van de gemeente:
          • € 9,00 per eenheid en per breuk van kW.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        §1. Er wordt voor een periode ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een gemeentebelasting van 9 EUR per eenheid en per breuk van KW gevestigd op de motoren gebruikt voor nijverheids-, landbouw- en handelsdoeleinden, evenals op deze gebruikt door de beoefenaars van vrije beroepen, ongeacht de krachtbron welke deze in beweging brengt, vanaf een globale capaciteit van 18,38 KW.

        §2. De belasting is verschuldigd voor de motoren die de belastingplichtige voor de exploitatie van zijn inrichting of van haar bijgebouwen gebruikt. Dienen als bijgebouw van een inrichting beschouwd te worden: iedere instelling of onderneming, iedere werf van om het even welke aard, die gedurende een ononderbroken tijdvak van minstens drie maanden op het grondgebied van de gemeente gevestigd is.

        §3. Voor de motoren, gebruikt voor een zoals in vorige paragraaf bedoeld en op het grondgebied van een andere gemeente overgebracht bijgebouw, is geen gemeentebelasting verschuldigd voor het tijdvak van het gebruik in de andere gemeente.

        §4. Wanneer, hetzij een inrichting, hetzij een zoals hierboven bedoeld bijgebouw, geregeld en duurzaam een verplaatsbare motor gebruikt voor de verbinding met één of meer bijgebouwen, of met een verkeersweg, is daarvoor de belasting enkel verschuldigd, indien hetzij de inrichting zelf, hetzij het voornaamste bijgebouw in de gemeente gevestigd is.

        Artikel 2.

        De kracht van de hydraulische toestellen wordt uitgedrukt in KWh. 

        Artikel 3.

        De belasting wordt niet geheven op:

        1. De (reserve) motor die gans het jaar dat onmiddellijk aan het belastingjaar voorafgaat niet werd gebruikt; deze non-activiteit moet blijken uit desbetreffende, om de drie maanden te hernieuwen, schriftelijke berichten aan het gemeentebestuur, zoals voorzien bij artikel 6 van dit reglement. Wat het eerste jaar van de belastingheffing aangaat, is het bewijs van non-activiteit evenwel met alle mogelijke rechtsmiddelen te leveren.
        2. De motor gebruikt voor het aandrijven van een voertuig dat onder de verkeersbelasting valt of speciaal van deze belasting is vrijgesteld.
        3. De motor van een draagbaar toestel.
        4. De motor die een elektrische generator drijft, voor het gedeelte van zijn vermogen dat overeenstemt met dat benodigd voor het drijven van een generator.
        5. De door de perslucht aangedreven motor.
        6. De motorkracht welke uitsluitend gebruikt wordt voor toestellen tot bemaling.
        7. De motoren van vaartuigen dienende voor het transport van goederen, alsmede deze aan boord van bedoelde vaartuigen gebruikt.

        Artikel 4.

        Iedere belastingplichtige, houder van in of buiten werking zijnde motoren, waarvan hij al dan niet eigenaar is, moet er aangifte van doen uiterlijk op 1 juni van het aanslagjaar door middel van het formulier dat hem ten huize zal besteld worden door het gemeentebestuur. De belastingplichtige die het formulier niet zou ontvangen hebben moet deze aangifte spontaan doen binnen dezelfde termijn(en). Ook de kracht van de volgens artikel 3 van dit reglement, onbelastbare motoren dient te worden aangegeven.

        Artikel 5.

        §1. De verdwijning of het definitief buiten gebruik stellen in de loop van het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar van een belastbare motor, brengt een belastingvermindering met zich mee. Deze vermindering gaat in vanaf de maand volgend op het bericht, gezonden aan het gemeentebestuur, betreffende de verdwijning of het buiten gebruik stellen.

        §2. Het stilleggen van een ononderbroken tijdvak gelijk aan of groter dan een maand, met uitzondering van de jaarlijks verplichte vakantieperiode, geeft aanleiding tot een belastingvermindering in verhouding tot het aantal maanden dat het toestel gedurende het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar ononderbroken buiten werking is geweest. Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld de activiteit die beperkt is tot één dag op vier weken of één week werk na vier weken inactiviteit in de bedrijven die met de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening een akkoord hebben aangegaan inzake de activiteitsvermindering om een massaal ontslag van personeel te voorkomen.

        §3. Om deze evenredige vermindering te kunnen genieten moet de belanghebbende aan het gemeentebestuur schriftelijk bericht gegeven hebben van de dag waarop de motor stilligt en na de dag waarop hij terug in werking wordt gesteld. Een ontvangstbewijs zal aan de belanghebbende worden afgeleverd.

        Dit bericht moet om de drie maanden hernieuwd worden. De vermindering van belasting geldt van de maand af volgende op de datum van ontvangst van het bericht van stillegging tot de maand volgend op deze van wederinwerkingstelling.

        De berichtgeving is van substantiële aard en op straffe van verval voorgeschreven.

        §4. Wat het eerste jaar van belastingheffing aangaat, is het bewijs van tijdelijke non-activiteit of van de definitieve buiten gebruikstelling nochtans met alle mogelijke rechtsmiddelen te leveren.

        Indien vastgesteld wordt dat de motor werkt voor het geven van het bericht van wederinwerkingstelling, zal geen vermindering toegestaan worden, hoelang de stillegging ook heeft geduurd.

        Artikel 6.

        De belasting wordt gevestigd op grond van belastbare motorenkracht tijdens het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar. Ze wordt berekend per maand en elk gedeelte ervan wordt voor een volledige maand geteld. Indien een motor evenwel tijdens dezelfde maand belastbaar is in verschillende gemeenten, is de belasting verschuldigd aan de gemeente met het grootste aantal dagen gebruik.

        Is dit aantal gelijk dan wordt de belasting evenredig per halve maand verdeeld.

        Een motor die voor de eerste maal in werking wordt gesteld, is belastbaar vanaf de volgende maand.

        Artikel 7.

        Bij staking van bedrijfsactiviteiten op het grondgebied van de gemeente in de loop van het belastingjaar om welke reden ook, wordt bij afwijking van bepaalde in voorafgaand artikel, een bijzondere, eventueel bijkomende, aanslag gevestigd, berekend op basis van de motoren tijdens voren bedoeld jaargedeelte of jaar gebruikt en verbonden aan het jaar waarin de staking van de bedrijfsactiviteiten plaats heeft.

        De belastingplichtigen die onder de toepassing van deze bepaling vallen zijn verplicht, uiterlijk acht dagen na de staking van de bedrijfsactiviteiten, hiervan aangifte te doen bij het gemeentebestuur.

        Artikel 8.

        De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 9.

        De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

        De kennisgeving van aanslagbiljet aan de belastingplichtige gebeurt onverwijld na de uitvoerbaarverklaring van het kohier.

        Artikel 10.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op reclamevoertuigen op de openbare weg - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op reclamevoertuigen op de openbare weg' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende het belastingreglement op reclamevoertuigen op de openbare weg.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De financiële toestand van de gemeente.
        • Dit is een gemeentebelasting op het gebruik van de openbare weg of het openbaar domein voor publicitaire doeleinden door middel van reclamevoertuigen. Ze is verschuldigd door de persoon die de reclame voert.
        • De belasting wordt geheven op aanhangwagens of voertuigen op de openbare weg of het openbaar domein geplaatst met louter publicitaire doeleinden: € 25,00 per dag per voertuig.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Tegenstanders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 27 stemmen voor, 1 stem tegen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn aanvang nemend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een belasting geheven op het gebruik van de openbare weg of het openbaar domein voor publicitaire doeleinden d.m.v. reclamevoertuigen, lastens de natuurlijke of rechtspersoon die de reclame voert.

        Artikel 2.

        Onder reclamevoertuigen wordt verstaan: aanhangwagens of voertuigen, al dan niet uitgerust met een motor, dewelke op de openbare weg of het openbaar domein worden geplaatst met het oog op louter publicitaire doeleinden.

        Artikel 3.

        Worden niet als reclamevoertuig aanzien: de voertuigen die publiciteit voeren die betrekking heeft op de handel of de nijverheid van de vervoerder en bovendien uitsluitend dienen voor het vervoer van koopwaar, de voertuigen die bijkomstig voorzien zijn van publiciteit en niet met uitsluitend publicitaire doeleinden de openbare weg gebruiken.

        Artikel 4.

        De belasting wordt vastgesteld op € 25,00 per dag en per voertuig. Breuken van dagen worden als volledige dagen geteld.

        Artikel 5.

        De belastingplichtige is gehouden ten minste 24 uren voor het plaatsen van het reclamevoertuig aangifte te doen aan het gemeentebestuur.

        Artikel 6.

        Deze belasting wordt contant geïnd tegen afgifte van een betalingsbewijs. Wanneer de contante inning niet kan worden uitgevoerd wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 7.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 8.

        Verwijl- en moratoriumintresten zijn toepasselijk zoals inzake directe rijksbelastingen.

      • Belasting op het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen op gemeentelijke aanplakborden - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen op gemeentelijke aanplakborden' goed te keuren.

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de gemeentebelasting op het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen op gemeentelijke aanplakborden.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting op het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen op gemeentelijke aanplakborden. Ze is verschuldigd door diegene die onrechtmatig heeft aangeplakt: 123,95 euro per gemeentelijk aanplakbord.
        • Er worden regelmatig inbreuken vastgesteld op dit reglement.
        • De gemeentelijke overheid heeft de taak de openbare reinheid op het grondgebied maximaal te verzekeren.
        • Het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen op de gemeentelijke aanplakborden voor de gemeentelijke overheid betekent jaarlijks een aanzienlijke uitgave.
        • Een gemeentelijk belastingreglement kan een middel zijn om, ten eerste, de kosten voor het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen, en, ten tweede, het probleem van het onrechtmatig aanplakken te verhelpen.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor de periode ingaand op 1 januari 2026 tot 31 december 2031 een gemeentebelasting geheven op het verwijderen van onrechtmatige aanplakkingen  door de diensten van het gemeentebestuur, van allerhande aanplakkingen op de gemeentelijke aanplakborden.

        Artikel 2.

        De belasting is verschuldigd door diegene die onrechtmatig heeft aangeplakt.

        Artikel 3.

        De belasting wordt vastgesteld op 123,95 euro voor het verwijderen van affiches per gemeentelijk aanplakbord.

        Artikel 4.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 5.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 6.

        De regels betreffende de invordering, de verwijl- en moratoire intresten, de vervolgingen, de voorrechten, de wettelijke hypotheek en de verjaring inzake rijksbelasting op de inkomsten zijn toepasselijk op deze gemeentebelasting.

      • Belasting op het bewaren van dieren - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op het bewaren van dieren' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • De wet op de dierenbescherming van 14 augustus 1986 in het bijzonder arikel9 §2 in fine.
        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024, betreffende het belastingreglement op het bewaren van dieren.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting op het bewaren van dieren. De belasting is verschuldigd door de eigenaar van het dier:
          • € 90,00 forfaitair per bewaard dier.
          • Verhoogd met € 8,70 verblijfskost per dag met een minimum van 14 dagen.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        • Het is wenselijk de kosten voor de bewaring van loslopende dieren van de eigenaars van deze dieren terug te vorderen.
        • Artikel 9 §2 van de wet op de dierenbescherming voorziet de mogelijkheid van dergelijke terugvordering.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een gemeentebelasting geheven op het bewaren van dieren.

        Artikel 2.

        De belasting is verschuldigd door de eigenaar van het dier.

        Artikel 3.

        Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld als volgt: een forfaitair bedrag van 90 euro per bewaard dier verhoogd met 8,70 euro verblijfskost per dag met een minimum van 14 dagen.

        Artikel 4.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 5.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 6.

        Tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen kan beroep worden ingesteld bij de rechtbank van eerste aanleg te Gent door middel van een verzoekschrift op tegenspraak, waarvan sprake is in de artikelen 1034 bis tot 1034 sexies van het Gerechtelijk Wetboek. Het beroep moet, op straffe van verval, worden ingesteld binnen drie maanden vanaf de kennisgeving van de beslissing aan de bezwaarindiener of zijn vertegenwoordiger.

        Artikel 7.

        Verwijl- en moratoriumintresten zijn toepasselijk zoals inzake directe rijksbelastingen.

      • Belasting op de foorinrichtingen opgericht op privaat terrein - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op de foorinrichtingen opgericht op privaat terrein' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit dd. 20 november 2024, houdende het taksreglement op de foorinrichtingen opgericht op privaat terrein.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting op foorinrichtingen opgericht op privaat terrein: € 0,50 per m² voor de duur van de bezetting.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting geheven op de foorinrichtingen opgericht op privaat terrein. De belasting is verschuldigd door de uitbater van de inrichting.

        Artikel 2.

        Deze belasting zal berekend worden in evenredigheid tot de oppervlakte van de inrichting aan 0,50 EUR /m².

        Artikel 3.

        De foorkramer zal minstens acht dagen voordat hij de uitbating van zijn inrichting begint, aan het college van burgemeester en schepenen, een verklaring sturen waarin hij het opstellen van zijn inrichting laat kennen, alsook de aard en de oppervlakte hiervan, alsmede de duur van de opstelling.

        Artikel 4.

        Het opmeten van de beslagen oppervlakte gebeurt door de zorgen van het gemeentebestuur.

        Artikel 5.

        De belasting is éénmalig verschuldigd voor de duur van de bezetting.

        Artikel 6.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 7.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op het overwelven van grachten - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op het overwelven van grachten' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de belasting op het overwelven van grachten langs percelen langs gemeentelijke openbare wegen.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting op het overwelven van grachten langs percelen aan gemeentelijke openbare wegen. Ze is verschuldigd door de aanvrager: € 125,00 per strekkende meter.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        §1. Vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 wordt een belasting geheven op het overwelven van grachten langs percelen langs de gemeentelijke openbare wegen.

        §2. Deze belasting wordt vastgesteld op 125 EUR per strekkende meter.

        Zij is verschuldigd door de aanvrager.

        Artikel 2.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 3.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 4.

        De regels betreffende de invordering, de verwijlintresten en moratoire intresten, de vervolgingen, de voorrechten, de wettelijke hypotheek en de verjaring inzake rijksbelasting op de inkomsten zijn toepasselijk op deze gemeentebelasting.

      • Belasting op het openen, verbreden, verlengen of rechttrekken van straten - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op het openen, verbreden, verlengen of rechttrekken van straten' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 houdende de gemeentebelasting op het openen, verbreden, verlengen of rechttrekken van straten.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een belasting op goederen die palen aan een verkeersweg die op kosten van de gemeente is geopend, verbreed, verlengd of recht getrokken. De belasting is verschuldigd door alle eigenaars, bezitters of personen hiermee gelijkgesteld op 1 januari van het belastingjaar voor het ganse jaar.
        • De belasting kan worden afgekort in jaarlijkse schijven of kan ineens betaald worden. Belastingbedragen van minder dan € 50,00 moeten ineens afbetaald worden.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031, een belasting geheven overeenkomstig de beschikkingen van de onderhavige verordening op het openen, verbreden, verlengen of rechttrekken van straten.

        Artikel 2.

        Deze belasting is verschuldigd door alle eigenaars of gelijkgestelde wier onroerende goederen palen aan verkeerswegen welke tijdens de heffingstermijn van deze verordening en op kosten van de gemeente zullen geopend, verbreed, verlengd of rechtgetrokken worden.

        Artikel 3.

        §1. De belasting bezwaart de eigendom. Zij is verschuldigd door de bezitter, zoals inzake onroerende voorheffing.

        Zij is voor het ganse jaar verschuldigd door de persoon die op 1 januari van het belastingjaar eigenaar is van het aangeslagen goed.

        §2. Wat het eerste belastingjaar aangaat zal de taks nochtans verschuldigd zijn door de bezitter van het betrokken onroerend goed op het ogenblik van de volledige verwerving der nodige gronden of van de voltooiing der werken. Deze voltooiing wordt bepaald door het proces – verbaal en vastgesteld bij besluit van het college van burgemeester en schepenen.

        §3. Het eerste dienstjaar van de belasting stemt overeen met het kalenderjaar, tijdens hetwelk het werk zal voltooid zijn (in voorkomend geval voorlopige aanvaarding) of de grondverwervingen volledig doorgevoerd.

        §4. Wanneer het werk echter slechts voltooid wordt (voorlopige aanvaarding) of de grondverwervingen volledig doorgevoerd worden tijdens het laatste kwartaal van een kalenderjaar, zal het eerste dienstjaar van de belasting overeenstemmen met het eerste daaropvolgend kalenderjaar.

        §5. In geval van eigendomsoverdracht is de nieuwe eigenaar de taks verschuldigd, te rekenen van 1 januari die volgt op de datum van de akte die hem de eigendom toekent.

        §6. Ingeval de eigendom nochtans belast is met recht van erfpacht of opstal, zal de belasting eisbaar zijn van de bezitter, ten titel van erfpacht of opstal.

        Artikel 4.

        De opbrengst van de belasting zal in principe gelijk zijn aan de intrest en de aflossing van het gebruikte kapitaal.

        Aflossingstermijn en intrestvoet zijn in principe dezelfde als voor de lening door de gemeente aangegaan tot financiering van de grondverwervingen en (of) de werken.

        Ingeval de gemeente de uitgaven met eigen middelen financiert zal het verschuldigde kapitaal met tien jaarlijkse afkortingen worden afbetaald.

        In dit geval zal de intrest aan marktwaarde worden aangerekend voor de leningen met terugbetalingstermijn van 10 jaar.

        De schuldenaar van de belasting kan zich nochtans ontmaken van de betaling van jaarlijkse belasting:

        1. Hetzij door zijn globaal aandeel ineens te vereffenen.
          In dit geval dient hij daartoe een schriftelijk ter post aangetekende aanvraag te richten tot het gemeentebestuur binnen de maand volgend op het hem tegen ontvangstbewijs afgeleverd bericht waarbij hem het beëindigen van de grondverwervingen en/of de werken, alsmede het door hem verschuldigd aandeel wordt bekend gemaakt.
        2. Hetzij na één of meerdere jaarlijkse afkortingen betaald te hebben het saldo van de overblijvende belastingschuld ineens af te betalen.
          In dit geval moet hij daartoe een schriftelijk ter post aangetekende aanvraag richten tot het gemeentebestuur vóór 1 januari van het dienstjaar, waarin hij de betaling van de jaarlijkse afkortingen zou willen staken.

        Belastingbedragen van 50 EUR in min moeten steeds in eenmaal worden afbetaald.

        Artikel 5.

        De globale waarde van de aangeworven percelen grond voor het openen, verbreden, verlengen of rechttrekken van straten door de gemeente, of voor haar rekening uitgevoerd, zal aan de gemeente terugbetaald worden door de aanpalende eigenaars door middel van een belasting, genaamd ‘openingstaks.’

        Artikel 6.

        De eenheid van deze belasting zal vastgesteld worden door de globale prijs van de verworven percelen grond, afgezien van de waarde van de gebouwen, die er zich gebeurlijk op bevonden, te delen door de totale lengte van de boordeigendommen aan weerszijden van de weg op de rooilijn.

        De belasting, door de aanpalende eigenaars verschuldigd, wordt verrekend pro-rata van het aantal strekkende meter eigendom op de rooilijn gemeten.

        Nochtans, zo de weg gemeen is met een andere gemeente, zal de deling geschieden door de totale lengte der eigendommen, uitsluitend aan de zijde van Hamme.

        De belasting mag niet meer dan 6 m² per strekkende meter van het goed aan de rooilijn treffen.

        Artikel 7.

        De belasting wordt uitgesteld:

        1. Wanneer de huidige belastingplichtige vrijgesteld is ingevolge de wetten en besluiten.
        2. Voor de terreinen waarop het niet mogelijk is, of ingevolge overheidsbeslissing, niet toegelaten is te bouwen.

        Het bouwverbod moet een algemeen en absoluut karakter hebben.
        Het uitstel wordt niet toegepast of wordt opgeheven:

        1. Zo er gelijk welk bouwwerk, al ware het slechts een afsluitingsmuur, opgericht wordt.
        2. Zo de toestand, die aanleiding heeft gegeven tot het uitstel, gewijzigd wordt en zo de voorschriften van onderhavig taksreglement er op toepasselijk worden.
        3. De niet-bebouwde eigendommen in de landelijke zone.

        Bij de voorziene opheffing van uitstel, beginnen de afbetalingen te lopen van 1 januari af van het jaar, volgend op de opheffing. De verjaring mag niet ingeroepen worden.                             

        Artikel 8.

        Voor de eigendommen, gelegen op de hoeken van straten en pleinen wordt de belastbare lengte enkel gerekend langs de grootste zijde, vermeerderd met de lengte van de afgeronde of afgeknotte hoek.

        Indien de grondverwervingen of de werken, vermeld onder artikel 1 van dit reglement alleen uitgevoerd worden langs de kleinst ontwikkelde kant, dan zal de aanslag hierop gevestigd worden.

        Worden de werken uitgevoerd langs de grootst ontwikkelde kant, nadat zij uitgevoerd werden langs de kleinste, dan zal de belastbare lengte, alvorens tot de grondslag te dienen voor de aanslag, eerst verminderd worden met het aantal strekkende meter eigendom aan de kleinste kant.

        In geen geval zal de ontlasting meer dan 30 lopende meter mogen bedragen.

        Artikel 9.

        De eigendommen, welke op twee straten uitgeven, zonder nochtans een hoek te vormen, zijn belastbaar voor de twee zijden.

        Artikel 10.

        De bepalingen van het vroeger van kracht zijnde belastingreglement, toegepast bij het vaststellen van het eerste kohier op vroeger uitgevoerde werken, blijven op deze werken van toepassing.

        Artikel 11.

        De belasting wordt ingevorderd bij middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 12.

        De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na verzending van het aanslagbiljet. De kennisgeving van het aanslagbiljet aan de belastingplichtige gebeurt onverwijld na de uitvoerbaarverklaring van het kohier.

        Artikel 13.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 14.

        De regels betreffende de invordering, de verwijlintresten en moratoire intresten, de vervolgingen, de voorrechten, de wettelijke hypotheek en de verjaring inzake rijksbelasting op de inkomsten zijn toepasselijk op deze gemeentebelastingen.

      • Algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'Algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 6 van de wet van 24 december 1996 betreffende de vestiging en de invordering van de provincie- en gemeentebelastingen.
        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 3 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 houdende vaststelling van een algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De algemene gemeentebelasting op bedrijven en vrije beroepen is verschuldigd door alle natuurlijke en rechtspersonen die op 1 januari van het belastingjaar, als hoofdactiviteit en/of bijkomende activiteit op het grondgebied van de gemeente:
          • Een nijverheids-, landbouw- of handelsbedrijf exploiteren.
          • Een vrij beroep of een zelfstandige activiteit uitoefenen.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Met ingang van 1 januari 2026 wordt ten behoeve van de gemeente Hamme, een jaarlijkse algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen geheven, voor een termijn eindigend op 31 december 2031.

        Artikel 2.

        De algemene gemeentebelasting op bedrijven en vrije beroepen is verschuldigd door alle natuurlijke en rechtspersonen die op 1 januari van het belastingjaar, als hoofdactiviteit en/of bijkomende activiteit op het grondgebied van de gemeente:

        • Een nijverheids-, landbouw- of handelsbedrijf exploiteren.
        • Een vrij beroep of een zelfstandige activiteit uitoefenen.

        Artikel 3.

        §1. De belasting is verschuldigd afzonderlijk per vestiging, hoe dan ook genaamd, gelegen op het grondgebied van de gemeente en door de belastingplichtige gebruikt of tot zijn gebruik is voorbehouden.

        §2. De belasting wordt, ongeacht de kadastrale indeling vastgesteld rekening houdend met de totale bebouwde en onbebouwde oppervlakte van het goed waarop de vestiging zich bevindt. Als bebouwde oppervlakte wordt die van de laagste bovengrondse verdieping in aanmerking genomen.

        Artikel 4.

        De basisbelasting wordt als volgt vastgesteld:

        A. Voor land – en tuinbouwbedrijven:

         A.1. Landbouwbedrijven:

        Voor de schijf      tot       7,5 ha

        74,00 EUR

        Voor de schijf      boven  7,5 ha  tot 12 ha

        105,00 EUR

        Voor de schijf      boven   12 ha  tot 25 ha

        148,00 EUR

        Voor de schijf      boven   25 ha

        247,00 EUR

         Onder ‘landbouw’ wordt verstaan: akkerbouw, bosbouw en (pluim)veeteelt.

        A.2. Tuinbouwbedrijven:

        A.2.1. Uitsluitend in open lucht:

        Voor de schijf tot       1 ha

        74,00 EUR

        Voor de schijf boven  1 ha  tot 3 ha

        105,00 EUR

        Voor de schijf boven  3 ha  tot 6 ha

        148,00 EUR

        Voor de schijf boven  6 ha

        247,00 EUR

        A.2.2. Uitsluitend onder glas:

        Voor de schijf tot            999 m²

        74,00 EUR

        Voor de schijf van      1.000  m² tot 6.999 m²

        105,00 EUR

        Voor de schijf van      7.000  m² tot 14.999 m²

        148,00 EUR

        Voor de schijf vanaf  15.000 m²

        247,00 EUR

        Gemengde tuinbouwbedrijven (exploitaties zowel in open lucht als onder glas) die in beide categorieën vallen, betalen een bedrag dat overeenkomt met de hoogste schijf waarin ze vallen.

        B. Voor de andere bedrijven en de vrije beroepen:

        Tot

        49 m²

        123,00 EUR

        van 50 m² tot

        99 m²

        154,00 EUR

        Van 100 m² tot

        249 m²

        185,00 EUR

        Van 250 m² tot

        499 m²

        310,00 EUR

        Van 500 m² tot

        749 m²

        371,00 EUR

        Van 750 m² tot

        999 m²

        635,00 EUR

        van 1.000 m² tot

        4.999 m²

        930,00 EUR

        van 5.000 m² tot

        9.999 m²

        1240,00 EUR

        van 10.000 m² tot

        24.999 m²

        1859,00 EUR

        van 25.000 m² tot

        49.999 m²

        2478,00 EUR

        meer dan 50.000 m²

         

        3100,00 EUR

        Artikel 5.

        Vrijstellingen en verminderingen:

        §1. Is vrijgesteld van deze belasting:                       

        De belastingplichtige die de activiteit bedoeld in artikel 2 van dit besluit heeft aangevat in het jaar dat het aanslagjaar voorafgaat EN die vóór de aanvang van de bedoelde activiteit de hoedanigheid van uitkeringsgerechtigde werkloze of schoolverlater had, of die genoot van een bestaansminimum.

        Deze vrijstelling kan slechts voor 3 opeenvolgende jaren worden toegepast.

        §2. Op de overeenkomstig artikel 4 van dit besluit berekende belasting wordt een vermindering toegestaan van:

        • 25 % voor de belastingplichtigen die in gezinsverband leven en elk een in dit reglement afzonderlijk belastbare activiteit uitoefenen.
        • 50 % voor de werkloze belastingplichtigen, die onder de voorwaarden gesteld door de Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling, een bijberoep mogen uitoefenen. Deze vermindering kan slechts voor 3 opeenvolgende jaren worden toegepast.
        • 50 % voor de belastingplichtige die op 1 januari van het dienstjaar de activiteit bedoeld in artikel 2 van dit besluit heeft aangevat in het jaar dat het aanslagjaar voorafgaat. Deze vermindering kan slechts voor 3 opeenvolgende jaren worden toegepast.

        §3. De verminderingen waarvan sprake in §2 zijn cumuleerbaar, zonder dat evenwel de belasting minder mag bedragen dan 25,00 EUR.

        Artikel 6.

        Elke belastingplichtige is gehouden per vestiging aangifte te doen bij middel van een door het gemeentebestuur ter beschikking gesteld formulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, uiterlijk 1 juni van het aanslagjaar moet worden teruggestuurd. De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen binnen dezelfde termijn. De aangifte blijft geldig tot ze wordt opgezegd.

        Artikel 7.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige aangifte wordt de belastingplichtige van ambtswege belast, conform artikel 6 van de wet van 24 december 1996 betreffende de vestiging en de invordering van de provincie- en gemeentebelastingen.

        Artikel 8.

        Overtredingen op de aangifteverplichting geven aanleiding tot volgende belastingverhogingen:

        • Eerste overtreding: ambtshalve gevestigde aanslag + 10 %.
        • Tweede overtreding: ambtshalve gevestigde aanslag + 50 %.
        • Derde overtreding: ambtshalve gevestigde aanslag + 100 %.

        De overtredingen op de aangifteverplichting worden vastgesteld door de ambtenaren van het gemeentebestuur van Hamme, speciaal daartoe aangesteld door het college van burgemeester en schepenen. De vastgestelde overtredingen worden genoteerd in processen – verbaal die bewijskracht hebben tot het tegendeel bewezen is.

        De belastingverhoging wordt ingekohierd samen met het recht.

        Artikel 9.

        De heffing wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen. De belasting moet worden betaald binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

        Artikel 10.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Retributiereglement op het betalend parkeren - aanpassing - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Het Agentschap Binnenlands Bestuur stelde vast dat de gemeente in het retributiereglement op het parkeren, een onderscheid maakt tussen binnenlandse en buitenlandse nummerplaathouders wat betreft de aanrekening van de kosten voor een eerste aanmaning in verband met de invordering van parkeerretributies. Voor binnenlandse bestuurders is de eerste aanmaning gratis, terwijl deze voor buitenlandse bestuurders betalend is.
        Wanneer de kosten voor de eerste betalingsaanmaning uitsluitend aangerekend worden aan houders van een buitenlandse nummerplaat, handelt de gemeente in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Dit beginsel belet namelijk dat een buitenlandse nummerplaathouder anders behandeld wordt dan een binnenlandse nummerplaathouder.

        Artikel 8 van het reglement dient dan ook aangepast te worden.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, ook aangeduid als de wegcode.
        • Het Ministerieel Besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 oktober 2023, waarbij een retributie geheven wordt op het betalend parkeren.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Koninklijk besluit van 30 november 1976 tot vaststelling van het tarief voor akten van gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken en van het tarief van sommige toelagen.
        • De wet van 4 mei 2023 houdende invoeging van boek XIX “Schulden van de consument” in het Wetboek van economisch recht, Artikels XIX.1 t.e.m. XIX.13 Wetboek van economisch recht.
        • De Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De gemeente wenst een gedifferentieerd parkeerbeleid te voeren i.f.v. het aanbieden van parkeerplaatsen voor zijn inwoners en bezoekers en i.f.v. het sturen van het autogebruik. Ter uitvoering van dit beleid wordt in verschillende delen van het grondgebied de parkeertijd beperkt door het invoeren van "betalend parkeren". In functie van parkeren door inwoners of zorgverleners worden parkeerkaarten uitgereikt door de parkeerconcessionaris.
        • Met het parkeerbeleid wordt een evenwicht nagestreefd tussen de verschillende parkeerbehoeftes van de verschillende gebruikers.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Tegenstanders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 24 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt een gemeentelijke retributie gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op de plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg.

        Dit reglement beoogt het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar parkeren toegelaten is en waar het regelmatig gebruik van de parkeerautomaten of een ander systeem van betalend parkeren verplicht is.

        Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.

        Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 2, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.

        Artikel 2.

        De retributie wordt als volgt vastgesteld:

        Voor het parkeren van alle gebruikers van een motorvoertuig:

        • 0,50 euro per 30 minuten.
        • 1 euro per uur.

        Voor een tijd van 15 minuten kan gratis geparkeerd worden. De bestuurder dient hiervoor een ticket af te halen aan de automaat volgens de instructies hierop vermeld.

        De tarieven zijn van toepassing van maandag tot en met vrijdag van 9-18 uur, op zaterdag van 9-17 uur, met uitzondering van wettelijke feestdagen waarop geen retributie wordt aangerekend. Op zondagen wordt ook geen retributie aangerekend.

        De gebruiker heeft steeds ook mogelijkheid om voor het volgende forfaitair stelsel te kiezen:

        • 25,00 euro voor de volledige dag, zijnde van 9 tot 18u, of 9 tot 17 uur op zaterdag.

        De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van hetzij het ticket dat de parkeerautomaat afprint na de betaling van bovenvermelde retributie, hetzij elk ander bewijs dat aan de retributie werd voldaan.

        Het parkeren van voertuigen gebruikt door personen met een handicap is gratis.

        Het statuut van “persoon met een handicap” wordt beoordeeld op het ogenblik van het parkeren door het aanbrengen op een zichtbare plaats achter de voorruit van het voertuig van de kaart uitgereikt overeenkomstig het ministerieel besluit van 29 juli 1991.

        Artikel 3.

        De retributie is verschuldigd door de gebruiker van het voertuig. Indien de gebruiker niet gekend is, is de retributie verschuldigd door de titularis van de nummerplaat van het voertuig.

        De retributie is verschuldigd zodra het voertuig geparkeerd is, en is betaalbaar hetzij door het insteken in het apparaat van muntstukken of bepaalde magneetkaarten hetzij door elke andere vorm van betaling die voor de betrokken zone van toepassing is, hetzij door overschrijving; deze laatste mogelijkheid wordt enkel aangeboden als de gebruiker opteert voor de toepassing van het forfaitair tarief.

        Artikel 4.

        Parkeerkaart zorgverstrekkers:

        Een afwijking op de retributie wordt toegekend aan zorgverstrekkers. Door het plaatsen van de parkeerschijf in combinatie met de parkeerkaart voor zorgverstrekkers wordt hen, tijdens de diensturen, een gratis parkeertijd van 1 uur toegestaan in de betalende parkeerzones. De parkeerkaart en de parkeerschijf dienen zichtbaar aangebracht achter de voorruit, of als er geen voorruit is, aan de voorzijde van het voertuig. De parkeerkaart geldt niet voor de parkeerplaatsen bestemd voor kortparkeren.

        Tot de zorgverstrekkers behoren: huisartsen (dokters algemene geneeskunde) en thuisverpleegkundigen.

        De parkeerkaart moet aangevraagd worden bij de parkeerfirma-concessiehouder en vergezeld zijn van de volgende bewijsstukken:

        • Inschrijvingsformulier (roze formulier) van het voertuig.
        • Bewijs waaruit blijkt dat men zorgverstrekker aan huis is (attest Orde van Geneesheren), RIZIVattest, erkenning door Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid.
        • Identiteitskaart van de aanvrager.
        • Indien de wagen op naam van een andere persoon staat: een attest van de verzekering waarop staat dat de aanvrager medebestuurder is.
        • Indien het een bedrijfsvoertuig of leasewagen van de werkgever betreft: attest van de werkgever waarin vermeld staat dat de aanvrager de gebruikelijke bestuurder is (cf. document in bijlage).
        • Indien het een leasewagen van een eigen bedrijf betreft: kopie van het leasecontract en een kopie uit het staatsblad met de statuten van het bedrijf.

         De parkeerkaart voor zorgverstrekkers is gratis en voor 1 jaar geldig.

        Parkeerkaart bewoners:

        Een afwijking op het retributiereglement wordt toegekend aan bewoners die in het bezit zijn van een (digitale) parkeerkaart bewoners.

        Enkel bewoners met een hoofdverblijfplaats in de straten die ressorteren onder de betalende of de blauwe zone of bewoners met een hoofdverblijfplaats in straten en pleinen ingesloten tussen deze betalende of blauwe zones en waar geen parkeerplaatsen zijn, komen in aanmerking voor de uitreiking van een bewonerskaart. Per domicilieadres worden er meerdere bewonerskaarten toegestaan. De eerste bewonerskaart voor een gegeven domicilieadres is gratis. Vanaf de tweede bewonerskaart op eenzelfde adres bedraagt de kostprijs 75 euro per jaar per bewonerskaart. De retributie wordt vooraf betaald en het bedrag is ondeelbaar.

        Een bewonerskaart is steeds gekoppeld aan één kentekenplaat. De bewonerskaarten worden aangevraagd en louter digitaal uitgereikt via de concessiehouder die door de gemeente belast is met de exploitatie van het parkeerbeheer. De bewonerskaart kan verkregen worden voor één of twee jaar en kan na het aflopen van die termijn, indien gewenst, vernieuwd worden.

        De parkeerkaarten zijn enkel geldig in de blauwe parkeerzones, niet in de betalende en de zones bestemd voor kortparkeren, en geven het voertuig gekoppeld aan de kaart het recht kosteloos en zonder tijdsbeperking aldaar te parkeren.

        De parkeerkaarten van bewoners gedomicilieerd in een betalende zone geeft in deze betalende zone recht op parkeren aan halve prijs doch niet langer dan toegelaten volgens het geldende reglement.

        De parkeerkaarten kunnen aangevraagd worden zowel door bewoners die gedomicilieerd zijn in een blauwe zone als door bewoners die gedomicilieerd zijn in een betalende zone als bewoners die in een (deel van een) straat wonen waar geen parkeerplaatsen zijn maar die wordt ingesloten door de blauwe en/of betalende zone gelet op de geldende modaliteiten.

        Voor een handelaarsplaat (Z-plaat) of taxinummerplaat kan geen bewonerskaart aangevraagd worden.

        De bewonerskaart moet aangevraagd worden bij het parkeerbedrijf-concessiehouder en vergezeld zijn van de volgende bewijsstukken:

        • Het inschrijvingsbewijs van de wagen waarvoor de kaart wordt aangevraagd.
        • Identiteitskaart van de aanvrager.
        • Indien de wagen op naam van een andere persoon staat: een attest van de verzekering waarop staat dat de aanvrager medebestuurder is.
        • Indien het een bedrijfsvoertuig of leasewagen van de werkgever betreft: attest van de werkgever waarin vermeld staat dat de aanvrager de gebruikelijke bestuurder is (cf. document in bijlage).
        • Indien het een leasewagen van een eigen bedrijf betreft: kopie van het leasecontract en een kopie uit het staatsblad met de statuten van het bedrijf.

        Deze retributie is verschuldigd door de titularis van de bewonerskaart.

        Artikel 5.

        Een afwijking van de retributie is van toepassing op die parkeerplaatsen bestemd voor kortparkeren. Deze zijn aangeduid met een markering en een verkeersbord “30 minuten”. Er mag maximum 30 minuten gratis geparkeerd worden zonder parkeerschijf en bewonerskaart.

        Artikel 6.

        De gebruiker van een motorvoertuig die het ticket van de parkeerautomaat of elk ander bewijs van betaling, bekomen na betaling van de in artikel 2 bedoelde retributie niet zichtbaar achter de voorruit van zijn voertuig plaatst, wordt steeds geacht te kiezen voor de betaling van het in artikel 2 bedoelde forfaitaire tarief.

        Artikel 7.

        De controle en de inning dient te gebeuren overeenkomstig het bedingen van de concessie van openbare dienst.

        In ieder geval echter wordt, indien bij controle wordt vastgesteld dat de retributie verschuldigd is, een uitnodiging om de retributie te betalen op de voorruit van het voertuig aangebracht.

        Artikel 8.

        Aanmaningen en invorderingen met betrekking tot onbetaald gebleven retributies gebeuren overeenkomstig de wijze en de tarieven zoals hierna bepaald .

        De retributie die niet betaald wordt volgens de richtlijnen vermeld staande op de retributieheffing ( afgeleverd door de parkeerwachter op de wagen, of toegestuurd per post ) volgt de minnelijke aanmaningsprocedure (hetzij B2B, hetzij B2C), met administratieve kosten ten laste van de wanbetaler: 

        • T.a.v. ondernemingen:
          • Eerste betaalherinnering: + 10,00 euro.
          • Tweede betaalaanmaning: (10,00 euro) + 10,00 euro.
          • Minnelijke aanmaning via de gerechtsdeurwaarder: overeenkomstig het Koninklijk besluit tot vaststelling van het tarief voor akten van gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken en van het tarief van sommige toelagen. 
        • T.a.v. consumenten: Overeenkomstig de bepalingen zoals opgenomen in de artikelen XIX.1 t.e.m. XIX.13 van het Wetboek van economisch recht.
          • Eerste betaalherinnering: gratis + wettelijke wachtperiode.
          • Ingebrekestelling door advocaat of gerechtsdeurwaarder met verhoging forfaitaire vergoeding voor de invorderingskosten volgens wettelijk bepaalde plafonds:
            • 20,00 euro als het verschuldigde saldo lager dan of gelijk is aan 150,00 euro.
            • 30,00 euro vermeerderd met 10 % van het verschuldigde bedrag op de schijf tussen 150,01 euro en 500,00 euro als het verschuldigde saldo tussen 150,01 euro en 500,00 euro is.
            • 65,00 euro vermeerderd met 5 % van het verschuldigde bedrag op de schijf boven 500,00 euro met een maximum van 2000,00 euro als het verschuldigde saldo hoger is dan 500,00 euro.

        De gevorderde verwijlintresten worden gerekend vanaf de ingebrekestelling op de nog te betalen som tegen de referentie-intrestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in art 5, lid 2 van de Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betaalachterstand bij handelstransacties (zie ook: Art XIX.4, 1° WER).

        Artikel 9.

        De voormelde retributie geldt vanaf de start van de concessie van openbare dienst op de controle op gedepenaliseerd parkeren en de inning van de parkeervergoedingen.

        Artikel 10.

        Het reglement van 25 oktober 2023 betreffende de retributie op het betalend parkeren wordt opgeheven.

      • Retributiereglement voor het parkeren in blauwe zone en zones voor tijdsgelimiteerd parkeren - aanpassing - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Het Agentschap Binnenlands Bestuur stelde vast dat de gemeente in het retributiereglement op het parkeren, een onderscheid maakt tussen binnenlandse en buitenlandse nummerplaathouders wat betreft de aanrekening van de kosten voor een eerste aanmaning in verband met de invordering van parkeerretributies. Voor binnenlandse bestuurders is de eerste aanmaning gratis, terwijl deze voor buitenlandse bestuurders betalend is.
        Wanneer de kosten voor de eerste betalingsaanmaning uitsluitend aangerekend worden aan houders van een buitenlandse nummerplaat, handelt de gemeente in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Dit beginsel belet namelijk dat een buitenlandse nummerplaathouder anders behandeld wordt dan een binnenlandse nummerplaathouder.

        Artikel 6 van het reglement dient dan ook aangepast te worden.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, ook aangeduid als de wegcode.
        • Het Ministerieel Besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 oktober 2023, waarbij een retributie geheven wordt op het parkeren in blauwe zone en zones voor tijdsgelimiteerd parkeren.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Koninklijk besluit van 30 november 1976 tot vaststelling van het tarief voor akten van gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken en van het tarief van sommige toelagen.
        • De wet van 4 mei 2023 houdende invoeging van boek XIX “Schulden van de consument” in het Wetboek van economisch recht, Artikels XIX.1 t.e.m. XIX.13 Wetboek van economisch recht.
        • De Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De gemeente wenst een gedifferentieerd parkeerbeleid te voeren i.f.v. het aanbieden van parkeerplaatsen voor zijn inwoners en bezoekers en i.f.v. het sturen van het autogebruik. Ter uitvoering van dit beleid wordt in verschillende delen van het grondgebied de parkeertijd beperkt door het invoeren van "betalend parkeren". In functie van parkeren door inwoners of zorgverleners worden parkeerkaarten uitgereikt door de parkeerconcessionaris.
        • Met het parkeerbeleid wordt een evenwicht nagestreefd tussen de verschillende parkeerbehoeftes van de verschillende gebruikers.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Tegenstanders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 24 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        Er wordt een gemeentelijke retributie gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen, op de openbare weg of op het openbaar domein, waar een blauwe zone of een zone voor tijdsgelimiteerd parkeren is voorzien.

        Aan de retributie op het parkeren in een blauwe zone en op plaatsen voor tijdsgelimiteerd parkeren wordt onderworpen:

        • het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar dat parkeren toegelaten is én waar een blauwe zone-reglement van toepassing is overeenkomstig artikel 27.1 en 27.02 van de wegcode;
        • het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar dat parkeren toegelaten is en de parkeerduur beperkt is als volgt:
          • via het aanbrengen van een onderbord dat de parkeerduur beperkt, onderbord aangebracht onder een bord E9A tot E9h
          • via het aanbrengen van een onderbord dat een maximale parkeerduur vermeldt, onderbord aangebracht onder een bord E1 en E3.

        Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.

        Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 2, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.

        Art. 2.

        De retributie wordt als volgt vastgesteld:

        Het parkeren is gratis voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden en mits het plaatsen van een parkeerschijf.

        Het parkeren geeft aanleiding tot een ondeelbaar forfaitair bedrag van € 25 per dag:

        • Voor elke periode die langer is dan deze die gratis is. De retributie is voor de ganse dag verschuldigd zodra het voertuig langer geparkeerd is dan de tijd die toegelaten is door de verkeersborden.
        • In geval de parkeerschijf niet zichtbaar wordt geplaatst of de geplaatste schijf niet voldoet aan het door de minister van Verkeerswezen bepaalde model. De retributie is voor de ganse dag verschuldigd door het voltrekken van bedoelde retributieplichtige feiten.
        • In geval de gebruiker onjuiste aanduidingen op de schijf laat verschijnen of de aanduidingen wijzigt zonder dat het voertuig de parkeerplaats heeft verlaten. de retributie is voor de ganse dag verschuldigd door het voltrekken van bedoelde retributieplichtige feiten.

        De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van de parkeerschijf, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1.12.1975.

        Zijn niet onderworpen aan de retributie:

        • Het parkeren van voertuigen gebruikt door personen met een handicap. Het statuut van "persoon met een handicap" wordt beoordeeld op het ogenblik van parkeren door het aanbrengen op een zichtbare plaats achter de voorruit van het voertuig van de kaart uitgereikt overeenkomstig het ministerieel besluit van 7 mei 1999. Bij gebreke aan het aanbrengen van voormelde parkeerkaart op voormelde wijze is het ondeelbaar forfaitair bedrag van € 25 per dag van toepassing.

        Art. 3.

        De retributie is verschuldigd door de gebruiker van het voertuig. Indien de gebruiker niet gekend is, is de retributie verschuldigd door de titularis van de nummerplaat van het voertuig.

        De retributie is verschuldigd zodra het voertuig langer geparkeerd is dan de tijd die toegelaten is door de verkeersborden.

        Art. 4.

        Een afwijking op het retributiereglement wordt toegekend aan bewoners die in het bezit zijn van een (digitale) parkeerkaart bewoners.

        Enkel bewoners met een hoofdverblijfplaats in de straten die ressorteren onder de betalende of de blauwe zone of bewoners met een hoofdverblijfplaats in straten en pleinen ingesloten tussen deze betalende of blauwe zones en waar geen parkeerplaatsen zijn, komen in aanmerking voor de uitreiking van een bewonerskaart. Per domicilieadres worden er meerdere bewonerskaarten toegestaan. De eerste bewonerskaart voor een gegeven domicilieadres is gratis. Vanaf de tweede bewonerskaart op eenzelfde adres bedraagt de kostprijs 75 euro per jaar per bewonerskaart. De retributie wordt vooraf betaald en het bedrag is ondeelbaar.

        Een bewonerskaart is steeds gekoppeld aan één kentekenplaat. De bewonerskaarten worden aangevraagd en louter digitaal uitgereikt via de concessiehouder die door de gemeente belast is met de exploitatie van het parkeerbeheer. De bewonerskaart kan verkregen worden voor één of twee jaar en kan na het aflopen van die termijn, indien gewenst, vernieuwd worden.

        De parkeerkaarten zijn enkel geldig in de blauwe parkeerzones, niet in de betalende en de zones bestemd voor kortparkeren, en geven het voertuig gekoppeld aan de kaart het recht kosteloos en zonder tijdsbeperking aldaar te parkeren.

        De parkeerkaarten van bewoners gedomicilieerd in een betalende zone geeft in deze betalende zone recht op parkeren aan halve prijs doch niet langer dan toegelaten volgens het geldende reglement.

        De parkeerkaarten kunnen aangevraagd worden zowel door bewoners die gedomicilieerd zijn in een blauwe zone als door bewoners die gedomicilieerd zijn in een betalende zone als bewoners die in een (deel van een) straat wonen waar geen parkeerplaatsen zijn maar die wordt ingesloten door de blauwe en/of betalende zone gelet op de geldende modaliteiten.

        Voor een handelaarsplaat (Z-plaat) of taxinummerplaat kan geen bewonerskaart aangevraagd worden.

        De bewonerskaart moet aangevraagd worden bij het parkeerbedrijf-concessiehouder en vergezeld zijn van de volgende bewijsstukken:

        • Het inschrijvingsbewijs van de wagen waarvoor de kaart wordt aangevraagd.
        • Identiteitskaart van de aanvrager.
        • Indien de wagen op naam van een andere persoon staat: een attest van de verzekering waarop staat dat de aanvrager medebestuurder is.
        • Indien het een bedrijfsvoertuig of leasewagen van de werkgever betreft: attest van de werkgever waarin vermeld staat dat de aanvrager de gebruikelijke bestuurder is (cf. document in bijlage).
        • Indien het een leasewagen van een eigen bedrijf betreft: kopie van het leasecontract en een kopie uit het staatsblad met de statuten van het bedrijf.

        Deze retributie is verschuldigd door de titularis van de bewonerskaart.

        Art. 5.

        De controle en de inning dient te gebeuren overeenkomstig het bedingen van de concessie van openbare dienst.

        In ieder geval echter wordt, indien bij controle wordt vastgesteld dat de retributie verschuldigd is, een uitnodiging om de retributie te betalen op de voorruit van het voertuig aangebracht.

        Art. 6.

        Aanmaningen en invorderingen met betrekking tot onbetaald gebleven retributies gebeuren overeenkomstig de wijze en de tarieven zoals hierna bepaald .

        De retributie die niet betaald wordt volgens de richtlijnen vermeld staande op de retributieheffing ( afgeleverd door de parkeerwachter op de wagen, of toegestuurd per post ) volgt de minnelijke aanmaningsprocedure (hetzij B2B, hetzij B2C), met administratieve kosten ten laste van de wanbetaler:

        • T.a.v. ondernemingen:
          • Eerste betaalherinnering: + 10,00 euro. 
          • Tweede betaalaanmaning: (10,00 euro) + 10,00 euro.
          • Minnelijke aanmaning via de gerechtsdeurwaarder: Overeenkomstig het Koninklijk besluit tot vaststelling van het tarief voor akten van gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken en van het tarief van sommige toelagen. 
        • T.a.v. consumenten: Overeenkomstig de bepalingen zoals opgenomen in de artikelen XIX.1 t.e.m. XIX.13 van het Wetboek van economisch recht.
          • Eerste betaalherinnering: Gratis + wettelijke wachtperiode.
          • Ingebrekestelling door advocaat of gerechtsdeurwaarder met verhoging forfaitaire vergoeding voor de invorderingskosten volgens wettelijk bepaalde plafonds:
            • 20,00 euro als het verschuldigde saldo lager dan of gelijk is aan 150,00 euro.
            • 30,00 euro vermeerderd met 10 % van het verschuldigde bedrag op de schijf tussen 150,01 euro en 500,00 euro als het verschuldigde saldo tussen 150,01 euro en 500,00 euro is.
            • 65,00 euro vermeerderd met 5 % van het verschuldigde bedrag op de schijf boven 500,00 euro met een maximum van 2000,00 euro als het verschuldigde saldo hoger is dan 500,00 euro.

        De gevorderde verwijlintresten worden gerekend vanaf de ingebrekestelling op de nog te betalen som tegen de referentie-intrestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in art 5, lid 2 van de Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betaalachterstand bij handelstransacties. ( zie ook: Art XIX.4, 1° WER).

        Art. 7.

        De voormelde retributie geldt vanaf de start van de concessie van openbare dienst op de controle op gedepenaliseerd parkeren en de inning van de parkeervergoedingen.

        Art. 8.

        Het reglement van 25 oktober 2023 betreffende de retributie op het parkeren in een blauwe zone wordt opgeheven.

      • Algemene heffing op gezinnen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'Algemene heffing op gezinnen' goed te keuren.

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Wetboek van de inkomstenbelastingen.
        • Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen van 14 juli 1994.
        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 3 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 januari 2025 betreffende het belastingreglement algemene heffing op gezinnen.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een belasting ten laste van ieder gezin dat op 1 januari van het aanslagjaar is ingeschreven in de bevolkingsbestanden van de gemeente en waarvan geen enkel lid onderworpen is aan de algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen.
        • Een gezin is:
          • Een persoon die gewoonlijk alleen woont.
          • Een vereniging van twee of meer personen die, al dan niet door familiebanden gebonden, gewoonlijk eenzelfde woning of woongelegenheid betrekken en samen leven.
        • De heffing wordt gevestigd:
          • Ten laste van de gezinsverantwoordelijke.
          • Per woning of woongelegenheid op het grondgebied van de gemeente gebruikt door het gezin of tot gebruik voorbehouden als hoofdverblijf.
        • Bedrag: € 40,00 per gezin per begonnen jaar (volledig verschuldigd volgens de toestand op 1 januari).
        • Tot 2019 waren enkel personen die recht hadden op het leefloon vrijgesteld van deze belasting. Gezinshoofden die recht hadden op een verhoogde tegemoetkoming kregen een vermindering van € 20 en betaalden € 20 i.p.v. € 40.
        • Vanaf 2020 zijn ook gezinshoofden die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming vrijgesteld van deze belasting.
        • Ten opzichte van vorig jaar wijzigt niets.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 12 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Met ingang van 1 januari 2026 wordt ten behoeve van de gemeente Hamme een jaarlijkse algemene heffing op gezinnen geheven voor een termijn eindigend op 31 december 2031.

        Artikel 2.

        Deze heffing is ten laste van ieder gezin dat op 1 januari van het aanslagjaar is ingeschreven in de bevolkingsbestanden van de gemeente en waarvan geen enkel lid onderworpen is aan de algemene heffing op bedrijven en vrije beroepen.

        Artikel 3.

        §1. Onder gezin wordt verstaan:

        • Hetzij een persoon die gewoonlijk alleen woont.
        • Hetzij een vereniging van twee of meer personen die, al dan niet door familiebanden gebonden, gewoonlijk éénzelfde woning of woongelegenheid betrekken en samen leven.

        §2. De heffing wordt gevestigd ten laste van een gezinsverantwoordelijke, d.w.z. namens één van de gezinsleden ouder dan 18 jaar, dat in het gezin eigen belangen en desgevallend die van de medegezinsleden behartigt en zich tegenover derden als dusdanig kenbaar gemaakt heeft, optreedt of gekend is.

        Artikel 4.

        §1. De belasting is verschuldigd per woning of woongelegenheid, hoe dan ook genaamd, op het grondgebied van de gemeente Hamme gelegen en door het gezin gebruikt of tot gebruik voorbehouden als hoofdverblijf.

        §2. Een woning of woongelegenheid wordt beschouwd als gelegen in de gemeente wanneer zij haar adres heeft in de gemeente of de hoofdingang in de gemeente gelegen is.

        Artikel 5.

        De belasting wordt bepaald op 40,00 euro per gezin.

        Artikel 6.

        Het begonnen jaar is volledig verschuldigd, met dien verstande dat alleen de op 1 januari bestaande toestand in aanmerking genomen wordt.

        Artikel 7.

        Kunnen ontheffing van deze belasting bekomen:

        • De gezinnen die het bewijs leveren dat de gezinsverantwoordelijke op 1 januari van het aanslagjaar geniet van het recht op maatschappelijke integratie op basis van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie.
        • De gezinnen die het bewijs leveren dat de gezinsverantwoordelijke van het gezin op 1 januari van het aanslagjaar geniet van de voorkeurtarieven inzake de verzekering voor geneeskundige verzorging op basis van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, met latere wijzigingen.

        Artikel 8.

        De heffing wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 9.

        De heffing is betaalbaar binnen de twee maand na toezending van het aanslagbiljet.

        Artikel 10.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op sommige tussenkomsten van de lokale politie - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op sommige tussenkomsten van de lokale politie' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Koninklijk besluit van 28 mei 1991 en het ministerieel besluit van 8 oktober 1993.
        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende het belastingreglement op sommige tussenkomsten van de lokale politie.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting voor bepaalde tussenkomsten van de lokale politie verschuldigd door de hoofdelijk aansprakelijken zoals daar zijn:
          • Degenen die de interventie noodzakelijk maakten.
          • Degenen die hen opdracht of toelating gaven.
          • De eigenaar als kan aangenomen of bewezen worden dat hij/zij effectief schuldig of medeplichtig is.
        • Bedrag:
          • Weghalen van autovoertuigen: factuur van de takelkosten.
          • Bewaren en stallen van autovoertuigen: € 6,25 per begonnen dag.
          • Nodeloos alarmeren van de politie: € 150,00 per oproep vanaf het derde nodeloos alarm.
          • Vervoer van personen onder invloed van drank, verdovende of hallucinatieverwekkende middelen: € 150,00.
          • Vervoer van bestuurlijk aangehouden personen: € 150,00.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        • Het weghalen, bewaren en stallen van autovoertuigen en het nodeloos alarmeren van de politie veroorzaakt heel wat bijkomende kosten voor het gemeentebestuur.
        • Een gemeentelijk belastingreglement kan helpen het beroep op het gemeentebestuur en meer in het bijzonder op de politie voor bovengenoemde prestaties tot een minimum te herleiden.
        • Uit de praktijk blijkt dat het billijk is om het nodeloos alarmeren van de politie pas vanaf de derde nodeloze oproep aan te rekenen.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een gemeentebelasting geheven op sommige tussenkomsten van de  lokale politie.

        Artikel 2.

        De belasting is verschuldigd door degenen die de interventie noodzakelijk maken. Degene die hen opdracht of toelating gaf en de eigenaar, voor zover aangenomen en bewezen kan worden dat de eigenaar effectief schuldig of medeplichtig is, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

        Artikel 3.

        Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld als volgt:

        §1. Het weghalen van autovoertuigen: terugvorderen van de door de gemeente betaalde takelkosten. Het gemeentebestuur zal de door haar te betalen factuur van de takelkosten ter staving van de aanslag voorleggen aan de belastingplichtige.

        §2. Het bewaren en stallen van autovoertuigen: 6,25 euro/dag. Elke begonnen dag wordt als een volledige dag geteld.

        §3. Nodeloos alarmeren van de politie zoals bepaald in het K.B. van 28 mei 1991 en het M.B. van 8 oktober 1993: 150 euro per oproep vanaf het derde nodeloos alarm.

        §4. Vervoer van dronken personen of van personen die zich in soortgelijke toestand bevinden ten gevolge van het gebruik van verdovende of hallucinatieverwekkende middelen naar huis, naar een verpleeginstelling of naar een politiekantoor: 150,00 euro.

        §5. Vervoer van bestuurlijk aangehouden personen naar een politiekantoor of naar een andere eindbestemming die naargelang het geval meer aangewezen zou kunnen zijn (thuis, verpleeginstelling, bij de meerderjarige die het ouderlijk gezag of feitelijk toezicht uitoefent, enz.): 150,00 euro.

        Artikel 4.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 5.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 6.

        Verwijl- en moratoriumintresten zijn toepasselijk zoals inzake directe rijksbelastingen.

      • Belasting op ambtshalve door de gemeente of door derden in opdracht van de gemeente uitgevoerde werken - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op ambtshalve door de gemeente of door derden in opdracht van de gemeente uitgevoerde werken' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de belasting op ambtshalve door de gemeente of door derden in opdracht van de gemeente uitgevoerde werken.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting gevestigd om de kosten van ambtshalve door de gemeente of door derden voor derden uitgevoerde werken, terug te vorderen. Ze is verschuldigd door de personen die in gebreke blijven met het vervullen van hun wettelijke en/of reglementaire verplichtingen.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        • Het is billijk om de kosten gemaakt door de gemeente of door derden in opdracht van de gemeente, voor derden uitgevoerde werken terug te vorderen.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een periode ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een kohierbelasting geheven om de kosten op ambtshalve door de gemeente of door derden in opdracht van de gemeente, voor derden uitgevoerde werken, terug te vorderen.

        Artikel 2.

        De belasting is verschuldigd door de perso(o)n(en): natuurlijke of rechtspersonen die – na ingebrekestelling – nalaten te voldoen aan de hen opgelegde verplichtingen opgenomen in een wet, decreet, reglementaire bepaling of zelfs gemeentelijke vergunning of gemeentelijke verordening. Een ingebrekestelling is niet vereist indien er sprake is van onmiddellijk gevaar. In geval twee of meer natuurlijke of rechtspersonen nalatig zijn, zijn zij hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

        Artikel 3.

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:

        1. Voor de inzet van gemeentepersoneel:

        • Titularis schaal D/E: € 17,53 per uur.
        • Titularis schaal C/D: € 19,88 per uur.
        • Titularis schaal B: € 27,17 per uur.
        • Titularis schaal A: € 34,81 per uur.
        • Ieder begonnen uur telt voor een volledig uur.

        2. Ingezet materieel/prestaties:

        a. Voertuigen (vergoeding per begonnen uur):

        • Personenauto: € 6,00.
        • Bestelwagen (tot 0,75 ton): € 12,00.
        • Lichte vrachtwagen (0,75 tot 3,5 ton): € 19,00.
        • Vrachtwagen (meer dan 3,5 ton): € 37,00.
        • Veegmachine: € 35,00.
        • Kleine tractor + aanhangwagen: € 37,00.
        • Grote tractor + aanhangwagen: € 50,00.
        • Minigraafmachine: € 25,00.
        • Grote graafmachine: € 35,00.

        b. Gereedschappen (vergoeding per begonnen uur):

        • Eigen gereedschap: € 10,00 per ingezette machine werkend op een elektrische of ontploffingsmotor.
        • Ontstoppingsmachine: € 50,00.
        • Stroomgenerator: € 25,00.
        • Compressor met breekhamer van 10 kg: € 25,00.
        • Kleine landbouwmachines: € 20,00.
        • Gehuurd materieel: indien het bestuur beroep dient te doen op het huren van materieel om de werken uit te voeren, dan wordt de kostprijs van deze huur doorgerekend aan de belasting plichtige(n). De kostprijs wordt bepaald aan de hand van de factuur voor huur van het materieel.

        c. Tijdelijke verkeerssignalisatie:

        Per bord/baken/hek (inclusief steunen en voeten):

        • Periodes van minder dan 7 dagen: € 1,00 per stuk per dag.
        • Periodes langer dan 1 week: € 15,00 per begonnen week.

        3. Verwerkte materialen:

        Worden aan kostprijs doorgerekend aan de belastingplichtige(n). De kostprijs wordt bepaald aan de hand van een recente factuur van aankoop van het materiaal door ons bestuur.

        4. Inzet van derden bij de uitvoering van de gevraagde prestatie(s):

        Worden aan kostprijs doorgerekend aan de belastingplichtige(n). De uiteindelijke kostprijs van de prestatie(s) wordt bepaald aan de hand van de factuur die ons bestuur ontvangt van de derde-ondernemer.

        Artikel 4.

        De kohieren inzake gemeentebelastingen worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar, door het college van burgemeester en schepenen van de gemeente.

        Artikel 5.

        De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.

        Artikel 6.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op plaatsrechten op markten en foren - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op plaatsrechten op markten en foren' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. Verder verandert niets aan dit reglement t.o.v. vorig jaar.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024, houdende het taksreglement op plaatsrechten op markten en foren en op andere plaatsen van de gemeente.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Er wordt een belasting op plaatsrechten op de markten en foren en op andere plaatsen van de gemeente die tot het openbaar domein behoren, geheven.
        • Dit voor occasionele ambulante verkoop op openbaar domein, markten en foren, met vrijstelling voor wijkkermissen en winterkermis.
        • Tevens voorzien we in vooraf bepaalde plaatsen waar ambulante activiteiten kunnen plaatsen vinden op het openbaar domein.
        • De financiële toestand van de gemeente.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Ten behoeve van de gemeente Hamme, zullen volgende plaatsrechten op de markten en op andere plaatsen van de gemeente die tot het openbaar domein behoren, geheven worden voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031.

        Artikel 2.

        De tarieven worden als volgt samengesteld:

        OCCASIONELE AMBULANTE VERKOOP OP OPENBAAR DOMEIN:

        1. Op rondtrekkende wijze:
          € 250,00 voor april, mei, juni, juli, augustus en september.
        2. Ambulante activiteit met vooraf bepaalde plaats:
          € 10,00 per verkoopdag.
        3. Ambulante activiteit met niet vooraf bepaalde plaatsen:
          € 10,00 per verkoopdag.

        MARKTEN:

        1. Wekelijkse zaterdagmarkt:

          • Vaste standplaatsen (abonnementen voor drie maanden): 0,62 EUR per lopende meter, per marktdag.
          • Standplaatsen op risico:

                      §  Marktkramen tot 4 meter: 6 EUR per kraam.

                      §  Marktkramen boven de 4 meter: 10 EUR per kraam.

        1. Wekelijkse zondagmarkt: wordt in concessie gegeven tegen een opbrengst van 744 euro per kwartaal, te betalen door de concessiehouder(s).
        2. Bloemenverkopers aan begraafplaatsen ter gelegenheid van Allerheiligen:
        • € 31 voor max. 5 dagen. De standplaatsen mogen ten vroegste 4 dagen vóór Allerheiligen ingenomen worden.

        FOREN:

        a. Kermissen:

        Deze tarieven gelden per lopende meter:

        HAMME
        carnaval

        HAMME
        kleine kermis

        HAMME
        grote kermis

        MOERZEKE
        carnaval

        MOERZEKE
        kleine kermis

        MOERZEKE
        grote kermis

         

        9,78

        9,78

        9,78

        3,83

        3,83

        3,83

        alleen wulken, suikerspin, suikerkraam, snoepkraam

        13,18

        17,85

        22,10

        11,05

        11,05

        11,05

        hotdogs, pitta, belegde broodjes, hamburgers

        15,30

        18,28

        21,25

        11,05

        11,05

        11,05

        wulken + broodjes

        17,85

        22,10

        26,78

        4,68

        4,68

        4,68

        levende paarden, kindervliegtuig, visspel, schietkraam, krachtbal, pottenkraam,

        derbyrace, muizenspel, bak-pikspel, ballenspel, yellyball, ringenspel, koordjetrek,

        magnetenspel, rugbyspel, rugbybal, kleine loterij (radio-spel), boksbal, rad,

        fortuin, basketbalspel, cinéscoop

        17,85

        22,10

        26,78

        5,10

        5,10

        5,10

        rattenspel, casino, tombola, stedenspel, kindervliegmolen, spookkasteel,

        boogschieten, flessenschieten

        22,53

        26,78

        31,03

        5,10

        5,10

        5,10

        kindermolen, kinderbuggy, paardenmolen

        22,53

        26,78

        31,03

        5,10

        5,10

        5,10

        schuivenspel, bulldozerspel, bumpers, hobbykranen

        23,80

        28,05

        32,73

        6,38

        6,38

        6,38

        autoscooter

        26,78

        31,03

        35,70

        7,65

        7,65

        7,65

        rupsmolen, automatische spelen, vliegmolen, bidule, polype,

        lambada, grote molen, cakewalk

        31,03

        35,70

        39,95

        11,05

        11,05

        11,05

        frituur

        b. Wijkkermissen:

        • Vrijstelling.

        c. Winterkermis:

        • Vrijstelling.

        De standplaatsen voor kermissen in Hamme-Centrum en Moerzeke-centrum zullen volgens voormelde tarieven contractueel vastgelegd worden.

        De contracten worden in de loop van de eerste maand volgend op de installatie van de nieuwe gemeenteraad hernieuwd voor een periode van zes jaar.

        De standplaatsen zullen volgens voormelde tarieven contractueel vastgelegd worden door het schepencollege, rekening houdend met de aard van de inrichting.

        Voormelde tarieven gelden voor de ganse duur van de kermissen.

        Artikel 3.

        1. De foorinrichting mag niet gewijzigd of vervangen worden zonder schriftelijke verwittiging aan het gemeentebestuur en het akkoord van deze laatste.
        2. Het gemeentebestuur blijft steeds vrij de plaats op de kermis aan te duiden.
        3. Het standgeld per kermis dient in zijn geheel 14 dagen voor de betreffende kermis te worden overgeschreven op bankrekeningnummer 091-0002869-85 van het gemeentebestuur van Hamme.
        4. De inname van de toegewezen kermisplaatsen kan gebeuren vanaf de woensdag vóór zondag van de kermis vanaf 12.30 u.
        5. Het is absoluut verboden om vroeger met het opstellen te beginnen.
        6. Bijzondere regeling inzake geluidshinder: Kermismuziek of andere uitbatinggeluiden mogen niet overdreven storend zijn voor de naburige inwoners en moeten ophouden om 22.00 u. op de zon-, feest,- en weekdagen en om 23.00 u. op zaterdagen en vooravonden van feestdagen, alsook op de zondag en maandag van carnaval.
        7. Indien de foorreiziger zich niet kan aanbieden is hij gehouden het gemeentebestuur te verwittigen, ten laatste één week voor de plaatsen worden ingenomen.
        8. De foorreiziger is gehouden zijn standplaats volledig te ontruimen en op te kuisen alvorens de kermisplaats te verlaten.

        Artikel 4.

        De lengte der kramen zal berekend worden op de meest belastbare gebruikte lengte:

        Het gedeelte van een meter wordt steeds voor een lopende meter aangerekend.

        In geval van geschil bij de meting zullen de kramers of kooplieden zich gedragen en onderwerpen, zonder beroep, aan de meting door een afgevaardigde van het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 5.

        Zijn van betaling vrijgesteld:

        De voorwerpen welke ter gelegenheid van openbare veilingen op de straat worden gebracht voor huizen, waar de veiling plaats heeft, zo ook voorwerpen welke verkocht worden bij openbare verkoop, alsmede dieren, die op de dagen der jaarmarkten mededingen aan prijskampen door de gemeente uitgeschreven of door haar gesteund.

        Artikel 6.

        De belasting is contant te betalen tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

        Artikel 7.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

      • Belasting op de vergunningsaanvragen en meldingen bedoeld in artikel 5 van het decreet van 25/4/2014 betreffende de omgevingsvergunning - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op de vergunningsaanvragen en meldingen bedoeld in artikel 5 van het decreet van 25/4/2014 betreffende de omgevingsvergunning' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. 

        De bedragen waren al enige jaren onveranderd en zijn verhoogd naar analogie met de buurgemeenten.
        Door de digitale aanvragen en de nieuwe regelgeving kruipt er ook meer tijd in om adviezen op te vragen, adviezen te analyseren en de aanvraag af te toetsen aan nieuwe regelgeving.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het besluit van de Vlaamse regering van 5 mei 2000, gewijzigd bij besluit van 30 maart 2001, 8 maart 2002 en 5 juni 2009.
        • Het besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, die de stedenbouwkundige vergunning, de verkavelingsvergunning en de milieuvergunning integreert.
        • Het besluit van de Vlaamse regering van 20 januari 2017 houdende de mogelijkheid voor gemeentebesturen om de opstart van de omgevingsvergunning uit te stellen tot uiterlijk 1 juni 2017.
        • Decreet houdende de nadere regels tot implementatie van de omgevingsvergunning van 2 juni 2017. 
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de belasting op de vergunningsaanvragen en meldingen bedoeld in artikel 5 van het decreet van 25/4/2014 betreffende de omgevingsvergunning.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Dit is een gemeentebelasting geheven op de aanvraag van een omgevingsvergunning, die de vroegere stedenbouwkundige vergunning, de verkavelingsvergunning en de milieuvergunning integreert.
        • Ze is verschuldigd:
          • Voor het verkavelen van gronden door de eigenaar.
          • Voor het exploiteren of veranderen van een ingedeelde inrichting of activiteit door de exploitant.
          • Voor stedenbouwkundige handelingen door de bouwheer.
        • Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning trad in werking vanaf 1 januari 2018 ten gevolge van het decreet van 2 juni 2017: vanaf deze datum worden stedenbouwkundige handelingen, verkavelingen en de exploitatie van ingedeelde inrichtingen en activiteiten onderworpen aan één procedure, ingesteld door het decreet betreffende de omgevingsvergunning.
        • De bestaande reglementen aangaande deze materie werden daartoe samengevoegd tot één reglement, zijnde het reglement 'belasting op de vergunningsaanvragen en meldingen bedoeld in artikel 5 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.'
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Gilles Verbeke
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Resultaat: Met 16 stemmen voor, 12 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een gemeentebelasting geheven op de aanvraag van omgevingsvergunningen.  

        Artikel 2.

        Indien de omgevingsvergunning aangevraagd wordt voor het verkavelen van gronden, is de belasting verschuldigd door de verkavelaar van de te verkavelen gronden. Indien de omgevingsvergunning aangevraagd wordt voor het exploiteren of veranderen van een ingedeelde inrichting of activiteit, is de belasting verschuldigd door de exploitant van de ingedeelde inrichting of activiteit. Indien de omgevingsvergunning aangevraagd wordt voor stedenbouwkundige handelingen, is de belasting verschuldigd door de bouwheer.  

        Artikel 3.

        De belasting bedraagt: 

        • 50 euro voor stedenbouwkundige werken van geringe omvang (kleiner dan 100 m³), niet inbegrepen de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die daaraan verbonden kan zijn.  
        • 50 euro voor meldingsplichtige stedenbouwkundige handelingen.  
        • 65 euro voor aanvraag stedenbouwkundig attest.  
        • 65 euro voor een eengezinswoning met vereenvoudigde procedure, niet inbegrepen de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die daaraan verbonden kan zijn. 
        • 100 euro voor een eengezinswoning met gewone procedure, niet inbegrepen de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die daaraan verbonden kan zijn. 
        • 100 euro per woongelegenheid voor de aanvragen tot het bouwen, verbouwen of herbouwen anders dan ééngezinswoningen. 
        • 250 euro voor aanvragen tot het bouwen, verbouwen of herbouwen van constructies voor niet-woonfuncties, niet inbegrepen de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die daaraan verbonden kan zijn, tot een bruto vloeroppervlakte (verschillende bouwlagen optellen) van 200 m2;
        • verhoogd met 5,00 euro/m2 boven 200 m2 tot 500 m2 voor aanvragen tot 500 m2; verhoogd met 7,00 euro/m2 boven 200 m2 tot 1000 m2 voor aanvragen tot 1000 m2; verhoogd met 10,00 euro/m2 boven 200 m2 voor aanvragen boven 1000 m2
        • 1000,00 euro supplement bovenop verkaveling per lot verkaveling met aanleg nieuwe wegenis. 
        • 100,00 euro per lot van een aangevraagde verkaveling.  
        • 50,00 euro per lot voor de wijziging van een verkaveling.  
        • 50,00 euro per projectwijziging op initiatief van aanvrager tijdens periode eerste aanleg en/of beroepsprocedure bij vereenvoudigde procedure.  
        • 100,00 euro per projectwijziging op initiatief van aanvrager tijdens periode eerste aanleg en/of beroepsprocedure bij gewone procedure.  
        • 150,00 euro per projectvergadering.  
        • 500,00 euro supplement bij aanvraag met project-MER. 
        • 5000,00 euro voor een planologisch attest.  
        • Tegen kostprijs opmaak RUP nav planologisch attest, ten voordele van begunstigde, incl. juridisch advies.  
        • Tegen kostprijs voor gefactureerde externe adviezen van Aquafin, Inter, … 
        • 150,00 euro voor het digitaliseren van analoge aanvragen zonder medewerking van architect, andere worden niet gedigitaliseerd door het lokaal bestuur. 
        • 10,00 euro per ingescand bouwplan. 
        • 25,00 euro per gele affiche in de procedure (openbaar onderzoek, beslissing, tweede affiche wegens niet afhalen, verloren met de post, …).   
        • 50 euro voor de meldingen van ingedeelde inrichtingen of activiteiten van klasse 3.  
        • 25 euro voor de vereenvoudigde meldingen van ingedeelde inrichtingen of activiteiten van klasse 3 (ingedeelde inrichtingen of activiteiten bij een woning en onlosmakelijk verbonden aan de woonfunctie).  
        • 250 euro voor de exploitatie of verandering van een ingedeelde inrichting of activiteit van klasse 2 en voor de mededeling van omzetting van een milieuvergunning klasse 2 naar een omgevingsvergunning voor onbeperkte termijn indien dit niet kan via de korte procedure.  
        • 500 euro voor de exploitatie of verandering van een ingedeelde inrichting of activiteit van klasse 1 zonder MER- of VR-verplichting en voor de mededeling van omzetting van een milieuvergunning klasse 1 naar een omgevingsvergunning voor onbeperkte termijn indien dit niet kan via de korte procedure.  
        • 1000 euro voor de exploitatie of verandering van een ingedeelde inrichting of activiteit van klasse 1 met MER- of VR-verplichting.  
        • 250 euro voor de verandering van een ingedeelde inrichting of activiteit klasse 3 die daardoor een ingedeelde inrichting of activiteit klasse 2 wordt.  
        • 75 euro voor de mededeling van kleine verandering van een ingedeelde inrichting of activiteit van klasse 2.  
        • 100 euro voor de mededeling, via de korte procedure, van omzetting van een milieuvergunning naar een omgevingsvergunning voor onbeperkte termijn.  
        • 500 euro voor het wijzigen van de milieuvoorwaarden van een ingedeelde inrichting of activiteit klasse 1.  
        • 250 euro voor het wijzigen van de milieuvoorwaarden van een ingedeelde inrichting of activiteit klasse 2.  
        • 50 euro voor een melding van de overdracht van de vergunning voor een ingedeelde inrichting of activiteit.  
        • 75 euro voor een tijdelijke ingedeelde inrichting of activiteit of een eenmalige activiteit.  

        Artikel 4.

        Het belastingbedrag zal verhoogd worden met:  

        • De publicatiekosten voor het openbaar onderzoek zoals dit blijkt uit de facturen van de desbetreffende krantengroepen.  
        • De kosten van aangetekende zendingen met betrekking tot de organisatie van het openbaar onderzoek en bekendmaking beslissing.  

        Artikel 5.

        Vrijstelling van belasting wordt verleend aan:  

        • De staat, het gewest, de provincies en de gemeenten voor de ingedeelde inrichtingen of activiteiten bestemd voor een dienst van openbaar nut.  
        • De intercommunales.  
        • Het O.C.M.W. en de kerkfabrieken.  
        • Instellingen die zich inlaten met onderwijs, zieken- en bejaardenzorg.  
        • Inrichtingen geëxploiteerd door beschutte werkplaatsen.  
        • Autonome gemeentebedrijven.  

        Artikel 6.

        De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.  

        Artikel 7.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 8.

        De regels betreffende de invordering, de verwijlintresten en moratoire intresten, de vervolgingen, de voorrechten, de wettelijke hypotheek en de verjaring inzake rijksbelasting op de inkomsten zijn toepasselijk op deze gemeentebelasting.

      • Activeringsheffing op onbebouwde gronden in woongebied en onbebouwde kavels - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'activeringsheffing op onbebouwde gronden in woongebied en onbebouwde kavels' goed te keuren. 

        Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld.

        De bedragen en vrijstellingen werden aangepast.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Pachtwet van 4 november 1969.
        • Decreet houdende de Vlaamse Wooncode van 15 juli 1997.
        • Decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening.
        • Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Artikel 3.2.5 en volgende van het decreet grond- en pandenbeleid van 27 maart 2009.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 20 november 2023 houdende vestiging van de activeringsheffing op onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • In Hamme bestaat een activeringsheffing op onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels. Ze is verschuldigd door de persoon die op 1 januari van het heffingsjaar eigenaar is van de bouwgrond of kavel.
        • Onbebouwde bouwgronden en kavels zijn:
          • Elke grond waarop de oprichting van een woning niet is aangevat op 1 januari van het belastingjaar.
          • Alle kavels uit een niet vervallen verkaveling waarop de oprichting van een woning of industrieel gebouw niet werd aangevat overeenkomstig de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen en volgens de hoofdbestemming van de kavel.
        • Er wordt ingezet op de activering van de nog onbebouwde gronden en leegstaande gebouwen in de kernen. Eigenaars van braakliggende percelen en leegstaande gebouwen dienen te worden aangemoedigd om nieuw woonaanbod te creëren. Om inbreiding en verdichting in de kernen te stimuleren zal daarom onder andere de heffing op leegstaande gebouwen en braakliggende percelen worden opgetrokken.
        • De tarieven verhogen per jaar:
          • Het bedrag wordt vastgesteld op 1 EUR per vierkante meter (eerste jaar) oppervlakte van de bouwgrond of kavel, evenwel met een minimum aanslag van 500 EUR per bouwgrond of kavel.
          • Voor het tweede opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot 2 EUR per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van 1.000 EUR per bouwgrond of kavel.
          • Voor het derde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot 3 EUR per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van 1.500 EUR per bouwgrond of kavel.
          • Vanaf het vierde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot 4 EUR per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van 2.000 EUR per bouwgrond of kavel.
          • Vanaf het vijfde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot 5 EUR per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van 2.500 EUR per bouwgrond of kavel.
          • Het is wenselijk de aanslag te berekenen per vierkante meter in plaats van per meter straatbreedte.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 9 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 een activeringsheffing geheven op onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels.

        Artikel 2.

        Het bedrag wordt vastgesteld op € 1 per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, evenwel met een minimum aanslag van € 500 per bouwgrond of kavel.

        Voor het tweede opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot € 2 per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van € 1.000 per bouwgrond of kavel.

        Voor het derde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot € 3 per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van € 1.500 per bouwgrond of kavel.

        Vanaf het vierde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot € 4 per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van € 2.000 per bouwgrond of kavel.

        Vanaf het vijfde opeenvolgende aanslagjaar waarin de heffing wordt gevestigd op dezelfde bouwgrond of kavel, wordt de aanslagvoet verhoogd tot € 5 per vierkante meter oppervlakte van de bouwgrond of kavel, met een minimale aanslag van € 2.500 per bouwgrond of kavel.

        Artikel 3.

        De activeringsheffing is verschuldigd door de persoon die op 1 januari van het heffingsjaar eigenaar is van de bouwgrond of kavel. In geval van overdracht onder levenden, wordt de hoedanigheid van eigenaar beoordeeld op de datum van de authentieke akte tot vaststelling van de overdracht. Indien er een erfpacht of opstalrecht bestaat, is de heffing verschuldigd door de erfpachter of opstalhouder. In geval van mede-eigendom, zijn de niet-vrijgestelde mede-eigenaars hoofdelijk gehouden tot betaling van de verschuldigde activeringsheffing.

        Artikel 4.

        Als niet bebouwde bouwgrond wordt beschouwd elke grond waarop de oprichting van een voor bewoning bestemd gebouw niet is aangevat op 1 januari van het belastingsjaar.

        Als niet bebouwde kavels worden beschouwd: alle kavels, als zodanig vermeld in een niet vervallen verkavelingsvergunning, met uitzondering van deze waarop, op 1 januari van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, de oprichting van een voor bewoning of industrie bestemd gebouw reeds werd aangevat overeenkomstig de stedenbouwkundige hoofdbestemming van de kavel en overeenkomstig een uitvoerbare en niet vervallen omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen.

        Artikel 5.

        Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld:

        1. De eigenaars van één enkele onbebouwde bouwgrond in woongebied of onbebouwde kavel, bij uitsluiting van enig ander onroerend goed gelegen in België of het buitenland. Deze vrijstelling geldt slechts gedurende de 5 dienstjaren die volgen op de verwerving van het goed.                  
        2. De sociale woonorganisaties als vermeld in artikel 2 §1, eerste lid, 26°, van de Vlaamse Wooncode.
        3. De bouwheren of verkavelaars die optreden in uitvoering van een realisatieovereenkomst Sociaal Woonaanbod als vermeld in artikel 4.1.11, op voorwaarde dat het in artikel 4.1.13 vermelde attest wordt verkregen.
        4. De autonome gemeentebedrijven.

        Artikel 6.

        De activeringsheffing wordt niet geheven op bouwgronden en kavels die tijdens het heffingsjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:

        1. Ingevolge hun inrichting als collectieve voorzieningen, met inbegrip van hun aanhorigheden.
        2. Ingevolge de Pachtwet van 4 november 1969, waarbij het bewijs van de pacht door alle middelen rechtens mag worden geleverd.
        3. Ingevolge hun werkelijke en volledige aanwending voor land-of tuinbouw, gedurende het hele jaar.
        4. Ingevolge een bouwverbod of enige andere erfdienstbaarheid tot openbaar nut die woningbouw onmogelijk maakt.
        5. Ingevolge een vreemde oorzaak die de heffingsplichtige niet kan worden toegerekend, zoals de beperkte omvang van bouwgronden of kavels, of hun ligging, vorm of fysieke toestand.

        Artikel 7.

        De activeringsheffing wordt opgeschort in hoofde van de houders van een in laatste administratieve aanleg verleende verkavelingsvergunning, en dit gedurende één jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg, respectievelijk, wanneer de verkaveling werken omvat, vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar van afgifte van het in artikel 4.2.16, §2 VCRO vermelde attest, desgevallend voor die fase van de verkavelingsvergunning waarvoor het attest wordt verleend.

        Artikel 8.

        Enkel de vrijstellingen zoals bepaald in artikels 5, 6 en 7 van dit reglement worden toegepast.

        Artikel 9.

        De opname van de belastbare kavel of grond zal door de zorgen van het college van burgemeester en schepenen gebeuren, ingevolge aangifte te doen bij middel van een door het gemeentebestuur ter beschikking gesteld formulier dat door de belastingplichtige, behoorlijk ingevuld en ondertekend, voor 1 juni van het aanslagjaar moet worden ingestuurd.

        De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen voor 31 november van het aanslagjaar.

        Artikel 10.

        Bij gebrek aan aangifte binnen de gestelde termijn, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, kan de belasting ambtshalve ingekohierd worden.

        Overtredingen op de aangifteverplichting geven aanleiding tot volgende belastingverhogingen:

        • Eerste overtreding: ambtshalve gevestigde aanslag + 10 %.
        • Tweede overtreding binnen een periode van 3 jaar: ambtshalve gevestigde aanslag + 50 %.
        • Vanaf de derde overtreding binnen een periode van 5 jaar: ambtshalve gevestigde aanslag + 100 %.

        De overtredingen op de aangifteverplichting worden vastgesteld door de ambtenaren van het gemeentebestuur van Hamme, speciaal daartoe aangesteld door het college van burgemeester en schepenen. De vastgestelde overtredingen worden genoteerd in processen-verbaal die bewijskracht hebben tot het tegendeel.

        De belastingverhoging wordt ingekohierd, samen met het recht.

        Artikel 11.

        De heffing wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen. De belasting moet worden betaald binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

        Artikel 12.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        Artikel 13.

        De aan deze belasting onderworpen kavels kunnen niet aangeslagen worden in de belasting op de niet-bebouwde gronden, gelegen in het woongebied en palende aan een openbare uitgeruste weg.

      • Belasting op de tijdelijke privatisering van het openbaar domein bij het uitvoeren van bouwwerken, onderhouds- en instandhoudingswerken en andere werken die het innemen van het openbaar domein vereisen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid
        • Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement 'belasting op de tijdelijke privatisering van het openbaar domein bij het uitvoeren van bouwwerken, onderhouds- en instandhoudingswerken en andere werken die het innemen van het openbaar domein vereisen' goed te keuren. 
        • Aangezien dit belastingreglement jaarlijks werd gestemd door de gemeenteraad dient dit reglement vernieuwd te worden voor volgende aanslagjaren, zoals reeds vorig jaar werd meegedeeld. 
        • Het belastingreglement betreft het innemen van het openbaar domein is verouderd. Door het gunnen van 15 dagen gratis voor een inname die de aanvraagtermijn respecteert zien wij vaak dat dit standaard wordt ingegeven als duurtijd van de inname. Hierdoor krijgen wij vaak 'klachten' van buurtbewoners i.k.v. de toenemende parkeerdruk. Ook zien we bij omliggende gemeenten dat het retributiereglement betreft het innemen van het openbaar domein steeds meer kosten voor de aanvrager met zich meebrengt.

        Huidig reglement

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:  

        • Voor de eerste 15 kalenderdagen: vrijstelling.
        • Van de 16e tot de 45e kalenderdag: 3,00 euro/m²/15 kalenderdagen.
        • Vanaf de 46e kalenderdag: 6,00 euro/m² per periode van 15 kalenderdagen.  

        Bij innames zonder vergunning of een laattijdige aanvraag (< 3 werkdagen op voorhand), vervalt de vrijstelling van de eerste 15 kalenderdagen en wordt deze vrijstelling vervangen door een belasting van 9,00 euro per m². 

        Verlengingen of aanpassingen aan de reeds goedgekeurde dossiers gebeuren zonder bijkomende kosten. 

        Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd;  
        De belasting is ondeelbaar en steeds voor een ganse periode van 15 kalenderdagen verschuldigd. 

        Voorstel aanpassing 

        De belasting wordt vastgesteld als volgt: 

        • Voor de 1e kalenderdag: vrijstelling.
        • Per dag wordt er € 0,40 per m² aangerekend, met een minimum van € 60,00.
        • Voor aan laattijdige aanvraag wordt er een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van € 30.
        • Voor het afsluiten van een straat wordt een forfaitair bedrag aangerekend van € 100,00, deze geldt per dag en wordt niet vrijgesteld van een betaling bij een duurperiode van 1 kalenderdag.
        • Verder stellen wij voor om wegens praktische redenen de aanvraag termijn te verhogen naar 5 werkdagen.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Gemeenteraadsbesluit van 20 november 2024 betreffende de belasting op tijdelijke privatisering van het openbaar domein bij het uitvoeren van bouw- en/of afbraakwerken.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het belastingreglement betreft het innemen van het openbaar domein is verouderd. Door het gunnen van 15 dagen gratis voor een inname die de aanvraagtermijn respecteert zien wij vaak dat dit standaard wordt ingegeven als duurtijd van de inname. hierdoor krijgen wij vaak 'klachten' van buurtbewoners i.k.v. de toenemende parkeerdruk. Ook zien we bij omliggende gemeenten dat het retributiereglement betreft het innemen van het openbaar domein steeds meer kosten voor de aanvrager met zich meebrengt.
        • Huidig reglement
        • De belasting wordt vastgesteld als volgt:  
        • Voor de eerste 15 kalenderdagen: vrijstelling.
        • Van de 16e tot de 45e kalenderdag: 3,00 euro/m²/15 kalenderdagen.
        • Vanaf de 46e kalenderdag: 6,00 euro/m² per periode van 15 kalenderdagen.  
        • Bij innames zonder vergunning of een laattijdige aanvraag (< 3 werkdagen op voorhand), vervalt de vrijstelling van de eerste 15 kalenderdagen en wordt deze vrijstelling vervangen door een belasting van 9,00 euro per m². 
        • Verlengingen of aanpassingen aan de reeds goedgekeurde dossiers gebeuren zonder bijkomende kosten. 
        • Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd;  
        • De belasting is ondeelbaar en steeds voor een ganse periode van 15 kalenderdagen verschuldigd. 
        • Voorstel aanpassing 
        • De belasting wordt vastgesteld als volgt: 
        • Voor de 1e kalenderdag: vrijstelling.
        • Per dag wordt er € 0,40 per m² aangerekend, met een minimum van € 60,00.
        • Voor aan laattijdige aanvraag wordt er een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van € 30.
        • Voor het afsluiten van een straat wordt een forfaitair bedrag aangerekend van € 100,00, deze geldt per dag en wordt niet vrijgesteld van een betaling bij een duurperiode van 1 kalenderdag.
        • Verder stellen wij voor om wegens praktische redenen de aanvraag termijn te verhogen naar 5 werkdagen.
        • Raadslid Kurt Pieters, Vlaams Belang diende onderstaand amendement in. Aan raadslid Kurt Pieters wordt gevraagd om dit toe te lichten:
          • Voorstel van aanpassing artikel 4:
            De belasting wordt vastgesteld als volgt:
            • Voor de eerste 5 kalenderdagen: vrijstelling.
            • Vanaf de 6de kalenderdag: 0,40 euro/m², met een minimum van € 60,00.
            • Voor het afsluiten van een straat wordt een forfaitair bedrag aangerekend van € 100,00, deze geldt per dag en wordt niet vrijgesteld van een betaling bij een duurperiode van 1 kalenderdag. Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd.
        • De gemeenteraad gaat eerst over tot de stemming over het amendement.
        Eerste stemming over amendement van raadslid Kurt Pieters
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Tegenstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 12 stemmen voor, 15 stemmen tegen, 1 onthouding
        Tweede stemming over het geheel van voorliggend voorstel van besluit
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Gilles Verbeke
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Resultaat: Met 16 stemmen voor, 12 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad gaat over tot een eerste stemming over het amendement van raadslid Kurt Pieters:

        Met 12 stemmen voor (Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters), 15 stemmen tegen (Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq), 1 onthouding (Gilles Verbeke)

        Aldus is het amendement verworpen. 

        Art. 2.

        De gemeenteraad gaat over tot een tweede stemming over het gehele reglement:

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1.

        Er wordt voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de tijdelijke privatisering van het openbaar domein bij het uitvoeren van bouw–, verbouw- en /of afbraakwerken.

        Artikel 2.

        De belasting is verschuldigd voor:

        1° Het plaatsen van materiaal, materieel en voertuigen, die nodig zijn voor de uitvoering van de geplande werken. De oppervlakte die in aanmerking wordt genomen, is diegene van de rechthoek die rond het voorwerp of de groep voorwerpen, die de openbare weg innemen, kan getrokken worden.

        2° Het afsluiten of laten afsluiten van een deel van het openbaar domein.

        Artikel 3.

        §1. De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de machtiging tot inneming van het openbaar domein.

        §2. De aannemer van de werken, de eigenaar, de huurder, de bewoner, de bouwheer, de architect of alle andere personen die bij de privatisering betrokken partij zijn, zijn hoofdelijk gehouden tot het betalen van de belasting.

        Artikel 4.

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:

        • Voor de eerste kalenderdag: vrijstelling.
        • Vanaf de 2de kalenderdag: 0,40 euro/m², met een minimum van € 60,00.
        • Voor het afsluiten van een straat wordt een forfaitair bedrag aangerekend van € 100,00, deze geldt per dag en wordt niet vrijgesteld van een betaling bij een duurperiode van 1 kalenderdag.

        Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd;

        Artikel 5.

        Van de belasting zijn vrijgesteld de tijdelijke privatiseringen in opdracht van instellingen die ingevolge bijzondere wetten vrijgesteld zijn van alle gemeentelijke belastingen.

        Artikel 6.

        §1. De aanvraag tot inname van het openbaar domein dient online ingediend te worden via het e-loket binnen de hierna vermelde termijnen:

        • Innames met geen of beperkte impact op het verkeersverloop: minimum 5 werkdagen voorafgaand aan de inname van de openbare ruimte.

        In bovenstaande gevallen is enkel een beslissing van de gemachtigd ambtenaar nodig.

        • Elke andere inname: minimum 20 werkdagen voorafgaand aan de inname van de openbare ruimte.

        In deze laatste gevallen is een beslissing van het college van burgemeester en schepenen nodig.

        §2. Voor aan laattijdige aanvraag wordt er een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van € 30.

        §3. Naar aanleiding van deze aangifte wordt aan de belastingplichtige een vergunning afgeleverd voor de privatisering van het openbaar domein. Deze vergunning dient verplicht geafficheerd te worden op de plaats waar de inname van het openbaar domein gebeurt.

        §4. Deze aangifte geldt tevens als fiscale aangifte.

        Artikel 7.

        Bij innames zonder vergunning wordt een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van 30€ en wordt de belasting met 50% verhoogd.

        Artikel 8.

        Vooraleer de vergunning wordt afgeleverd is de belastingplichtige verplicht een bedrag gelijk aan de vermoedelijke belasting in bewaring te geven tegen afgifte van een ontvangstbewijs. Het in bewaring gegeven bedrag zal van ambtswege als een verworven contantbelasting worden geboekt en ten opzichte van de belastingplichtige met een kwitantie worden bevestigd nadat de inname is beëindigd. Betaalde bedragen zijn niet terugvorderbaar.

        Artikel 9.

        Wanneer de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting ingekohierd en is ze eisbaar overeenkomstig het decreet van 30 mei 2008, en latere wijzigingen, betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.

        Artikel 10.

        De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

        STEMMING:

        Met 16 stemmen voor (Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Gilles Verbeke), 12 stemmen tegen (Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters)

      • Retributiereglement op de begraafplaatsen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement op begraafplaatsen goed te keuren. 

        Op heden hebben wij 5 verschillende retributiereglementen met betrekking tot de begraafplaatsen. Deze worden samengevoegd in één retributiereglement op de begraafplaatsen.

        Deze samenvoeging bevordert de duidelijkheid en transparantie voor zowel de administratie als de betrokkenen.

        Hierbij werd de inhoud van de verschillende reglementen geactualiseerd.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur artikel 40§3 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
        • Gelet op het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, gewijzigd bij decreten van 28 mei 2010 en 17 februari 2012.
        • Gelet op het Decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
        • Gelet op de Omzendbrief KBBJ/ABB 2024/1 van 20 september 2024 betreffende de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en uitvoeringsbesluiten.
        • Gelet op het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen van 20/10/2025.
        • Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 20/11/2024, houdende het belastingreglement op de opgravingen.
        • Gelet op het retributiereglement van 18/12/2019 m.b.t. grondconcessies, columbaria en urnenvelden.
        • Gelet op het retributiereglement van 26/04/2023 m.b.t. het leveren en plaatsen van gedenkplaten op columbariumnissen en herdenkingszuilen.
        • Gelet op het retributiereglement van 22/10/2014 m.b.t. de kinderbegraafplaatsen, het leveren en plaatsen van vlinders in de vlinderboom en de naamplaatjes op de urnenpaddenstoel, gewijzigd door het retributiereglement van 25/02/2015 m.b.t. de kinderbegraafplaatsen, het leveren en plaatsen van vlinders in de vlinderboom en de naamplaatjes op de urnenpaddestoel.
        • Gelet op het retributiereglement van 16/12/2015 inzake het leveren en plaatsen van gedenkplaten op herdenkingszuilen na ontruiming.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Op heden hebben wij 5 verschillende retributiereglementen met betrekking tot de begraafplaatsen. Deze worden samengevoegd in één retributiereglement op de begraafplaatsen.
        • Deze samenvoeging bevordert de duidelijkheid en transparantie voor zowel de administratie als de betrokkenen.
        • Hierbij werd de inhoud van de verschillende reglementen geactualiseerd, met aandacht voor:
          • Het beheer en onderhoud van begraafplaatsen brengen voor een lokaal bestuur aanzienlijke kosten met zich mee. Inwoners van onze gemeente dragen bij in deze kosten door het betalen van gemeentelijke belastingen. Dit is echter niet het geval voor de niet-inwoners die in onze gemeente begraven worden.
          • Er wordt dan ook een retributie geheven op de begraving van niet-inwoners in volle grond, urnengraf of columbariumnis en voor uitstrooiing van een asurne, als bijdrage in het onderhoud van onze begraafplaatsen en de plaats die ingenomen wordt.
          • Als “niet-inwoners” wordt gedefinieerd: personen die minder dan 20 jaar van hun leven ingeschreven waren als inwoner van de gemeente
          • In bepaalde omstandigheden kan het nodig zijn een stoffelijk overschot of asurne te ontgraven. Het kan ook voorkomen dat nabestaanden om persoonlijke redenen de ontgraving vragen.
          • Bij een ontgraving komt heel wat administratie, inzet van personeel en technische benodigdheden kijken. Ook aan de hygiënische omstandigheden dient de nodige aandacht besteed te worden. Indien dit op vraag van een burger gebeurt, is het niet evident om al deze middelen te putten uit de algemene belasting en past het hiervoor aan de betrokken burger een tussenkomst te vragen.
          • Het retributiereglement voorziet in een gedifferentieerde tarifering, afgestemd op het type begraving of ontgraving. Zo is het tarief voor de begraving, bijzetting of ontgraving van een urn lager dan voor een begraving in volle grond of de ontgraving van een stoffelijk overschot.

        BESLUIT:

        De behandeling van voorliggend ontwerpbesluit van retributiereglement wordt uitgesteld tot een volgende raadszitting.

      • Retributiereglement voor het gemeentelijk openluchtzwembad - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement voor het gemeentelijk openluchtzwembad goed te keuren. 

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41.
        • Het decreet dd. 18 januari 2008 houdende flankerende en stimulerende maatregelen ter bevordering van de participatie in cultuur, jeugdwerk en sport.
        • Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten van 9 juli 2021.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de bestaande subsidies buitenschoolse opvang en de bijbehorende voorwaarden gedurende een overgangsperiode en tot wijziging van artikel 1, 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut (citeeropschrift: "Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021").
        • Het regiodecreet van 3 februari 2023, artikel 6.
        • De conceptnota decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) van 28 februari 2025.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2013 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra werd goedgekeurd.  
        • Het gemeenteraadsbesluit van 29 maart 2017 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van wijzigingen aan de tarieven van het gemeentelijk luchtzwembad, de huurprijzen sporthal Meulenbroek, etc. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging van een korter sportkamp van 3 dagen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 april 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging retributie reddersbijscholing en verminderingstarieven openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 22 mei 2019 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een total body workout in het openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 17 juni 2020 waar de prijzen voor het openluchtzwembad aangepast werden ten gevolgen van de coronabepalingen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 april 2022 waar de consumptieprijzen van de cafetaria van het openluchtzwembad werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 14 december 2022 waar de retributie voor de visserijen werd aangepast.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 mei 2023 waarbij de consumptieprijzen van de gemeentelijke sportcentra aangepast werden.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2023 waarbij aanpassingen ten gevolge van de hervorming van het kleutersportkamp werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waarbij een tariefwijziging voor de toegang tot het openluchtzwembad werd goedgekeurd.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waar de gemeenteraad een retributie occasionele activiteiten delegeert aan het college.  
        • De collegebeslissing van 10 november 2025 waarbij het college beslist om het retributiereglement gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen. 

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De gemeenteraad wordt gevraagd om de tarieven voor het gemeentelijk zwembad goed te keuren en tegelijk uitvoering te geven aan de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 10 november 2025 om het bestaande retributiereglement voor gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen.
        • Het huidige retributiereglement omvat diverse tarieven en afspraken voor uiteenlopende infrastructuren en activiteiten, wat leidt tot complexiteit en verminderde transparantie. Door deze opsplitsing ontstaat een duidelijk en afzonderlijk retributiereglement voor het gebruik van het openluchtzwembad, wat de rechtszekerheid en efficiëntie verhoogt.
        • De sportraad nam op de zitting van 4 december 2025 kennis van het nieuwe retributiereglement en gaat akkoord zonder verdere opmerkingen. 
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 9 stemmen tegen, 4 onthoudingen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1. Met ingang van 1 januari 2026 wordt ten behoeve van de gemeente Hamme een retributie geheven op het gebruik van gemeentelijk openluchtzwembad.

        Artikel 2. Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld als volgt:

        De tarieven voor het gemeentelijk zwembad worden opgesplitst volgens leeftijd, inwonerschap en verminderingstarieven: 

        Categorie 

        Inwoners 

        Niet-inwoners (60 %)  

        (% waarop nu het niet-inwonerstarief is berekend) 

        t.e.m. 5 jaar 

        Gratis 

        Gratis 

        6 – 15 jaar 

        € 3,50 

        € 6,50 

        +16 jaar 

        € 5,00 

        € 9,00 

        Verminderingstarief* 

        € 3,50 

        € 6,50 

         UITpas kansentarief -16 jaar 

        € 0,70 

        € 0,70 

         UITpas kansentarief +16 jaar 

        € 1,00 

        € 1,00 

        Groepen (min. 10 personen) 

        € 2,50 pp 

                           

        Zwembrevet 

        € 1,50 

        € 1,50 

        *leerkrachten, mindervaliden en houders EDC, 55-plussers, Hamse gezinnen (kinderen en ouders) met min 3 kinderen – op vertoon van attesten 

        Beurtenkaarten: 

        Kaarttype 

        Inwoners 

        Niet-inwoners (60%) 

        12 beurten -16 jaar 

        € 35,00 

        € 64,00 

        12 beurten +16 jaar 

        € 50,00 

        € 90,00 

        5 beurten Hamse gezinnen met min 3 kinderen 

        € 7,00 

        12 beurten +16 jaar verminderingstarief* 

        € 35,00 

        € 64,00 

        12 beurten  -16 jaar
        UITpas kansentarief 

        € 7,00 

        € 12,80 

        12 beurten  +16 jaar
        UITpas kansentarief 

        € 10,00 

        € 18,00 

        Seizoenkaart 

        € 85,00 

        € 155,00 

        *leerkrachten, mindervaliden en houders EDC, 55-plussers – op vertoon van attesten 

        Extra tarieven: 

        Gebruik 

        Tarief 

        Huur zwembad volledig seizoen door Hamse sportclub jeugd 

        € 910/jaar   

        (19 weken – 5 d/week - 2 u/dag = 190 u/jaar 

        => € 4,79/u klein bad + groot bad!) 

        aangepast volgens indexering: € 1 352 

        Huur zwembaan door Hamse sportclub  

        € 100 (huur) + € 80 (externe redder) = € 180/u 

        Huur zwembaan door sportclub buiten Hamme - jeugd 

        € 6/uur 

        aangepast volgens indexering: € 8,9-> € 9 

        Huur zwembaan door sportclub buiten Hamme - volwassenen 

        € 10/uur 

        aangepast volgens indexering: € 14,85 -> € 15 

        Huur volledig bad door sportclub buiten Hamme  

        € 160 (huur) + € 80 (externe redder) = € 240/u 

        Redderbijscholing 

        Kostprijs voor gemeentebestuur voor werknemers in het lopende seizoen 

        Niet werknemers: tarief RedFed 

        Huur volledig bad voor officiële wedstrijden 

        € 500/halve dag

        *zijn van toepassing buiten de openingsuren tijdens het zwembadseizoen en buiten het zwembadseizoen

        Artikel 3. Bovenvermelde prijzen zijn inclusief BTW.

        Artikel 4. Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 inzake de retributie op het gebruik van de gemeentelijke sportinfrastructuur, wordt opgeheven en vervangen door dit besluit. Ingeval van hoogdringendheid kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om prijzen/vrijstellingen/verminderingen vast te stellen of toe te staan. Deze beslissing dient nadien bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.

         

        Art. 2.

        Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de hogere overheid.

      • Retributiereglement gemeentelijke vrijetijdskampen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement voor gemeentelijke kampen goed te keuren, zodat de inschrijvingen en personeelsplanning tijdig kunnen opgestart worden voor de vakantieperiodes van 2026.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41.
        • Het decreet dd. 18 januari 2008 houdende flankerende en stimulerende maatregelen ter bevordering van de participatie in cultuur, jeugdwerk en sport.
        • Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten van 9 juli 2021.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de bestaande subsidies buitenschoolse opvang en de bijbehorende voorwaarden gedurende een overgangsperiode en tot wijziging van artikel 1, 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut (citeeropschrift: "Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021").
        • Het regiodecreet van 3 februari 2023, artikel 6.
        • De conceptnota decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) van 28 februari 2025.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2013 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra werd goedgekeurd.  
        • Het gemeenteraadsbesluit van 29 maart 2017 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van wijzigingen aan de tarieven van het gemeentelijk luchtzwembad, de huurprijzen sporthal Meulenbroek, etc. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging van een korter sportkamp van 3 dagen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 april 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging retributie reddersbijscholing en verminderingstarieven openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 22 mei 2019 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een total body workout in het openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 17 juni 2020 waar de prijzen voor het openluchtzwembad aangepast werden ten gevolgen van de coronabepalingen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 april 2022 waar de consumptieprijzen van de cafetaria van het openluchtzwembad werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 14 december 2022 waar de retributie voor de visserijen werd aangepast.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 mei 2023 waarbij de consumptieprijzen van de gemeentelijke sportcentra aangepast werden.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2023 waarbij aanpassingen ten gevolge van de hervorming van het kleutersportkamp werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waarbij een tariefwijziging voor de toegang tot het openluchtzwembad werd goedgekeurd.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waar de gemeenteraad een retributie occasionele activiteiten delegeert aan het college.  
        • De collegebeslissing van 10 november 2025 waarbij het college beslist om het retributiereglement gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 november 2025 waarbij de gemeenteraad het erkenningskader voor buitenschoolse opvang en activiteiten goedkeurt. 

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De gemeenteraad wordt gevraagd om de tarieven voor gemeentelijke kampen te actualiseren en tegelijk uitvoering te geven aan de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 10 november 2025 om het bestaande retributiereglement voor gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen.
        • Het huidige retributiereglement omvat diverse tarieven en afspraken voor uiteenlopende infrastructuren en activiteiten, wat leidt tot complexiteit en verminderde transparantie. Door deze opsplitsing ontstaat een duidelijk en afzonderlijk retributiereglement voor gemeentelijke kampen, wat de rechtszekerheid en efficiëntie verhoogt.
        • Wat de gemeentelijke kampen betreft, zijn de huidige tarieven jarenlang ongewijzigd gebleven en liggen ze niet langer in verhouding tot de werkelijke kosten en de kwaliteit die we willen aanbieden. Bovendien wil het bestuur inzetten op een hoger kwaliteitsniveau, conform de vereisten van categorie 3 van het erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA). Dit betekent onder meer dat alle animatoren op een uniforme manier vergoed worden als jobstudenten, in plaats van via een vrijwilligersvergoeding. Deze keuze verhoogt de personeelskost aanzienlijk, maar garandeert professionaliteit en continuïteit in de werking.
        • Ook inhoudelijk wordt het aanbod uitgebreid en verbeterd: meer gevarieerde activiteiten, betere infrastructuur en een pedagogisch onderbouwde aanpak. Om deze kwaliteitsverbetering te realiseren, is een tariefaanpassing noodzakelijk. De voorgestelde tarieven blijven marktconform en sluiten aan bij de gangbare prijzen in andere steden en gemeenten. Bovendien is het logisch om na jaren van stilstand een indexering door te voeren.
        • De verhoging van de tarieven is dus niet louter een financiële maatregel, maar een investering in kwaliteit, veiligheid en duurzaamheid van het aanbod. Het gemeentebestuur wil hiermee een duidelijk signaal geven: betaalbare, maar kwalitatieve kampen die voldoen aan de hedendaagse normen en verwachtingen.
        • Door deze aanpassing goed te keuren, kunnen de inschrijvingen en personeelsplanning tijdig opgestart worden voor de vakantieperiodes van 2026.
        • De sportraad nam op de zitting van 4 december 2025 kennis van het nieuwe retributiereglement en gaat akkoord zonder verdere opmerkingen. 
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Gilles Verbeke
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Resultaat: Met 16 stemmen voor, 9 stemmen tegen, 3 onthoudingen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1. Er wordt ten behoeve van de gemeente Hamme een retributie geheven voor de gemeentelijke sportkampen ingaand op 1 januari 2026.

        Artikel 2. De tarieven vast te stellen op:

          • Gemeentelijke vrijetijdskampen (omnisport, Fun, etc.): € 80/week of €16/week aan UiTPAS-kansentarief.
          • Ingekochte externe kampen: retributie te bepalen door college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 3. Bovenvermelde prijzen zijn inclusief BTW.

        Artikel 4. Annulering van een inschrijving voor gemeentelijke sportkampen is enkel mogelijk in geval van ziekte of overmacht:

          • Bij ziekte dient een geldig doktersattest te worden voorgelegd.
          • Het betreffende vrijetijdsteam behoudt het recht om te beoordelen wat wel of niet onder de noemer “overmacht” valt.

        Artikel 5. Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 inzake de retributie op het gebruik van de gemeentelijke sportinfrastructuur, wordt opgeheven en vervangen door dit besluit. Ingeval van hoogdringendheid kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om prijzen/vrijstellingen/verminderingen vast te stellen of toe te staan. Deze beslissing dient nadien bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.

        Art. 2.

        Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de hogere overheid.

      • Retributiereglement voor gemeentelijke visvijvers - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement voor gemeentelijke visvijvers goed te keuren. 

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41.
        • Het decreet dd. 18 januari 2008 houdende flankerende en stimulerende maatregelen ter bevordering van de participatie in cultuur, jeugdwerk en sport.
        • Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten van 9 juli 2021.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de bestaande subsidies buitenschoolse opvang en de bijbehorende voorwaarden gedurende een overgangsperiode en tot wijziging van artikel 1, 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut (citeeropschrift: "Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021").
        • Het regiodecreet van 3 februari 2023, artikel 6.
        • De conceptnota decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) van 28 februari 2025.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2013 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra werd goedgekeurd.  
        • Het gemeenteraadsbesluit van 29 maart 2017 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van wijzigingen aan de tarieven van het gemeentelijk luchtzwembad, de huurprijzen sporthal Meulenbroek, etc. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging van een korter sportkamp van 3 dagen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 april 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging retributie reddersbijscholing en verminderingstarieven openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 22 mei 2019 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een total body workout in het openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 17 juni 2020 waar de prijzen voor het openluchtzwembad aangepast werden ten gevolgen van de coronabepalingen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 april 2022 waar de consumptieprijzen van de cafetaria van het openluchtzwembad werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 14 december 2022 waar de retributie voor de visserijen werd aangepast.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 mei 2023 waarbij de consumptieprijzen van de gemeentelijke sportcentra aangepast werden.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2023 waarbij aanpassingen ten gevolge van de hervorming van het kleutersportkamp werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waarbij een tariefwijziging voor de toegang tot het openluchtzwembad werd goedgekeurd.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waar de gemeenteraad een retributie occasionele activiteiten delegeert aan het college.  
        • De collegebeslissing van 10 november 2025 waarbij het college beslist om het retributiereglement gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen. 

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De gemeenteraad wordt gevraagd om de tarieven voor gemeentelijke visvijvers goed te keuren en tegelijk uitvoering te geven aan de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 10 november 2025 om het bestaande retributiereglement voor gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen.
        • Het huidige retributiereglement omvat diverse tarieven en afspraken voor uiteenlopende infrastructuren en activiteiten, wat leidt tot complexiteit en verminderde transparantie. Door deze opsplitsing ontstaat een duidelijk en afzonderlijk retributiereglement voor gemeentelijke visvijvers, wat de rechtszekerheid en efficiëntie verhoogt.
        • De sportraad nam op de zitting van 4 december 2025 kennis van het nieuwe retributiereglement en gaat akkoord zonder verdere opmerkingen. 
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Resultaat: Met 19 stemmen voor, 9 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1. Met ingang van 1 januari 2026 wordt ten behoeve van de gemeente Hamme een retributie geheven op het gebruik van de gemeentelijke visvijvers.

        Artikel 2. Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld als volgt:

        De tarieven voor visvergunningen aan de Gespoelde Put en Meulenbroek zijn als volgt: 

        Type vergunning 

        Tarief (UIT-pas kansentarief) 

        Dagvergunning 

        € 10 (€ 2) 

        Dubbele jaarvergunning 

        € 50 (€ 10) 

        Betaling kan via: 

        • Cash 
        • Payconiq 
        • Aankopen via E2E (reservaties.hamme.be) 

        Artikel 3. Bovenvermelde prijzen zijn inclusief BTW.

        Artikel 4. Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 inzake de retributie op het gebruik van de gemeentelijke sportinfrastructuur, wordt opgeheven en vervangen door dit besluit. Ingeval van hoogdringendheid kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om prijzen/vrijstellingen/verminderingen vast te stellen of toe te staan. Deze beslissing dient nadien bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.

         

        Art. 2.

        Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de hogere overheid.

      • Retributiereglement voor gebruik zalen sporthal Meulenbroek - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement voor gebruik zalen sporthal Meulenbroek goed te keuren. 

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41.
        • Het decreet dd. 18 januari 2008 houdende flankerende en stimulerende maatregelen ter bevordering van de participatie in cultuur, jeugdwerk en sport.
        • Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten van 9 juli 2021.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de bestaande subsidies buitenschoolse opvang en de bijbehorende voorwaarden gedurende een overgangsperiode en tot wijziging van artikel 1, 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut (citeeropschrift: "Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021").
        • Het regiodecreet van 3 februari 2023, artikel 6.
        • De conceptnota decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) van 28 februari 2025.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2013 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra werd goedgekeurd.  
        • Het gemeenteraadsbesluit van 29 maart 2017 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van wijzigingen aan de tarieven van het gemeentelijk luchtzwembad, de huurprijzen sporthal Meulenbroek, etc. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging van een korter sportkamp van 3 dagen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 25 april 2018 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een toevoeging retributie reddersbijscholing en verminderingstarieven openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 22 mei 2019 waar het retributiereglement gemeentelijke sportcentra aangepast werd ten gevolge van een total body workout in het openluchtzwembad. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 17 juni 2020 waar de prijzen voor het openluchtzwembad aangepast werden ten gevolgen van de coronabepalingen. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 april 2022 waar de consumptieprijzen van de cafetaria van het openluchtzwembad werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 14 december 2022 waar de retributie voor de visserijen werd aangepast.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 mei 2023 waarbij de consumptieprijzen van de gemeentelijke sportcentra aangepast werden.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2023 waarbij aanpassingen ten gevolge van de hervorming van het kleutersportkamp werden goedgekeurd. 
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waarbij een tariefwijziging voor de toegang tot het openluchtzwembad werd goedgekeurd.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 waar de gemeenteraad een retributie occasionele activiteiten delegeert aan het college.  
        • De collegebeslissing van 10 november 2025 waarbij het college beslist om het retributiereglement gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen. 

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De sporthal Meulenbroek bestaat uit twee zalen: een groene en een blauwe zaal (HIM). De groene zaal kan opgedeeld worden in drie delen, de blauwe zaal in twee delen. Beide zalen hanteren voortaan identieke tarieven.
        • De gemeenteraad wordt gevraagd om het retributiereglement op het gebruik zalen sporthal Meulenbroek en tegelijk uitvoering te geven aan de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 10 november 2025 om het bestaande retributiereglement voor gemeentelijke sportcentra op te splitsen in afzonderlijke reglementen.
        • Het huidige retributiereglement omvat diverse tarieven en afspraken voor uiteenlopende infrastructuren en activiteiten, wat leidt tot complexiteit en verminderde transparantie. Door deze opsplitsing ontstaat een duidelijk en afzonderlijk retributiereglement voor gebruik zalen sporthal Meulenbroek, wat de rechtszekerheid en efficiëntie verhoogt.
        • De sportraad nam op de zitting van 4 december 2025 kennis van het nieuwe retributiereglement en gaat akkoord met het voorgestelde retributiereglement met in achtname van volgende opmerking. De stijging van de prijzen heeft als gevolg dat de kosten voor sommige clubs maal 4 tot maal 5 gaan. De sportraad vraagt dan ook de overweging voor een tegemoetkoming voor clubs die op zeer frequente basis (wekelijks of twee wekelijks) gebruik maken van de sporthal.
        • Het ontwerpreglement wordt ter zitting gecorrigeerd: Onder artikel 2 wordt de kolom m.b.t. UITPAS verwijderd, vermits het UITPAS-tarief hier niet van toepassing is.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 12 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1. Met ingang van 1 juli 2026 wordt ten behoeve van de gemeente Hamme een retributie geheven op het gebruik van de zalen van sporthal Meulenbroek.

        Artikel 2. Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld als volgt:

        De sporthal Meulenbroek bestaat uit twee zalen: een groene en een blauwe zaal (HIM). De groene zaal kan opgedeeld worden in drie delen, de blauwe zaal in twee delen. Beide zalen hanteren voortaan identieke tarieven. 

        ZAALCONFIGURATIE  

        TARIEF PER UUR    

        1/3 zaal  

        € 10 

        1/2 zaal 

        € 15 

        2/3 zaal 

        € 20 

        Volledige zaal 

        € 30 

        Spiegelzaal 

        € 10 

        Kleine zaal / vergaderruimte 

        € 10 

        *Prijzen zijn onderhevig aan indexering en zullen voortaan jaarlijks herbekeken worden. 

         Minimale verhuureenheid is 1/3 van de zaal en één uur. 

        • Annuleren tot 7 dagen op voorhand is kosteloos 
        • Aanvragen kunnen tot 3 dagen op voorhand 

        RESERVATIES

        Alle reservaties dienen te gebeuren via het reservatieplatform van de gemeente: https://reservaties.hamme.be/Home.aspx

        Artikel 3. Bovenvermelde prijzen zijn inclusief BTW.

        Artikel 4. Het gemeenteraadsbesluit van 24 april 2024 inzake de retributie op het gebruik van de gemeentelijke sportinfrastructuur, wordt opgeheven en vervangen door dit besluit vanaf 1 juli 2026. Ingeval van hoogdringendheid kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om prijzen/vrijstellingen/verminderingen vast te stellen of toe te staan. Deze beslissing dient nadien bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.

         

        Art. 2.

        Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de hogere overheid.

      • Belasting op gebruikte woningen zonder inschrijving in het bevolking- of vreemdelingenregister - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het belastingreglement op gebruikte woningen zonder inschrijving in het bevolking- of vreemdelingenregister goed te keuren. 

        Dit reglement komt in de plaats van het retributiereglement op tweede verblijven.  In hoofdzaak om plaats te geven aan alle panden die gebruikt worden voor een woonfunctie, maar om een bepaalde reden niet als hoofdverblijfplaats, en bijgevolg zonder een inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister.  Hieronder vallen de gekende recreatieverblijven waar geen domicilie is toegestaan.  Maar ook andere woningen, waar men wel een domicilie kan vestigen worden hier opgenomen indien ze niet tot hoofdverblijfplaats dienen.

        De hervorming van het reglement is nodig om beter af te stemmen op de huidige regelgeving betreffende stedenbouw en leegstand.  Het achterpoortje om een leegstaande woning als tweede verblijf te registreren en zo een veel lagere belasting te betalen wordt hiermee gesloten.

        De belasting wordt herleid naar 1 tarief voor de verblijven waar geen domicilie gevestigd kan worden en 1 tarief voor de panden waar dat wel mogelijk is.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 170 §4 van de Grondwet.
        • Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
        • Vlaamse Codex Wonen van 2021 artikels 2.9 tot 2.14.
        • Vlaamse Codex Wonen  van 2021 boek 3 betreffende de woningkwaliteit.
        • Gemeentelijk belastingreglement op tweede verblijven van 20/11/2024.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het is voor sommige woningen stedenbouwkundig niet toegestaan om als hoofdverblijfplaats te dienen en daardoor niet mogelijk is om zich op dat adres in te schrijven in het bevolkingsregister.
        • Het moet voor houder(s) van het zakelijk recht mogelijk zijn hun woning op verschillende tijdstippen te gebruiken, zonder dat daarvoor een inschrijving in het bevolkingsregister nodig is.
        • Het moet voor houder(s) van het zakelijk recht mogelijk moet zijn om hun woning op verschillende tijdstippen ter beschikking te stellen van derden, zonder dat daarvoor een inschrijving in het bevolkingsregister noodzakelijk is.
        • Overwegende de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht binnen het meerjarenplan te handhaven, is het gerechtvaardigd om een billijke tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, waarbij het lokaal bestuur het tarief voor de belasting gematigd wil houden.

        Voor dit reglement zijn volgende begripsomschrijvingen van toepassing:

        • Administratie: de administratieve eenheid van de gemeente.
        • Aanslagjaar: het jaar waarvoor de belasting verschuldigd is. Het aanslagjaar begint op 1 januari en eindigt op de daaropvolgende 31 december. Evenwel kan de voor een aanslagjaar verschuldigde belasting op geldige wijze gevestigd worden tot 30 juni van het daaropvolgende jaar.
        • Beveiligde zending: een aangetekende zending of een afgifte tegen ontvangstbewijs.
        • Woning: elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande waar om stedenbouwkundige redenen een inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is.
        • Leegstaande woning: Een woning wordt als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van ten minste twaalf opeenvolgende maanden niet aangewend wordt volgens de woonfunctie die blijkt uit een omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning die voor die woning is uitgereikt. Bij een woning waarvoor er geen vergunning of melding is, of waarvan de functie niet duidelijk blijkt uit een vergunning of melding, wordt de functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van de woning dat voorafging aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.
        • Gebruikte woning: een vergund of vergund geacht onroerend goed of een gedeelte daarvan dat hoofdzakelijk bestemd is voor huisvesting, maar dat niet als hoofdverblijfplaats van de eigenaar of huurder wordt gebruikt.  Het betreft elke vergunde of vergund geachte woning of appartement, inclusief grote of kleine weekendhuizen, optrekjes, chalets en andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van caravans die gelijkgesteld worden aan chalets.
          Er wordt een onderscheid gemaakt tussen gebruikte woningen waar om stedenbouwkundige redenen geen inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is of waar om stedenbouwkundige redenen wel een inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is. (vb. dagrecreatie).
          In beide gevallen moet de woning voldoen aan de onderstaande elementen, die als minimale maatstaven dienen om het gebruik van de woning aan te tonen. De bewijslast ligt bij de eigenaar.
          • Ze is vergund of vergund geacht.
          • Aanwezigheid van huisraad of inrichting.
          • Een minimaal jaarlijks elektriciteitsverbruik van minstens 400 kWh (met vrijstelling van dit minimaal verbruik bij aanwezigheid van zonnepanelen).
            • Voorzien zijn van een eigen waterwinning waarvoor een saneringsbijdrage wordt betaald en/of een jaarlijks waterverbruik dat voldoet aan één van de volgende minimale verbruiken:
            • 10 m³ leidingwater of 7 m³ leidingwater gecombineerd met hergebruik van regenwater, aangesloten op de leidingen in de woning. 
        • Voor woningen waarin een domicilie kan worden gevestigd en die ter beschikking staan voor tijdelijke huisvesting van personen (anders dan de eigenaar), geldt bovendien dat ze moeten voldoen aan de normen inzake woningkwaliteit zoals bepaald in de Vlaamse Codex Wonen.
        • Niet onder de toepassing van gebruikte woningen vallen: 
          • Tenten, verplaatsbare caravans of verplaatsbare woonwagens.
          • Vergunde vakantieverblijven die een erkenning van Toerisme Vlaanderen hebben.
          • Woningen die geregistreerd staan op het gemeentelijke register van leegstaande woningen.
          • Woningen die onvoldoende worden gebruikt en waarbij de minimale maatstaf niet wordt bereikt.
        • Belastbare woning: een woning waar op 1 januari niemand is ingeschreven in het bevolking- of vreemdelingenregister van de gemeente Hamme of waarvoor nog geen aanvraag tot inschrijving is ingediend én die effectief wordt gebruikt voor bewoning.
        • Zakelijk recht: de volle eigendom, het recht van opstal of van erfpacht, het vruchtgebruik.
        • De belastingplichtige: De gebruiker van de woning of de houder van het zakelijk recht degene de volgende rechten heeft; de volle eigendom, het recht van opstal of van erfpacht, het vruchtgebruik).
        • In 1997 werd voor het eerst een belasting op tweede verblijven ingevoerd in Hamme. In 2003 werd dat afgeschaft en vervangen door het reglement zoals het vandaag nog steeds bestaat. Het is dus aangewezen om het te vernieuwen en af te toetsen aan de inmiddels vaak gewijzigde regelgeving betreffende ruimtelijke ordening. Het onderscheid in belastingtarief, afhankelijk van de zonering op het gewestplan, had oorspronkelijk als doel om vakantieverblijven uit de woongebieden te weren, maar insinueert dat zonevreemde en/of niet-vergunde weekendverblijven (in welke vorm dan ook) toegelaten zouden zijn indien men de belasting betaalt. Naar aanleiding van lopend handhavingsplan vanuit departement Omgeving Vlaanderen, is het aangewezen dat komaf wordt gemaakt met het erkennen van niet-vergunde weekendverblijven in agrarisch, natuur- en bosgebied. Er wordt ook gekozen voor 1 forfaitair jaarlijks belastingtarief.
        • Omdat dit reglement ook vaak wordt misbruikt om geschrapt te worden van de inventaris van leegstaande woningen en zo te ontsnappen aan de veel hogere belasting op leegstand, stelt dit nieuwe reglement bepaalde voorwaarden opdat een pand zou worden erkend als een tweede verblijf. De bewijslast en aangifteplicht ligt bij de eigenaar. Onderzoek ter plaatse wordt mogelijk gemaakt om de nodige vaststellingen te doen.
        • Naast de klassieke tweede verblijven krijgen ook volwaardige woningen die voor huisvesting gebruikt worden zonder een inschrijving in het bevolkingsregister (en dus niet als hoofdverblijfplaats), een plaats op dit register. Dit zijn onder meer woningen waar tijdelijke arbeiders of seizoensarbeiders gehuisvest worden. Hier wordt bijkomend opgelegd dat ze aan de woningkwaliteitsnormen van de Vlaamse Codex Wonen moeten voldoen tot een gemeentelijke verordening rond woningkwaliteit werd opgemaakt (dit wordt bovenlokaal bekeken omdat hier een uniforme werking aangewezen is)
        • Voorliggend besluit werd in het kader van de intergemeentelijke samenwerking bovenlokaal afgetoetst en besproken.
        • De uitvoering zal vanaf het in voege gaan in 2026 digitaal gebeuren via een bijkomende module in het reeds beschikbare softwarepakket Neglect-X dat ook wordt gebruikt voor inventarisatie van leegstand en verwaarlozing.  Voor de uitbreiding werd budget voorzien in de MJP door team wonen en huisvesting. Team wonen en huisvesting zal ook instaan voor het beheer van de inventaris, waar dit tot heden door team financiën werd waargenomen. Dit omdat het nieuw reglement nauw samenhangt met leegstand en woningkwaliteit (tijdelijke arbeiders). Het financieel aspect zal een samenwerking blijven met team financiën, in analogie met leegstand en verwaarlozing.
        • Er wordt geopteerd om een onderscheid te maken tussen verblijven waar een domicilie kan gevestigd worden en verblijven waar dat niet toegelaten is.  Voor de verblijven waar domicilie mogelijk is en die ter beschikking staan voor tijdelijke huisvesting van derden geldt een bijkomende voorwaarde dat ze moeten voldoen aan de woningkwaliteitsnormen volgens de Vlaamse Codex Wonen.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
        Onthouders: Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 12 stemmen tegen, 1 onthouding

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:

        Artikel 1. Belastbaar feit:

        De gemeente Hamme heft voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een belasting op gebruikte woningen zonder inschrijving in het bevolkingsregister of vreemdelingenregister.

        Artikel 2. Berekeningsgrondslag en tarief:

        §1. De belasting is ineens en voor het hele jaar verschuldigd.

        §2. De belasting is verschuldigd voor elke gebruikte woning zonder inschrijving in het bevolking- en/of vreemdelingenregister en wordt vastgesteld op:

        € 500 voor een gebruikte woning waar om stedenbouwkundige redenen geen inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is.

        € 750 voor een gebruikte woning waar om stedenbouwkundige redenen wel inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is.

        De belasting blijft verschuldigd ongeacht of de gebruikte woning te koop wordt gesteld, ongeacht de duur van eventuele verhuring.

        §3. Als één van de zakelijke rechten in onverdeeldheid toebehoort aan meer dan één persoon zijn deze allen hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.  Dit betekent dat het volledige bedrag van de belasting bij één van hen kan worden opgeëist.

        Artikel 3. De aangifteplicht:

        §1. De belastingplichtige moet jaarlijks, ten laatste op 30 juni van het aanslagjaar, een aangifte indienen bij het lokaal bestuur op een door het lokaal bestuur aangeboden formulier of op een digitaal aanvraagformulier, voor zover dit laatste beschikbaar is. Deze aangifte dient aangevuld te worden met de nodige bewijsstukken, zoals omschreven in de begripsomschrijving gebruikte woning.

        §2. Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.

        §3. De administratie kan de belastingplichtige een "voorstel van aangifte" bezorgen. De belastingplichtige dient dit voorstel vervolgens, en ten laatste op 30 juni van het aanslagjaar, terug te sturen. Als de gegevens op dit voorstel onjuist, onvolledig zijn of niet overeenstemmen met de belastbare toestand op 1 januari van het aanslagjaar, moet de belastingplichtige het voorstel, ten laatste op 30 juni van het aanslagjaar, verbeterd en vervolledigd terugsturen. Het tijdig teruggezonden en gecorrigeerde of aangevulde voorstel van aangifte geldt in dat geval als aangifte.

        Artikel 4. Ambtshalve aanslag:

        §1. Bij gebrek aan aangifte binnen de in het reglement vastgestelde termijn of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte kan de belastingplichtige ambtshalve belast worden volgens de gegevens waarover de belastingadministratie beschikt.

        §2. Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, brengt het college van burgemeester en schepenen de belastingplichtige op de hoogte van de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        Artikel 5. Inning:

        §1. Het lokaal bestuur Hamme vestigt de belasting door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.

        Artikel 6. Bezwaar:

        §1. De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen. De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden moet dit uitdrukkelijk vragen in het bezwaarschrift.

        §2. De indiening en de behandeling van het bezwaar gebeurt volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

        §3. Het bezwaar kan via één van de volgende kanalen ingediend worden:

        • Per beveiligde zending, ter attentie van het college van burgemeester en schepenen.
        • Per afgifte tegen ontvangstbewijs, ter attentie van het college van burgemeester en schepenen.
      • Eredienst - Meerjarenplan 2026-2031 van diverse eredienstbesturen in Hamme en financiële afsprakennota met het Centraal Kerkbestuur (CKB Hamme) - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de afsprakennota tussen de gemeente en het Centraal Kerkbestuur (CKB Hamme) goed te keuren. Deze nota bevat de meerjarenplanning met de financiële afspraken tussen de gemeente Hamme en de betrokken kerkfabrieken voor de periode 2026-2031.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het Decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten;
        • Het Besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006 en van 27 juni 2008 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de besturen van de erkende erediensten en van de centrale besturen van de erkende erediensten.
        • Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 9°.
        • Het kerkenbeleidsplan goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 mei 2025.
        • De onderhandelingen tussen de gemeente en het centraal kerkbestuur. 

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Bespreekt de bij dit besluit gevoegde financiële afsprakennota tussen de gemeente Hamme en het Centraal Kerkbestuur Hamme.
        • Het overleg van 22 oktober 2025 met het centraal kerkbestuur resulteerde in een afsprakennota en een meerjarenplanning per eredienstbestuur.
        • Uit de meerjarenplannen volgen voor de gemeente prognoses over:
          • De maximale gemeentelijke exploitatietoelage voor de periode 2026-2031.
          • De voorziene investeringen in de eredienstgebouwen voor de periode 2026-2031.
          • De afsprakennota vermeldt verder de nodige afspraken omtrent het periodiek overleg tussen de gemeente en de eredienstbesturen, alsook de nodige afspraken voor investerings- en exploitatie-uitgaven en de tussenkomst van de gemeente daarin.


        Tabel met de exploitatietoelagen per kerkfabriek voor 2026-2031:

        Exploitatietoelage Budget 2026 Budget 2027 Budget 2028 Budget 2029 Budget 2030 Budget 2031 Totaal
        Sint-Pietersbanden 37.559 37.559 37.559 37.559 37.559 37.559 225.354
        Sint-Martinus Moerzeke 26.465 26.465 26.465 26.465 26.465 26.465 158.790
        Sint-Anna Hamme 9.122 9.422 9.722 8.277 5.518 0 42.061
        Heilig Hart Zouaaf 16.000 16.000 16.000 16.000 8.000 8.000 80.000
        O.L.-Vrouw HDV Zogge 11.035 11.035 11.035 8.277 5.518 0 46.900
        Sint-Jozef Kastel 8.390 6.195 5.765 5.845 5.803 0 31.998


        Tabel met de investeringstoelagen per kerkfabriek voor 2026-2031:

        Investeringstoelage Budget 2026 Budget 2027 Budget 2028 Budget 2029 Budget 2030 Budget 2031 Totaal
        Sint-Pietersbanden 3.264       400.000   403.264
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        Keurt de bij dit besluit gevoegde afsprakennota tussen de gemeente Hamme en het Centraal Kerkbestuur (CKB Hamme) goed.

        Art. 2.

        Keurt de hierin opgenomen gemeentelijke exploitatie- en investeringsuitgaven voor de periode 2026-2031 voor volgende eredienstbesturen goed:

        • Sint-Pietersbanden Hamme
        • Sint-Martinus Moerzeke
        • Sint-Anna Hamme
        • Heilig Hart Zouaaf Hamme
        • O.L.-Vrouw HDV Zogge
        • Sint-Jozef Kastel
      • Politiezone Hamme-Waasmunster – vaststelling dotatie 2026 – goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Vaststelling dotatie 2026 voor de Politiezone Hamme-Waasmunster.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Decreet over het lokaal bestuur, Artikel 40.
        • Artikel 71 van de wet van 7 december 1998 en latere wijzigingen tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus houdende het administratief toezicht op de besluiten van de gemeenteraad betreffende de begroting, de begrotingswijziging en de bijdragen aan de politiezone; dat wanneer de meergemeentezone niet over voldoende middelen beschikt om de uitgaven te dekken die voortkomen uit de vervulling van haar opdracht, het verschil wordt gedragen door de gemeenten die er deel van uitmaken.
        • Wet van 7 december 1998 en latere wijzigingen tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, in het bijzonder artikel 40, derde en zesde lid, dat bepaalt dat elke gemeenteraad van de politiezone stemt over de dotatie die aan het lokaal politiekorps moet worden toegekend en die aan de politiezone wordt gestort.
        • Koninklijk besluit van 7 april 2005 en latere wijzigingen houdende de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotatie in de schoot van een meergemeente politiezone.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • In de meergemeentezones wordt de begroting van het lokaal politiekorps door de politieraad goedgekeurd, overeenkomstig de door de Koning bij een in Ministerraad overlegd besluit, vastgestelde minimale begrotingsnormen.
        • In de meergemeentezones bepalen de verscheidene gemeenteraden, in onderling akkoord, het percentage van het aandeel van elke gemeente; indien de gemeenteraden niet tot een akkoord zouden komen wordt de gemeentelijke dotatie volgens een specifieke verdeelsleutel onder de gemeenten van de zone verdeeld.
        • De gemeentelijke dotatie die aan het lokaal politiekorps moet worden goedgekeurd door elke gemeenteraad.
        • Krachtens de wet is de gemeentelijke dotatie aan de politiezone gelijk aan het verschil tussen de totale geraamde uitgaven, ingeschreven in de politiebegroting, en de federale politiedotatie.
        • De gemeentelijke dotatie wordt maandelijks opgevraagd.
        • De verdeelsleutel, in consensus bepaald tussen de gemeente Hamme en Waasmunster, op 68,25 % voor de gemeente Hamme en 31,75 % voor de gemeente Waasmunster.
        • De gewone dotatie voor de gemeente Hamme bedraagt  € 4.952.630.
        • In het meerjarenplan is een dotatie opgenomen voor 2026 van € 4.952.630 op de jaarbudgetrekening 2026/0400-00/6494000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN/U/460.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeentelijke dotatie aan de politiezone Hamme-Waasmunster voor het jaar 2026 wordt vastgesteld op € 4.952.630.

      • Dotaties voor de Hulpverleningszone Oost - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Goedkeuring van de dotatie 2026 aan Hulpverleningszone OOST.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Decreet over het lokaal bestuur, Artikel 40 § 1-2.
        • Wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid, artikelen 67-68.
        • K.B. van 19 april 2014 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de hulpverleningszones.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De dotaties voor de Hulpverleningszone OOST worden jaarlijks vastgelegd door de raad op basis van een akkoord tussen de verschillende betrokken gemeenteraden.
        • Na de bespreking ervan tussen de betrokken gemeentebesturen werden de dotaties van de verschillende betrokken gemeentebesturen bepaald en goedgekeurd door de zoneraad op 19 juni 2025.
        • Het budget 2026 werd door de zoneraad goedgekeurd op 21 november 2025.
        • De goedkeuring van de dotatie door de respectievelijke gemeenten die deel uitmaken van de Hulpverleningszone Oost is vereist alvorens de zoneraad de begroting kan vaststellen.
        • De goedkeuring van de toezichthoudende overheid is vereist opdat de begroting van de hulpverleningszone uitvoerbaar zou zijn. Het bestuurlijk toezicht dient daarom een afschrift van de gemeenteraadsbesluiten betreffende de dotaties aan de zone te ontvangen om de begroting voor het dienstjaar 2026 definitief te kunnen goedkeuren. 
        • In het meerjarenplan is een dotatie voorzien in 2026 van € 700.490 op de jaarbudgetrekening 2026/GBB/0410-00/6494000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN/U/470 als werkingssubsidie, € 130.571 op de jaarbudgetrekening 2026/0410-00/6640000/GEMEENTE/CBS/IP-001 als investeringssubsidie en van € 42.557 op de jaarbudgetrekening 2026/GBB/0410-01/6496400/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN/U/470 voor de erkentelijkheidspremies.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        Goedkeuring wordt verleend aan de gemeentelijke dotatie voor 2026 ten bedrage € 913.618 voor de hulpverleningszone Oost, bestaande uit € 700.490 als werkingssubsidie, € 130.571 als investeringssubsidie en € 42.557 als dotatie voor de erkentelijkheidspremies.

      • Meerjarenplan 2026-2031 - vaststelling deel gemeente - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Vaststelling deel gemeente van het meerjarenplan 2026-2031.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder art. 77 en 78 4° dat bepaalt dat het vaststellen van de beleidsrapporten van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn niet kan worden toevertrouwd aan het vast bureau.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, zoals gewijzigd bij decreet van 21 december 2018, titel 4 in het bijzonder.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus, zoals gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 2018.
        • Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, zoals gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018.
        • De omzendbrief KBBJ/ABB/2025 van 18 juli 2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De lokale besturen dienen in 2025 hun beleids- en financiële planning op te maken voor de periode 2023-2031.
        • Het ontwerp van de strategische nota, de financiële nota en de toelichting van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De bespreking door het managementteam in zitting van 25 november 2025 van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De bespreking door het college van burgemeester en schepenen en het vast bureau in zitting van 1 december van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De toelichting van het meerjarenplan 2026-2031 in vergadering van de gezamenlijke raadscommissie van 8 december 2025.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Onthouders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 onthoudingen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        Het gedeelte van het meerjarenplan 2026-2031, met de beginkredieten voor 2026, dat betrekking heeft op de gemeente wordt vastgesteld.

      • Meerjarenplan 2026-2031 gemeente en OCMW - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Goedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031 voor de gemeente en het OCMW.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder art. 77 en 78 4° dat bepaalt dat het vaststellen van de beleidsrapporten van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn niet kan worden toevertrouwd aan het vast bureau.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, zoals gewijzigd bij decreet van 21 december 2018, titel 4 in het bijzonder.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus, zoals gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 2018.
        • Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, zoals gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018.
        • De omzendbrief KBBJ/ABB/2025 van 18 juli 2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De lokale besturen dienen in 2025 hun beleids- en financiële planning op te maken voor de periode 2023-2031.
        • Het ontwerp van de strategische nota, de financiële nota en de toelichting van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De bespreking door het managementteam in zitting van 25 november 2025 van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De bespreking door het college van burgemeester en schepenen en het vast bureau in zitting van 1 december van het meerjarenplan 2026-2031.
        • De vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 deel OCMW door de raad maatschappelijk welzijn van 15 december 2025.
        • De vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 deel gemeente door de gemeenteraad 15 december 2025.
        • De toelichting van het meerjarenplan 2026-2031 in vergadering van de gezamenlijke raadscommissie van 8 december 2025.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Onthouders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 onthoudingen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        Het meerjarenplan 2026-2031 gemeente en OCMW, met de beginkredieten voor 2026, wordt goedgekeurd.

    • VRIJE TIJD EN ONTWIKKELING

      • Reglement ter beschikking stellen van gemeentelijke infrastructuur aan verenigingen - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        De gemeenteraad wordt gevraagd het reglement “Ter beschikking stellen van gemeentelijke infrastructuur aan verenigingen” goed te keuren, samen met de bijhorende modelovereenkomst bruikleen en model huurovereenkomst. Deze documenten vormen het kader voor het afsluiten van duidelijke en uniforme afspraken met verenigingen die structureel gebruikmaken van gemeentelijke infrastructuur.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41.
        • Europese regelgeving inzake staatssteun (art. 107 VWEU): Lokale besturen moeten elke vorm van steun toetsen aan de staatssteuncriteria. Het gratis of voordelig ter beschikking stellen van infrastructuur kan als staatssteun worden beschouwd. Vanaf 2026 moeten alle vormen van steun geregistreerd worden in het centrale e-register (TAM).
        • Wet van 13 april 2019 tot invoering van het Nieuw Burgerlijk Wetboek:
          • Bruikleen: art. 7.340-7.346 NBW
          • Erfpacht: art. 3.167-3.176 NBW
          • Opstal: art. 3.177-3.188 NBW
        • Indexatie volgens gezondheidsindex en consumptieprijzen: conform Belgische regelgeving (Wet van 20 februari 1991 en KB van 24 december 1993), toegepast op huurprijzen en vergoedingen.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het lokaal bestuur Hamme wil zijn traditie van ondersteuning van verenigingen verderzetten en versterken. Naast financiële, logistieke en personele steun wil het bestuur ook inzetten op inhoudelijke ondersteuning, zoals vormingen, inspiratiesessies en uitwisselingsmomenten.
        • Om de noden van verenigingen beter te begrijpen, wordt een participatietraject opgestart. Dit traject zal input leveren voor de hervorming van subsidiereglementen en voor aanvullende ondersteuningsvormen.
        • Daarnaast is er nood aan duidelijke afspraken over het gebruik van gemeentelijke infrastructuur. In het verleden gebeurden veel afspraken mondeling, wat door personeelswissels tot onduidelijkheden heeft geleid. Een uniform en transparant kader is noodzakelijk om rechtszekerheid te bieden en duurzame samenwerking te garanderen.
        • Dit reglement en de bijhorende modelovereenkomsten:
          • Voorkomen misverstanden door uniforme afspraken en schriftelijke overeenkomsten;
          • Stimuleert duurzame relaties tussen het bestuur en verenigingen;
          • Bieden flexibiliteit via vier juridische opties, zodat elke vereniging een passende oplossing vindt.
        • Met dit kader zetten we een positieve stap naar een toekomst waarin verenigingen zich ondersteund en gewaardeerd voelen, en waarin gemeentelijke infrastructuur optimaal en verantwoord wordt gebruikt.
        • Het reglement voorziet vier juridische opties (bruikleen, huur, erfpacht, opstal) en legt duidelijke afspraken vast inzake duur, kosten, onderhoud, verzekeringen en gebruiksvoorwaarden. Als de gemeenteraad het reglement goedkeurt, dan kan de administratie vanaf 2026 in overleg gaan met de verschillende verenigingen en kan er samen gekeken worden welke optie het beste aansluit bij het gebruik en de noden.
        • Het lokaal bestuur werkt daarnaast ook aan een breder kader voor alle gebruikssituaties. Onderstaand overzicht toont de verschillende scenario’s en instrumenten:

         

        • Situatie gebouw/zaal/lokaal/terrein  Instrumenten  Huidig reglement van toepassing 
          Occasioneel verhuur mogelijk, geen vast gebruikers     
           
          Gebruiksreglement + retributiereglement      

          Nee

          Occasioneel verhuur mogelijk + vaste gebruikers

          Gebruikersreglement + retributiereglement + evt. voorrangsregels en/of andere tarieven voor  vaste gebruikers + evt. afsprakennota's voor afwijkingen

           Nee 
          Geen occasioneel verhuur, meerdere gebruikers

          Huur of bruikleenovereenkomst/gebruiker + evt. afsprakennota met alle gebruikers

           Ja
          Geen occasioneel verhuur, 1 vaste gebruiker   Huur - bruikleenovereenkomst, recht van erfpacht, recht van opstal  Ja

        BESLUIT:

        De behandeling van voorliggend ontwerpbesluit van retributiereglement wordt uitgesteld tot een volgende raadszitting.

      • Cultuur

        • Convenant Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters - verlenging en aanpassing - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Het convenant in zijn huidige vorm tussen het lokaal bestuur en het Archeologisch Museum Van Bogaert-Wauters (beheerd door VZW De Vrienden van de Durme en Scheldehoek) loopt ten einde op 31 december 2025. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aangepaste vorm van het convenant met 1 jaar te verlengen zodat de toekomstige erfgoedwerking kan verzekerd worden en de continuïteit van de samenwerking kan behouden blijven. 

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet van 28 januari 1974 betreffende het cultuurpact.
          • Het decreet van 6 juli 2012 betreffende het lokaal cultuurbeleid.
          • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          Het convenant in zijn huidige vorm (de werking van het museum en de ontsluiting ervan voor het publiek, in het bijzonder de inwoners van Hamme) tussen het gemeentebestuur en het Archeologisch Museum Van Bogaert-Wauters (beheerd door VZW De Vrienden van de Durme en Scheldehoek) loopt ten einde op 31 december 2025. 

          Om de werking en de ontsluiting van het archeologische erfgoed te blijven garanderen is het noodzakelijk om de bestaande convenant te verlengen en aan te passen naar de financiële keuzes in het nieuwe meerjarenplan. Deze verlenging waarborgt de continuïteit van de samenwerking.
          De focus in het convenant blijft om op termijn de collectie op een kwalitatieve en duurzame manier te ontsluiten voor een breed publiek.
          Door nu te kiezen voor verlenging en actualisering van de convenant, verzekeren we een stabiele overgang naar de toekomstige erfgoedwerking en vermijden we een onderbreking van hun werking (focus op verdere publieksontsluiting, herverpakken en inventariseren). 

          Er wordt voorgesteld om het convenant met één jaar in zijn aangepaste vorm te verlengen (van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026).
          Deze beperkte verlenging biedt de mogelijkheid om eind volgend jaar de stand van zaken in het dossier te evalueren en op basis daarvan te beslissen of een verdere verlenging of een inhoudelijke update van de convenant nodig is.

          • Het oorspronkelijke convenant tussen het lokaal bestuur en VZW De Vrienden van de Durme en Scheldehoek kwam in 2016 tot stand in onderling overleg met het college van burgemeester en schepenen. Dit convenant werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 23 november 2016 en liep af op 31 december 2019.
          • Het convenant, met de nodige aanpassingen, werd voor een eerste maal verlengd. Deze verlenging werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 18 december 2019 en liep van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2022.
          • Het convenant, met de nodige aanpassingen, werd voor een tweede maal verlengd. Deze verlenging werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 14 december 2022 en liep van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025. Het is deze convenant die ten einde loopt. 
          • Het convenant, met de nodige aanpassingen, wordt nu voorgelegd om voor een derde maal te verlengen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026
          • De verlenging en aanpassing van het convenant werd voorgelegd en goedgekeurd door het bestuur van de VZW De Vrienden van de Durme en Scheldehoek op 21 november 2025.
          • De verlenging en aanpassing van het convenant werd tevens positief geadviseerd door de Cultuurraad op 18 november 2025.
          • Het college keurde de verlenging en de aanpassing van het convenant goed op 1 december 2025.
          • Het wordt nu ter goedkeuring en bekrachtiging voorgelegd aan de gemeenteraad. 

          Deze wijzigingen worden voorgesteld:

          Oude tekst

          Aanpassing nieuwe tekst 

          Hoofding: Convenant met Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters 2023 – 2025

          Hoofding: Convenant met Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters 2026
          • Aangezien de verlenging maar over 1 jaar gaat wordt deze aangepast in de titel.

          Het Gemeentelijk Meerjarig Beleidsplan 2020 - 2025 stelt o.a.: “We vinden het Viking museum een waardevol privaat initiatief. Het gemeentebestuur wil met de initiatiefnemers nagaan hoe de toekomst van het museum verzekerd kan worden, onder meer wat een mogelijke toekomstige locatie betreft.”

          Met andere woorden: de gemeente Hamme wenst in dit kader een belangrijke partner te zijn in de ondersteuning en de uitbouw van het erfgoedcentrum en samen met de museumbeheerder, de vzw De Vrienden van Durme- en Scheldehoek een toekomstvisie uitwerken. Deze convenant vloeit hieruit voort.

          Het gemeentebestuur van Hamme wenst de bestaande samenwerking met het Archeologisch Museum van Bogaert-Wauters, beheerd door vzw De Vrienden van Durme- en Scheldehoek, te verlengen voor een periode van één jaar. Deze tijdelijke verlenging is noodzakelijk aangezien het convenant afloopt op 31 december 2025. Inhoudelijk blijft de samenwerking ongewijzigd, met uitzondering van een aangepaste budgettaire invulling zoals voorzien in het nieuwe gemeentelijk meerjarenplan 2026-2031.

          Deze overeenkomst bouwt verder op het engagement dat werd opgenomen in het gemeentelijk meerjarenplan 2020–2025, waarin het Vikingmuseum werd erkend als een waardevol privaat initiatief en het gemeentebestuur zich engageerde om samen met de initiatiefnemers een toekomstvisie uit te werken voor het museum en het bredere erfgoedcentrum.

          Ook in het huidige bestuursakkoord blijft het roerend erfgoed een belangrijk aandachtspunt: “ Daarnaast zetten we verder in op de ontwikkeling van een belevings- en erfgoedcentrum in de voormalige bibliotheek. Ons gemeentearchief en ons gemeentelijk kunstpatrimonium vinden er een plaats. We geven daar ook ruimte voor onze lokale kunstenaars en kunstverenigingen om hun creatief meesterschap hier tentoon te stellen. Ook het roerend erfgoed in Hamme blijft voor het bestuur een belangrijk aandachtspunt. De inventarisatie en het beheer van het gemeentelijk kunstpatrimonium wordt verder afgewerkt.”

          Met deze verlenging bevestigt het gemeentebestuur haar blijvende waardering voor het archeologisch museum en haar bereidheid om de samenwerking op een constructieve manier verder te zetten binnen het bredere erfgoedbeleid van de gemeente.

          • Door de aanstelling van het nieuwe bestuur, het schrijven van een nieuw bestuursakkoord en hierop aanvullend een nieuw gemeentelijk meerjarenplan, was het noodzakelijk om de situering van het convenant te vernieuwen en aan te passen. 

          Artikel 1: de partijen.
          De gemeente Hamme wordt vertegenwoordigd door Herman Vijt , burgemeester en André Reuse, algemeen directeur.

          Artikel 1: De partijen.
          De gemeente Hamme wordt vertegenwoordigd door Lotte Peeters, burgemeester en André Reuse, algemeen directeur.

          • Dit is een administratieve aanpassing. 

          Artikel 3: de duur van de overeenkomst
          De duur van deze convenant loopt van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025. Het convenant kan door het gemeentebestuur verlengd worden met telkens een periode van drie jaar.

          Artikel 3: de duur van de overeenkomst
          De duur van deze convenant loopt van 1 januari 2026 tot en met 31 januari 2026. Het convenant kan door het gemeentebestuur verlengd worden met telkens een periode van één jaar.

          • Ook dit is een noodzakelijke aanpassing doordat de duur van de overeenkomst wijzigt en de verlenging telkens slechts met één jaar kan verlengd worden in zijn nieuwe vorm.

          Artikel 4: Doelstellingen en afspraken vanwege de museumbeheerder

          • in de tussenfase, tot de opening van het erfgoedcentrum, zal de museumbeheerder projectmatig werken en ligt de focus op depotwerking.

          Artikel 4: Doelstellingen en afspraken vanwege de museumbeheerder

          • in de tussenfase, tot de opening van het erfgoedcentrum, zal de museumbeheerder projectmatig werken en ligt de focus op depotwerking (o.a. trajectbegeleiding op vlak van behoud en beheer, het digitaliseren van de inventarisatie, het correct verpakken van de museumstukken, het ontsluiten van de collectie via een digitale databank,…) en het uitwerken van fysieke tentoonstellingen.

            • De elementen die bij dit deeltje er werden aan toegevoegd komen uit artikel 5. Voordien werd het museum hier extra op gehonoreerd indien zij hier een extra inspanning voor deden. Na overleg met hun bestuur werd er beslist om deze inhoud te verplaatsen naar hun vaste basisfuncties. Dit omdat zij als organisatie in 2026 hier verder op willen inzetten en dit werk nog niet is afgerond. Zij vinden dit ook meer onderdeel worden van hun organisatie en zitten hier niet langer meer in een opstartfase. 

          Artikel 5: engagement vanwege de gemeente Hamme

          De gemeente Hamme voorziet jaarlijks in een vast subsidiebedrag van €5.000,00 voor de uitvoering van de in deze tekst vastgelegde opdracht.

          Artikel 5: engagement vanwege de gemeente Hamme

          De gemeente Hamme voorziet jaarlijks in een vast subsidiebedrag van € 5.000,00 voor de uitvoering van de in deze tekst vastgelegde opdracht.

          • Dit is een financiële keuze vanuit het bestuur om het subsidiebedrag naar € 5.000,00 te brengen. 

          Artikel 5: engagement vanwege de gemeente Hamme

          Daarnaast voorziet de gemeente in een bijkomende subsidie van €1.500,00 onder de voorwaarde dat het museum aantoont via het jaarverslag dat het een duurzaamheidsbeleid voert. Dit duurzaamheidsbeleid legt de focus op een trajectbegeleiding op vlak van behoud en beheer, het digitaliseren van de inventarisatie, het correct verpakken van de museumstukken en tot slot het ontsluiten van de collectie via een digitale databank.

          Deze alinea is verdwenen uit het convenant. Een deel van het artikel werd verwerkt onder de basisfuncties van het museum. 

          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters
          Onthouders: Gilles Verbeke
          Resultaat: Met 27 stemmen voor, 1 onthouding

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          De gemeenteraad keurt de verlenging van het Convenant met Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters met één jaar (1 januari 2026 tot en met 31 december 2026) goed, zoals hieronder beschreven.

          Situering:

          Het gemeentebestuur van Hamme wenst de bestaande samenwerking met het Archeologisch Museum van Bogaert-Wauters, beheerd door vzw De Vrienden van Durme- en Scheldehoek, te verlengen voor een periode van één jaar. Deze tijdelijke verlenging is noodzakelijk aangezien de convenant afloopt op 31 december 2025.

          Inhoudelijk blijft de samenwerking ongewijzigd, met uitzondering van een aangepaste budgettaire invulling zoals voorzien in het nieuwe gemeentelijk meerjarenplan 2026-2031.

          Deze overeenkomst bouwt verder op het engagement dat werd opgenomen in het gemeentelijk meerjarenplan 2020–2025, waarin het Vikingmuseum werd erkend als een waardevol privaat initiatief en het gemeentebestuur zich engageerde om samen met de initiatiefnemers een toekomstvisie uit te werken voor het museum en het bredere erfgoedcentrum.

          Ook in het huidige bestuursakkoord blijft het roerend erfgoed een belangrijk aandachtspunt: “ Daarnaast zetten we verder in op de ontwikkeling van een belevings- en erfgoedcentrum in de voormalige bibliotheek. Ons gemeentearchief en ons gemeentelijk kunstpatrimonium vinden er een plaats. We geven daar ook ruimte voor onze lokale kunstenaars en kunstverenigingen om hun creatief meesterschap hier tentoon te stellen. Ook het roerend erfgoed in Hamme blijft voor het bestuur een belangrijk aandachtspunt. De inventarisatie en het beheer van het gemeentelijk kunstpatrimonium wordt verder afgewerkt.”

          Met deze verlenging bevestigt het gemeentebestuur haar blijvende waardering voor het archeologisch museum en haar bereidheid om de samenwerking op een constructieve manier verder te zetten binnen het bredere erfgoedbeleid van de gemeente.

          Artikel 1. Partijen:

          Deze convenant wordt afgesloten tussen gemeentebestuur Hamme en de vzw De Vrienden van Durme- en Scheldehoek – verder ook genoemd: de museum­beheerder – met betrekking tot het ‘Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters’.

          • De gemeente Hamme wordt vertegenwoordigd door Lotte Peeters, burgemeester en André Reuse, algemeen directeur.
          • De museumbeheerder, de vzw De Vrienden van Durme- en Scheldehoek’, gevestigd te Sint-Jansstraat 27, 9220 Hamme wordt vertegenwoordigd door de Freddy Huylenbroek, voorzitter en André Van Bossche, conservator.

          Artikel 2. Opdracht:

          Deze convenant wordt afgesloten met als doel de samenwerking tussen de gemeente en het Archeologisch Museum Van Bogaert - Wauters te versterken met het oog op toenemende integratie in het lokale cultuurbeleid, het inter­gemeentelijke en regionale cultureel erfgoedbeleid en het lokale en regionale toerismebeleid.

          Hiertoe wordt de museumfunctie verder uitge­bouwd en zal deze nauwer aansluiten bij de werking en de beleidsvisie van het gemeente­bestuur, de intergemeen­telijke Erfgoed­cel Land van Dendermonde en het lokale en regionale toerismebeleid en – voor zover van toepassing – het provincie­bestuur. Het gemeentebestuur wil zo het Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters kansen bieden en het structureel mee verankeren binnen het lokale en regionale toerisme- en cultureel erfgoedbeleid.

          De gemeente Hamme biedt een ondersteunend kader (financieel, promo­tio­neel, logis­tiek) waarin de museumbeheerder volgens het gemeenteraadsbesluit betreffende de bruikleenovereenkomst automatisch instapt. Dit kader kan in samen­spraak met de andere partners uitgebreid of aangepast worden. Tegenover dit enga­ge­ment staan niet uitsluitend normatieve voorschriften maar ook inhoudelijke doelstellingen die zullen aansluiten bij de visie van het erfgoedcentrum. Deze dienen nagestreefd te worden net zoals de visie van het erfgoedcentrum.

          Deze convenant geldt voor de inhoudelijke werking van het museum en heeft slechts betrekking op de museuminfrastructuur voor zover dit in het belang is voor de museum­werking.

          Artikel 3. Duur van de overeenkomst:

          De duur van deze convenant loopt van 1 januari 2026 tot en met 31 januari 2026. Het convenant kan door het gemeentebestuur verlengd worden met telkens een periode van één jaar. Vóór het einde van die periode wordt het convenant geëvalueerd. Deze convenant kan op elk moment in onderling akkoord worden bijgestuurd of door één van beide partijen worden stopgezet, mits een grondige motivering voor deze stopzetting en een opzeggingsperiode van minstens drie maand.

          Artikel 4. Doelstellingen en afspraken vanwege de museumbeheerder:

          Door het sluiten van deze convenant verbindt de museum­beheerder zich gedurende de looptijd van het convenant volgende doelstellingen na te streven:

          • de vereniging tracht binnen zijn mogelijkheden tegemoet te komen aan de vier basisfuncties van een museum (verzamelen, behoud en beheer, onderzoek en publieksgerichte functie);
          • via een doordachte communicatiestrategie wordt een uitgebreid en divers publiek over de brede museumwerking geïnformeerd, met klemtonen op het creëren van een lokaal draagvlak en de bovenlokale uitstraling van de museumwerking;
          • er wordt door de vereniging samengewerkt met andere erfgoedpartners op lokaal en intergemeentelijk niveau en er wordt deelgenomen aan bovenlokale initiatieven;
          • de vereniging werkt samen met gemeente Hamme een toekomstvisie uit omtrent het erfgoedcentrum, vast­ge­legd in een meerjarig beleidsplan en een jaarlijks actieplan.

          Met betrekking tot de basisfuncties (onderzoek, behoud, beheer en publieks­ontsluiting) engageert de museumbeheerder zich tot de volgende afspraken:

          • het uitwerken van contacten met nationale en internationale oudheidkundige en / of onderzoeksinstellingen en in deze context mogelijk (gesubsidieerde) projecten opzetten;
          • de wetenschappelijke onderbouw met inbegrip van studie- en documenta­tie­materiaal, restauratietechnieken en conservering;
          • in de tussenfase, tot de opening van het erfgoedcentrum, zal de museumbeheerder projectmatig werken en ligt de focus op depotwerking (o.a. trajectbegeleiding op vlak van behoud en beheer, het digitaliseren van de inventarisatie, het correct verpakken van de museumstukken, het ontsluiten van de collectie via een digitale databank,…) en het uitwerken van fysieke tentoonstellingen.
          • het opzetten van sensibiliseringscampagnes ter bevordering en uitstraling van de collectie en het bewerkstelligen van de ruimte als ontmoetings-, informatie- en discussieplatform voor oudheidkunde, kunst en cultuur.

          Ook de volgende afspraken worden hieronder begrepen:

          • Aan de gemeente wordt advies gevraagd met betrekking tot de organisatie inzake behoud en beheer. Dit conform de regels opgelegd in de bruikleenovereenkomst.
          • Er worden voornamelijk aan archeologisch erfgoed gerelateerde publieks­activi­tei­ten uitgewerkt en de vereniging verleent haar medewerking aan initiatieven op dit vlak.
          • Team cultuur en roerend erfgoed en de schepen van erfgoed en cultuur ontvangen de uitnodigingen en versla­gen van de bestuursvergadering en kunnen de vergaderingen altijd bijwonen. Ze zetelen hierbij als waar­nemer in de algemene vergadering, waardoor ze van stemming worden uitgesloten.
          • De museumbeheerder stelt de inwoners van Hamme en de leerlingen die in Hamme school lopen en in klasverband het museum bezoeken, vrij van toegangsgeld, uitgezonderd bij geleide bezoeken die steeds betalend blijven.
          • De museumbeheerder kan lid worden van een advies­raad maar kan geen verdere aanspraak maken op gemeentelijke subsidies verbonden aan dit lidmaatschap. De beheerder wordt ook uitgesloten van gemeentelijke projectsubsidies cultuur. Het staat de beheerder echter vrij om andere financieringsbronnen via subsidiëring of sponsoring te zoeken.
          • De museumbeheerder kiest zelf een geschikte locatie voor het uitvoeren van de opdracht, is zelf verantwoordelijk voor de logistieke organisatie van de evenemen­ten en draagt de volle verantwoorde­lijkheid m.b.t. veiligheid van het publiek bij het organiseren van de eigen evene­men­ten. De museumbeheerder zorgt bij evene­men­ten met mogelijke overlast voor een bewonersbrief die hij zelf verspreidt.


          Artikel 5. Engagement vanwege de gemeente Hamme:

          • De gemeente Hamme voorziet jaarlijks in een vast subsidiebedrag van €5.000,00  voor de uitvoering van de in deze tekst vastgelegde opdracht.
          • Dit jaarlijkse budget dient aan de globale museumwerking te worden besteed.
          • De museumbeheerder kan evenwel een beroep doen op de gemeentelijke uitleen­dienst voor logistieke steun onder de gebruikelijke voorwaarden.
          • De gemeente Hamme neemt de evenementen van het Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters mee op in haar communicatie.


          Artikel 6. Verantwoording vanwege de museumbeheerder:

          Deze doelstellingen worden opgevolgd door het indienen van een jaaractieplan en een jaarverslag. Deze verantwoordingsstukken dienen respectievelijk vóór 31 januari van het nieuwe jaar ingediend te worden.

          Het jaaractieplan omvat een omschrijving van de geplande erfgoedactiviteiten (deelna­me aan erfgoedprojecten of -evenementen, de organisatie van ten­toon­stellingen, acties m.b.t. de museumcollectie, het opzetten van netwerking en samenwerkingsinitiatieven, enz.), welke acties rond publieksbereik en publieks­werving worden genomen, een sluitende jaarbegroting en een communicatie­plan.

          In het meerjarig beleidsplan wordt de koers die het Archeologisch Museum de volgende jaren wil varen uitgebreid omschreven en vastgelegd in doelstellingen en acties die realistisch en meet­baar zijn. Dit plan wordt tegelijk met het afsluiten – of de aanvraag tot verlengen – van het convenant ingediend.

          In een tweede luik volgt een duidelijke raming van de financiële middelen die voor het behalen van de beoogde doelstellingen zullen worden ingezet. De museumbeheerder wordt hierbij aangemoedigd om nog andere financieringsbronnen te zoeken. In geval van subsidiëring of sponsoring dient dit duidelijk te worden aangegeven in de boekhouding.

          In het jaarverslag volgt telkens de evaluatie van dit alles. Dit kan ook aanleiding geven tot het actualiseren van het meerjarig beleidsplan. Aanpassingen van de doel­stellingen in het meerjarig beleidsplan worden grondig gemotiveerd.

          Artikel 7. Evaluatie:

          Het jaarverslag en de bijkomende verantwoordingsstukken worden voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen. Team cultuur en roerend erfgoed vraagt hier­bij de nodige adviezen over de verslaggeving bij de diensten op. De resultaten die hieruit voortvloeien m.b.t. deze convenant worden door beide partijen geëvalueerd. Op basis hiervan kunnen de gemaakte afspraken uit het convenant worden aangepast. Indien nodig kan op gelijk welk moment door één van beide partijen om een opvolgingsgesprek worden gevraagd.

          Artikel 8. Communicatie:

          Het Archeologisch Museum Van Bogaert – Wauters zal in zijn promotie van activiteiten en in zijn externe communicatie steeds duidelijk het gemeentelogo vermelden. Het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraadsleden en de betrokken diensten zullen tevens voor deze activiteiten worden uitgenodigd.

           

          Art. 2.

          Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de VZW De Vrienden van de Durme en Scheldehoek.

      • Jeugd

        • Kinderraad - aanpassing huishoudelijk reglement - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Met de recente start van de nieuwe legislatuur en de start van een een nieuw werkjaar gelijklopend met de schooljaren (2025-2026) dient de gemeenteraad het huishoudelijk reglement van de kinderraad goed te keuren aangezien dit een adviesraad betreft.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
          • het Jeugddecreet van 23 november 2023, meer bepaald artikel 48, §4 dat stelt dat de gemeenteraad kan overgaan tot het nemen van initiatieven om de inspraak van kinderen en jongeren te bevorderen.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          Voorliggend reglement heeft enkele kleine inhoudelijke aanpassingen:

          • Maximum aantal leden per school is beperkt om te vermijden dat er een concentratie is van bepaalde leden uit een bepaalde school of scholengroep en om het aantal leden te beperken in het kader van de werkbaarheid.
          • Beslotenheid van stemmen is versterkt om het risico op beïnvloeding van volwassenen in de publiek toegankelijke zitting te verminderen.
          • Taalgebruik is aangepast aan kinderen (10-12 jaar) om het begrip van het huishoudelijk reglement bij de leden te verbeteren.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Enig artikel.

          De gemeenteraad keurt onderstaand reglement goed:

          REGLEMENT KINDERRAAD

           

          Artikel 1: Wat is de kinderraad?

          De kinderraad is een groep kinderen die mee mag nadenken over dingen die belangrijk zijn voor kinderen in de gemeente Hamme. We geven advies aan de gemeente en mogen ook zelf leuke ideeën en projecten bedenken.

          Artikel 2: Wie zit er in de kinderraad?

          De kinderraad bestaat uit kinderen van het 5de en 6de leerjaar van alle basisscholen in de gemeente Hamme:

          • Elke school mag maximaal 4 kinderen sturen.
          • Er mag maar 1 kind per klas komen.
          • Er moet altijd minstens één kind uit het 5de leerjaar en één uit het 6de leerjaar bij zijn.
          • De vergaderingen worden geleid door iemand van Team jeugd van de gemeente Hamme.

          Artikel 3: Wanneer vergaderen we?

          We komen minstens om de twee maanden samen.

          • Niet tijdens schoolvakanties of op vrije dagen.
          • De vergaderingen zijn altijd op woensdag van 13.30 uur tot 15.00 uur.

          Artikel 4: Waar vergaderen we?

          Meestal vergaderen we in JC Den Appel. Soms kan het ook in de raadzaal van het gemeentehuis doorgaan.

          Artikel 5: Uitnodigingen:

          Je krijgt een uitnodiging en een lijst met onderwerpen minstens 5 dagen voor de vergadering.

          Artikel 6: Wat staat er op de agenda?

          Heb je een idee of een vraag? Geef het door aan Team jeugd. Zij zetten het op de agenda voor de volgende vergadering.

          Artikel 7: Hoe stemmen we?

          Als we moeten kiezen, doen we dat meestal door onze handen omhoog te steken:

          • De meeste stemmen winnen.
          • Als veel kinderen dat willen, stemmen we geheim (niemand ziet wat je kiest).
          • Bij verkiezingen voor een functie of persoon stemmen we altijd geheim.

          Artikel 8: Verslag:

          Na elke vergadering maakt Team jeugd een verslag:

          • Dat verslag gaat naar alle leden, de leerkrachten van het 5de en 6de leerjaar, de directies en de jeugdraad.
          • Jij vertelt in je klas wat er besproken is.
          • De adviezen van de Kinderraad gaan naar de burgemeester en schepenen.

          Artikel 9: Iedereen mag komen luisteren:

          Onze vergaderingen zijn open voor iedereen:

          • Maar als we over personen praten of stemmen, doen we dat zonder publiek.

          Artikel 10: Afwezig?

          Kun je niet komen? Laat het weten aan Team jeugd.

          Artikel 11: Geld voor onze ideeën:

          De gemeente Hamme geeft geld voor de kinderraad en voor kleine projecten. Team jeugd beheert dat geld.

      • Bibliotheek

        • Intergemeentelijke samenwerking - Bibliotheekreglement Dijk92 - aanpassing - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de gewijzigde tarieven m.b.t. het gezamenlijke bibliotheekreglement van de Dijk92-bibliotheken goed te keuren.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikel 40 legt de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad.
          • Het raadsbesluit van 27 oktober 2021 waarbij het gezamenlijk bibliotheekreglement, van de DIJK92-bibliotheken, werd goedgekeurd.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Het IBL-tarief is ongewijzigd gebleven sinds 2019. De verzendingskosten voor de retour van IBL-reservaties zijn gestegen. 
          • Het IBL-tarief is een regionaal tarief dat geldt voor de hele regiobib. Er kan lokaal niet van worden afgeweken. De Dijk92-bibliotheken besloten op de regiovergadering van 11 juni 2025 om het IBL-tarief te verhogen vanaf 1 januari 2026.
          • Alle regionale tarieven zullen in 2026 opnieuw onderhandeld moeten worden in kader van de regio-uitbreiding vanaf 2027.
          • De tarieven voor kopieën/prints en verkoop afgevoerde materialen vallen onder het lokale luik van het reglement. Zij kunnen lokaal worden aangepast.
          • De tariefwijzigingen worden opgenomen in een apart retributiereglement waarnaar verwezen wordt in het dienstreglement. Artikel 23 en 28 moeten dus niet gewijzigd worden.
          • Het gezamenlijke bibliotheekreglement van de Dijk92-bibliotheken dient te worden aangepast wegens wijziging van tarieven:
            • Artikel 12 over interbibliothecair leenverkeer (IBL): wijziging tarieven van 3,00 naar 5,00 euro (aanvraag bij een openbare bibliotheek in België) en van 8,00 naar 10,00 euro (aanvraag bij een wetenschappelijke bibliotheek). De regel over IBL scans en kopieën wordt geschrapt.
            • Artikel 23 over de kostprijs van prints en kopieën moet niet worden gewijzigd. Er worden geen bedragen genoemd, enkel verwezen naar de aparte tarieflijst.
            • Artikel 28 over de boekenverkoop moet niet worden gewijzigd. Er worden geen bedragen genoemd, enkel verwezen naar de aparte tarieflijst.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          Beslist de gecoördineerde versie van het reglement zoals hieronder beschreven goed te keuren:

          REGLEMENT DIJK92 

          Definities

          • Dijk92: een intergemeentelijk samenwerkingsverband van 9 gemeenten, met name Berlare, Buggenhout, Dendermonde, Hamme, Laarne, Lebbeke, Wetteren, Wichelen en Zele. 
          • Kind: een gebruiker tot en met 12 jaar.
          • Materialen: alle fysieke materialen (boeken, tijdschriften, cd’s, dvd’s … ) en e-boeken die de bibliotheek uitleent.
          • Leentermijn: de periode waarbinnen je een materiaal mag lenen.
          • Boete: de vergoeding die je moet betalen wanneer je geleende materialen niet tijdig terug hebt gebracht.

          De algemene bepalingen van dit reglement zijn van toepassing op alle bibliotheken, hun filialen/uitleenposten en dienstverlening buiten de muren van de bibliotheek (boekendienst aan huis) binnen dit samenwerkingsverband. De algemene bepalingen worden aangevuld met bepalingen die voor iedere bibliotheek specifiek zijn.

           

          Deel I: Algemene bepalingen

          1.    Inschrijven en verantwoordelijkheden

          Artikel 1.

          Lid worden van de bibliotheek is gratis en gebeurt met een geldige identiteitskaart of een geldig persoons- en Belgisch adresbewijs. Kinderen kunnen zich enkel inschrijven wanneer ze vergezeld zijn door een ouder of voogd met een geldige identiteitskaart of een geldig persoons- en Belgisch adresbewijs. 

          Wanneer minderjarigen ouder dan 12 jaar zich zonder ouder of voogd inschrijven, ontvangt de ouder of voogd een bevestiging van deze inschrijving. 
          Indien je niet over een elektronische identiteitskaart beschikt, ontvang je bij de inschrijving een lidkaart. Vervanging van de lidkaart (door verlies of beschadiging) kost 2,50 euro. Ook een UiTPAS kan je gebruiken als lidkaart.
          Je mag jouw elektronische identiteitskaart of lidkaart niet door iemand anders laten gebruiken.

          Artikel 2.

          Jouw persoonsgegevens worden bijgehouden door de bibliotheek (via Cultuurconnect) en enkel gebruikt voor een goede werking van deze bibliotheek. De bibliotheek doet er alles aan om jouw privacy te waarborgen. Meer info op https://bibliotheek.be/privacyverklaring-bibliotheeksysteem.

          De bibliotheek houdt zich in alle gevallen aan de toepasselijke wet- en regelgeving, waaronder de Algemene Verordening Gegevensbescherming (Verordening EU 2016/679).
          Indien jouw persoonsgegevens wijzigen, is het belangrijk dit onmiddellijk te melden aan de bibliotheek. 

          Artikel 3.

          Als je lid bent van de Dijk92-bibliotheek, kan je gebruik maken van alle bibliotheekdiensten, waaronder  het lenen van materialen, internet … en de e-diensten van de bib. 

          Artikel 4.

          Je bent persoonlijk verantwoordelijk voor jouw geleende materialen. Bij minderjarige gebruikers is de ouder of voogd verantwoordelijk. 
          Voor je materialen leent, dien je ze na te kijken op beschadiging en volledigheid. Bij een probleem verwittig je de bibliotheekmedewerker, om te vermijden dat je zelf aansprakelijk wordt gesteld. Zonder voorafgaande opmerkingen word je geacht de materialen in goede staat te hebben ontvangen.
          Voor beschadiging of verwijdering van de barcode wordt 2,50 euro aangerekend. Bij verlies of beschadiging van materialen betaal je kosten volgens de specifieke bepalingen van de Dijk92-bibliotheek waar je het materiaal leende.  

          Artikel 5.

          De Dijk92-bibliotheek is niet aansprakelijk voor defecten of beschadigingen aan apparatuur, veroorzaakt door het afspelen van geleende materialen.

          Artikel 6.

          De Dijk92-bibliotheek is een plek voor ontmoeting en beleving. Je verstoort de sfeer in de Dijk92-bibliotheek niet en gedraagt je respectvol tegenover de andere bezoekers, het personeel, de aanwezige materialen en het meubilair. 

          2.    Lenen, verlengen en terugbrengen

          Artikel 7.

          Je kan materialen van de Dijk92-bibliotheek ter plaatse inkijken of ze lenen. 

          Artikel 8.

          De leentermijn is 4 weken.
          De leentermijn kan maximaal tweemaal met 3 weken verlengd worden tot een maximum van 10 weken. Verlengen is mogelijk:

          • Via de telefoon.
          • Aan de (zelfuitleen)balie in de Dijk92-bibliotheek.
          • Op het digitaal portaal ‘Mijn Bibliotheek’ via de website van De Dijk92-bibliotheek.

          Wanneer een materiaal door iemand anders is gereserveerd, kan je de leentermijn niet verlengen. Voor bijzondere en/of tijdelijke collecties en tijdens vakantieperiodes kunnen er afwijkende leentermijnen of -leenvoorwaarden gelden. 

          Artikel 9.

          Je kan maximaal 20 materialen lenen. Er staat geen maximum op het aantal per soort. Voor sommige collecties (e-boeken, spelotheek, themacollecties,...) en voor bepaalde klantencategorieën kunnen er afwijkingen gelden.

          Artikel 10.

          Voor het lenen van materialen wordt geen leengeld aangerekend.  

          3.    Reservaties en interbibliothecair leenverkeer

          Artikel 11.

          Je kan materialen reserveren. Hiervoor betaal je een reservatiekost van 1,00 euro per gereserveerd materiaal. Van zodra de gereserveerde materialen beschikbaar zijn, ontvang je een brief of mail. Je hebt dan 14 dagen tijd om jouw gereserveerde materialen af te halen. De termijn gaat in op de dag van het versturen van de brief of mail. Je betaalt ook de reservatiekost als je het materiaal niet afhaalt.

          Artikel 12.

          Je kan via interbibliothecair leenverkeer (IBL) materialen aanvragen bij andere bibliotheken (niet behorend tot Dijk92). Je betaalt per geslaagde aanvraag 5,00 euro (aanvraag bij een openbare bibliotheek in België) of 10,00 euro (aanvraag bij een wetenschappelijke bibliotheek). Voor een aanvraag bij een buitenlandse bibliotheek, zijn alle kosten voor jou. Aanvragen van gesproken boeken en boeken in brailleschrift zijn gratis. 
          De leentermijn voor materialen van een andere bibliotheek is maximaal 4 weken. Deze materialen kunnen niet verlengd worden. 

          4.    Boetes

          Artikel 13.

          Je kan aan de zelfuitleenbalie een ticket printen met vermelding van de leentermijn. Indien je een mailadres hebt opgegeven, ontvang je een herinneringsmail voordat jouw leentermijn afloopt. Deze mail is een extra dienstverlening. 

          Het niet ontvangen van mails of brieven in verband met het verstrijken van de leentermijn en de daaraan gekoppelde boetes kan je niet inroepen om de boete niet te betalen. Je blijft verantwoordelijk voor het bewaken en respecteren van de leentermijn. 

          Artikel 14.

          Je betaalt per uitleendag dat de leentermijn overschreden is en per materiaal 0,20 euro boete. De boete is geplafonneerd op 5,00 euro per materiaal plus administratiekosten. 

          Artikel 15.

          Voor het innen van boetes geldt volgende procedure: 

             Hoe  Wanneer  Boete  Administratiekosten  Extra kosten
           1ste herinnering   mail of brief   na 1 week te laat   € 0,20/titel/dag   geen   geen*
           2de herinnering  brief  2 weken na
           1ste herinnering
           € 0,20/titel/dag   geen  geen*
           3de herinnering  brief  2 weken na
           2de herinnering
           € 0,20/titel/dag   + € 7  geen*
           4de herinnering  brief met factuur   8 weken na
           3de herinnering
           € 0,20/titel/dag   + € 7 + €10  + kostprijs/
          titel**

          *indien alle materialen teruggebracht zijn.

          **alle materialen moeten vergoed worden, terugbrengen kan niet meer.

          Artikel 16.

          Je lidmaatschap wordt automatisch geblokkeerd wanneer:

          • Je verschuldigde bedrag 10,00 euro of meer bedraagt.
          • Je openstaande bedrag langer dan 10 weken onbetaald blijft.
          • Je niet reageert op de laatste betalingsherinnering.

          5.    Gebruik van internet

          Artikel 17.

          In de bibliotheek kan je gratis inloggen op het lokale wifi-netwerk. 

          Artikel 18.

          Het gebruik van een internet-pc is gratis. Kinderen jonger dan 8 jaar kunnen alleen gebruik maken van een internet-pc in het gezelschap van een meerderjarige. 

          Artikel 19.

          Het gebruik van internet is niet toegelaten voor: 

          • Onwettige doeleinden.
          • Het bekijken van porno.
          • Het kopiëren van gegevens waarop auteursrecht berust of andere inbreuken op het auteursrecht.
          • Het schenden van het computerbeveiligingssysteem.
          • Het vernietigen, wijzigen of aanpassen van informatie op de computer.

          Het vernietigen of beschadigen van hardware, software of gegevens van de bibliotheek of van andere gebruikers.

          Deel II: Specifieke bepalingen Bib Hamme

          6. Adres en openingsuren

          Artikel 20.

          Bibliotheek Hamme heeft 2 vestigingen:

             

          HOOFDBIBLIOTHEEK HAMME 

          Marktplein 19A – Hamme

          052 47 92 20

          bibliotheek@hamme.be

           

           UITLEENPOST MOERZEKE 

          Vredestraat 3 - Moerzeke

          052 47 42 57

          bibliotheek@hamme.be

           maandag  14.00 tot 20.00  gesloten 
           dinsdag  14.00 tot 20.00  gesloten
           woensdag  14.00 tot 20.00  14.00 tot 17.00
           donderdag  14.00 tot 20.00  18.00 tot 20.00 
           vrijdag  10.00 – 12.00 en 14.00 – 17.00  gesloten
           zaterdag  09.30 – 12.30  09.30 – 12.30
           zondag  gesloten  gesloten

          Artikel 21.

          10 minuten voor sluitingstijd kan je alleen nog materialen binnenbrengen in de bib. Nieuwe items kiezen kan dan niet meer. Als je reeds in de bibliotheek was, kan je wel nog materialen uitlenen.

          Artikel 22.

          De bibliotheek is gesloten tijdens wettelijke feestdagen, eventuele brugdagen en gemeentelijke sluitingsdagen. Een extra sluiting kan zich voordoen door onverwachte omstandigheden of tijdens de zomervakantie. De sluitingsdagen worden ruim op voorhand aangekondigd via verschillende kanalen.

          7.    Kopieën en scans

          Artikel 23.

          In de bib kan je printen vanaf de internetpc's. Kopieën en scans kan je vragen aan het personeel. Dit kan alleen tijdens de openingsuren van de bibliotheek. De tarieven voor prints en fotokopieën staan vermeld in het retributiereglement en zijn raadpleegbaar in de bib en online via hamme.bibliotheek.be/tarieven. Het nemen van scans is gratis.

          Artikel 24.

          Documenten mogen uitsluitend voor eigen gebruik gekopieerd worden. De volledige verantwoordelijkheid in verband met het gebruik van de bibliotheekmaterialen en het respecteren van het auteursrecht berust bij de klant.

          8.    Niet-uitleenbare materialen

          Artikel 25.

          Kranten (en bijlagen) en het laatste nummer van tijdschriften worden niet uitgeleend. Je kan wel kopieën of scans nemen uit deze exemplaren.

          9.    Extra diensten

          Artikel 26.

          Indien je niet in staat bent je te verplaatsen naar de bibliotheek, kan je een beroep doen op de bib aan huis. Een bibmedewerker brengt dan op geregelde tijdstippen de gewenste titels aan huis.

          Artikel 27.

          Voor klassen en leerkrachten zijn speciale uitleenvoorwaarden voorzien.

          Artikel 28.

          De bibliotheek verkoopt afgevoerde materialen tijdens een openbare verkoop. De eenheidsprijs (per boek, dvd,…) wordt vastgelegd door het college van burgemeester en schepenen op advies van de bibliotheek. De bib licht het publiek hierover tijdig in over deze ‘boeken’-verkoop.

          Artikel 29.

          In de online catalogus hamme.bibliotheek.be kan je titels opzoeken maar ook praktische info (tarieven, openingsuren, sluitingsdagen,…) en nieuws over de verschillende bibactiviteiten raadplegen. Online betalen kan via je Mijn bibliotheek-account evenals online verlengen, reserveren en lijstjes maken.


          Akkoord met het reglement

          Door lid te worden, ga je akkoord met dit reglement. Het niet naleven van deze regels kan leiden tot sancties zoals schorsing of het ontzeggen van de toegang tot de bibliotheek.

           

          Art. 2.

          Het raadsbesluit van 27 oktober 2021: 'Intergemeentelijke samenwerking - De Leesdijk - gezamenlijk bibliotheekreglement - goedkeuring - besluit' wordt hierdoor opgeheven.

        • Retributiereglement Dijk92 bib Hamme - aanpassing - goedkeuring

          Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
          Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
          André Reuse, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

          Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aanpassingen aan het retributiereglement Dijk92 bib Hamme goed te keuren.

          JURIDISCHE CONTEXT:

          • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikel 40 dat de bevoegdheid tot het vaststellen van reglementen bij de gemeenteraad legt.
          • Het raadsbesluit van 19 juni 2019 waarbij een gezamenlijk bibliotheekreglement, voor de aangesloten Leesdijk-bibliotheken, werd goedgekeurd. 
          • Het raadsbesluit van 27 oktober 2021 waarbij een aanpassing aan het gezamenlijk bibliotheekreglement, van de DIJK92-bibliotheken, werd goedgekeurd. 
          • Het raadsbesluit van 13 september 2023 waarbij een aanpassing aan het retributiereglement werd goedgekeurd.

          FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

          • Het IBL-tarief is ongewijzigd gebleven sinds 2019. De verzendingskosten voor de retour van IBL-reservaties zijn gestegen. 
          • Het IBL-tarief is een regionaal tarief dat geldt voor de hele regiobib. Er kan lokaal niet van worden afgeweken. De Dijk92-bibliotheken besloten op de regiovergadering van hebben 11 juni 2025 om het IBL-tarief te verhogen vanaf 1 januari 2026.
          • Alle regionale tarieven zullen in 2026 opnieuw onderhandeld moeten worden in kader van de regio-uitbreiding vanaf 2027.
          • Het print/kopie tarief is ongewijzigd gebleven sinds 2023. 
          • Het aantal kopieën/prints is sinds 2023 verdubbeld. 
          • De tarieven waren marktconform wat zwart-wit afdrukken betreft. Ze liggen onder de marktprijs wat kleurendruk betreft. Het onderscheid tussen zwart-wit en kleurafdruk wordt opnieuw ingevoerd.

          Het retributiereglement bib Hamme bevat 2 secties, een regionaal en een lokaal luik. In beide secties worden aanpassingen aangebracht die vanaf 1 januari 2026 van toepassing zijn.

          Tarieven Dijk92 bibliotheek:

          Het regionaal tarief voor interbibliothecair leenverkeer (IBL) wordt verhoogd. IBL is de reservatiekost voor een titel afkomstig van een bibliotheek buiten onze regio. 

           Wat   Oud tarief   Nieuw tarief 
           een titel uit een Vlaamse openbare bibliotheek   € 3  € 5
           een titel uit een Vlaamse wetenschappelijke bibliotheek   € 8  € 10
           een kopie uit een Vlaamse bibliotheek  € 3  

          De optie kopieën wordt niet meer expliciet vermeld als apart tarief. De werkelijke kopieer- en verzendkosten worden aangerekend. Er worden eigenlijk nooit fotokopieën aangevraagd uit een andere bibliotheek.

          Tarieven bibliotheek Hamme (=lokaal):

          Het lokaal tarief voor een fotokopie/print wordt verhoogd en in overeenstemming gebracht met de tarieven van copycentra in Hamme. Er wordt vanaf 1 januari ook weer een onderscheid gemaakt tussen zwart-wit en kleurenprint.

           
           Wat  Oud tarief   Nieuw tarief 
           een A4-bladzijde zwart-wit   € 0,15  € 0,20
           een A4-bladzijde kleur  € 0,15  € 0,80 
           een A3-bladzijde zwart-wit   € 0,50  € 0,50 
           een A3-bladzijde kleur  € 0,50  € 2,50
           
          De lokale tarieven voor  beschadiging of verlies dvd- en gamesdozen worden aangepast en aangevuld. Het tarief voor een papieren cover van dvd of game en de bijlage van een boek wordt gekoppeld aan het IBL-tarief. Bib Hamme dient het originele materiaal te laten overkomen om de kopie van de bijlage of cover te kunnen maken.
           
           Wat  Oud tarief   Nieuw tarief 
           standaard game-doos   € 1,00  € 2,00
           nintendo game-doos   -  € 5,00
           papieren game/dvd cover of bijlage boek   € 1,00  € 5,00
           
          Het lokaal tarief voor  de verkoop van afgevoerde materialen wordt aangepast. 
           
           Wat  Oud tarief   Nieuw tarief 
           een jeugdboek/strip  € 0,50  € 0,50
           een volwassenenboek/strip   € 0,50  € 1,00 
           een dvd   € 0,50  € 1,00 
           een pakket tijdschriften  € 0,50  € 0,50
           
          Het retributiereglement zal als afzonderlijk document ter beschikking worden gesteld van de klanten. De nieuwe tarieven worden opgehangen aan het kopieerapparaat en aan de openbare internetcomputers.

          Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het gewijzigde retributiereglement 2026 goed te keuren met aanvang vanaf 1 januari 2026.

          Publieke stemming
          Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
          Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

          BESLUIT:

          Artikel 1.

          De gemeenteraad keurt het retributiereglement 2026, zoals hieronder beschreven, goed.

          2026 Retributiereglement bibliotheek Hamme

           

           Tarieven Dijk92 bibliotheek (1)

           Lidgeld 

           

           gratis

           Leengeld per materiaal 

           

           gratis

           Boete

           standaard 

           € 0,20 per titel per dag - max. € 5 per titel

           kansenpas 

           € 0,10 per titel per week - max. € 2 per titel 

           scholen, bib-aan-huis, rusthuizen 

           geen

           Administratiekosten

           1e maning

           geen

           

           2e maning

           geen

           

           3e maning

           € 7,00

           

           4e maning met factuur

           € 10,00

           Lidkaart vervangen

           bij verlies

           € 2,50

           Barcode vervangen

           bij verlies of schade

           € 2,50

           Reserveren

           bij Dijk92 bib (binnen de regio)

           € 1,00

           Reserveren IBL

           bij Vlaamse openbare bib (buiten de regio) 

           € 5,00

           

           bij Vlaamse wetenschappelijke bib (buiten de regio) 

           € 10,00

           

          Tarieven bibliotheek Hamme (1)

           Kopie of print

           A4 zwart-wit 

           € 0,20

           

           A4 kleur

           € 0,80

           

           A3 zwart-wit 

           € 0,50

           

           A3 kleur 

           € 2,50

           Scan

           

           gratis

           Schade/verlies materiaal 

           

           aankoopprijs materiaal (2)

           schade/verlies dvd/game doos 

           standaard dvd-doos

           € 0,50

           

           standaard game-doos 

           € 2,00

           

           niet-standaard kartonnen doos

           € 5,00

           

           nintendo game doos

           € 5,00

           Verlies papieren hoes/bijlage  

           papieren game/dvd cover of bijlage boek

           € 5,00

           Verkoop afgevoerde materialen 

           jeugdboek of strip 

           € 0,50 (2)

           

           tijdschriften pakket

           € 0,50 (2)

           

           volwassenen boek of strips

           € 1,00 (2)

           

           dvd's

           € 1,00 (2)


          (1)
           De tarieven  zijn vanaf 1 januari 2026 online raadpleegbaar via hamme.bibliotheek.be/tarieven en kunnen opgevraagd worden in de bib.

          (2) Naar gelang de huidige waarde van het materiaal en de aard van de beschadiging kan de bibliothecaris dit bedrag aanpassen.

          Art. 2.

          Het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2023, Retributiereglement gemeentelijke openbare bibliotheek - besluit, wordt opgeheven.

    • AUTONOOM GEMEENTEBEDRIJF

      • AGB Hamse Investeringsmaatschappij - aanpassing tariefreglement ondergronds parkeren - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aanpassing aan het tariefreglement ondergronds parkeren van het AGB Hamse Investeringsmaatschappij goed te keuren.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Tariefreglement ondergronds parkeren dd 01/12/2022 
        • Aanpassingen tariefreglement ondergronds parkeren dd 31/03/2022 en 28/03/2024
        • Artikel 8 van de beheersovereenkomst tussen AGB Hamse Investeringsmaatschappij en de gemeente (Raad van Bestuur 02/10/2025 - Gemeenteraad 20/10/2025) regelt de tarieven en tariefstructuren
        • Artikel 9 & 19 van de statuten (Raad van Bestuur 02/10/2025 - Gemeenteraad 20/10/2025) van het AGB Hamse investeringsmaatschappij.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De tariefaanpassing is noodzakelijk om het gebruik en beheer van de parkeerfaciliteiten beter af te stemmen op de actuele behoeften en om een duurzamer, efficiënter parkeerbeleid te ondersteunen.
        • De huidige tarieven sluiten niet langer aan bij de operationele kosten, het gebruikspatroon en de strategische doelstellingen inzake mobiliteit. 
        • Vanaf 01/01/2026 zullen volgende tarieven gelden:
          • Parking Nieuwstraat: De gratis parkeertijd wordt op weekdagen beperkt tot 1 uur, bedoelt als bezoekerstijd voor het gemeentehuis, snelle boodschappen of korte bezoeken. Vanaf 2026 wordt elk begonnen uur aangerekend aan € 1,50 per uur, en de gratis parkeertijd op zaterdagvoormiddag wordt beperkt tot maximaal 2 uur.
          • Parking Marktplein: Het parkeertarief bedraagt € 1 voor 1 uur en € 1,50 voor ieder bijkomend uur. Bezoekers van Delhaize kunnen nog steeds gratis parkeren via de winkelregeling. 

        Parkeertijd

        Nieuwstraat

        Marktplein

        15 min

        gratis

        gratis

        1 uur

        0,00 euro

        1,00 euro

        2 uur

        1,50 euro

        2,50 euro

        3 uur

        3,00 euro

        4,00 euro

        4 uur

        4,50 euro

        5,50 euro

        5 uur

        6,00 euro

        7,00 euro

        dagtarief 12 u

        8,00 euro

        10,00 euro

        max tarief  24 u

        16,00 euro

        20,00 euro

        verloren ticket 

        25,00 euro

        25,00 euro

         

         

         

        zaterdagvoormiddag

        2u gratis

         

         
        De 15 minuten gratis parkeren zijn bedoeld om het in- en eventueel uitrijden van de ondergrondse parking mogelijk te maken, bijvoorbeeld voor het ophalen of afzetten van personen of goederen.
        Met deze herziening beoogt het AGB HIM:
        • Eenvoud en transparantie: Makkelijker te begrijpen voor gebruikers, vermindert verwarring en vragen over tarieven.
        • Betere inkomstenbalans: Meer inkomsten genereren voor onderhoud en investeringen van de parking.
        • Beheersing van overbezetting: Hogere tarieven voor langere parkeertijd ontmoedigd langdurig parkeren, waardoor er meer beschikbaarheid is voor andere bezoekers cfr. parking Delhaize.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Artikel 1. 

        Dit reglement, dat tot stand kwam na overleg met het college van Burgemeester en Schepenen van de gemeente Hamme, is van toepassing voor het gebruik van de ondergrondse parking Nieuwstraat, gelegen te 9220 Hamme, Nieuwstraat 15 en parking Nieuwemarkt, gelegen te 9220 Hamme, Marktplein 22 en wordt van kracht op 1 januari 2026. Dit reglement vervangt vanaf die datum het tariefreglement, goedgekeurd door de raad van bestuur op 1 december 2022 en wijzigingen dd. 31/03/2022 en 28/03/2024.

        Art. 2. 

        Het bedrag van de vergoeding dat betaald dient te worden voor het gebruik van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt wordt als volgt vastgesteld, inclusief de BTW waaraan deze dienstverlening onderworpen is:

        Abonnementstarieven en modaliteiten die toelating geven om gedurende een bepaalde periode te parkeren in de parkings volgens de abonnementsformules:

        • Abonnementsformule 7 dagen op 7 dagen geldig 24 uur op 24 uur:
          • Op jaarbasis: 575,00 euro (inclusief 21 % BTW)
          • Op maandbasis: 57,50 euro (inclusief 21 % BTW)
          • Een bewoner die afziet van de parkeerkaart heeft bij aankoop van een jaarabonnement recht op een korting van € 75,00 in parking Nieuwstraat.
        • Abonnementsformule tijdens de kantooruren: van maandag tot en met vrijdag van 7.00 uur tot 19.30 uur:
          • Op jaarbasis: 300,00 euro (inclusief BTW)
          • Op maandbasis: 30,00 euro (inclusief BTW)
        • Abonnementsformule tijdens de avond en nacht, alle dagen van de week van 17.00 uur tot 08.00 uur:
          • Op jaarbasis: 285,00 euro (inclusief BTW)
          • Op maandbasis: 28,50 euro (inclusief BTW)

        Abonnementshouders kunnen maximaal 2 nummerplaten koppelen aan hun abonnement. Per abonnement kan nooit meer dan 1 voertuig gelijktijdig van de parking gebruik maken.

        Tickettarieven en voorwaarden voor het parkeren van een voertuig in de parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt voor een beperkte tijdsduur na het nemen van een parkeerticket:

        Parkeertijd

        Nieuwstraat

        Marktplein

        15 min

        gratis

        gratis

        1 uur

        0,00 euro

        1,00 euro

        2 uur

        1,50 euro

        2,50 euro

        3 uur

        3,00 euro

        4,00 euro

        4 uur

        4,50 euro

        5,50 euro

        5 uur

        6,00 euro

        7,00 euro

        dagtarief 12 u

        8,00 euro

        10,00 euro

        max tarief  24 u

        16,00 euro

        20,00 euro

        verloren ticket 

        25,00 euro

        25,00 euro

         

         

         

        zaterdagvoormiddag

        2u gratis

         

        De 15 minuten gratis parkeren zijn bedoeld om het in- en eventueel uitrijden van de ondergrondse parkings mogelijk te maken, bijvoorbeeld voor het ophalen of afzetten van personen of goederen:

        • De concessiegever kan te allen tijde tijdelijke afwijkingen instellen, naar aanleiding van bepaalde activiteiten, zoals markten, carnaval, kermissen en braderijen.
        • Er worden geen andere vrijstellingen toegekend.
        • De tariefvoorwaarden voor houders van een parkeerkaart zijn identiek aan die van de gewone gebruikers.
        • Eigenaars van een parkeerplaats in de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt hebben permanent toegang tot hun parkeerplaats.

        Art. 3.

        Indien het gemeentebestuur van Hamme beslist om de tarieven voor het gebruik van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt voor de bezoekers gedurende een bepaalde periode volledig ten laste te nemen, zal dit tarief via het derde betaler systeem door de concessiehouder rechtstreeks aan de gemeente aangerekend worden.

        Art. 4.

        Dit reglement wordt bekend gemaakt via de website van de gemeente Hamme: https://www.hamme.be/agb-him

        Art. 5.

        Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de concessiehouder, Indigo Park Belgium nv - ondernemingsnummer BE 0449 598 562, voor bekendmaking aan de gebruikers van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt en voor toepassing van dit reglement vanaf 1 januari 2026.

      • Meerjarenplanning 2026-2031 van het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij - Budgetten nieuwe legislatuur - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de meerjarenplanning 2026-2031 van het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij - Budgetten nieuwe legislatuur goed te keuren.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Het decreet over het Lokaal Bestuur van 22/12/2017.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering van 30/03/2018 over de beleids-en beheerscyclus van de lokale besturen.
        • Het ministerieel besluit van 26/06/2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsel en de digitale rapportering van de beleids-en beheerscyclus van de lokale besturen.
        • Het besluit van de Vlaamse Regering van 14/07/2023 met de wijzigingen van het BVR van 30/03/2018 over BBC.
        • Het ministerieel besluit van 08/12/2023 met wijzigingen van het MB van 26/06/2018.
        • De omzendbrief van 18/07/2025 m.b.t. het meerjarenplan 2026-2031.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Het meerjarenplan 2026-2031 van het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij (AGB HIM) is opgemaakt vanuit een meerjarig en strategisch perspectief. Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur gedurende de komende zes jaar.
        • Het bestaat uit:
          • Een strategische nota: de beleidsverklaring, overzicht van alle doelstellingen met prioritaire actieplannen.
          • Financiële nota: financieel doelstellingenplan en staat van financieel evenwicht.
          • Toelichting: bijkomende relevante informatie die meer inzichten geeft in de nota's.
          • Documentatie: gedetailleerde gegevens en achtergrondinformatie.
        • De meerjarenplanning is opgesteld vanuit het oogpunt van de continuïteit van het bedrijf en een gelijkblijvend beleid.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad beslist het meerjarenplan 2026-2031 met de budgetten voor komende legislatuur goed te keuren.

        Art. 2.

        De gemeenteraad beslist het meerjarenplan 2026-2031 te publiceren overeenkomstig art. 286 van het decreet over het Lokaal Bestuur.

        Art. 3.

        Een uittreksel van het besluit zal bezorgd worden aan het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij.

      • Prijssubsidiereglement 2026 van het AGB Hamse Investeringsmaatschappij - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het prijssubsidiereglement 2026 van het AGB Hamse Investeringsmaatschappij goed te keuren.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Artikel 10 van de beheersovereenkomst tussen AGB Hamse Investeringsmaatschappij en de gemeente (Raad van Bestuur 02/10/2025 - Gemeenteraad 20/10/2025) regelt de prijssubsidies die de gemeente toekent aan het AGB.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • Om economisch leefbaar te zijn is het nodig dat: 
          • Het AGB Hamse Investeringsmaatschappij vanwege de gemeente Hamme prijssubsidies ontvangt als vergoeding voor de toegangsgelden voor de vrijetijdsinfrastructuur (sport) te Hamme.
          • Het AGB Hamse Investeringsmaatschappij vanwege de Gemeente Hamme prijssubsidies ontvangt als vergoeding voor de beheerde ondergrondse parkings te Hamme.
        • Het AGB Hamse Investeringsmaatschappij heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het  boekjaar 2026. Op basis van deze ramingen heeft het AGB Hamse Investeringsmaatschappij vastgesteld dat voor het kalenderjaar 2026 de te ontvangen prijssubsidies voor de vrijetijdsinfrastructuur en de parkings te Hamme respectievelijk minstens € 287 853,60 en € 356 120,00 exclusief BTW dienen te bedragen om economisch rendabel te zijn.
        • Om dit resultaat te bekomen dienen de toegangsprijzen voor de vrijetijdsinfrastructuur en de parkings te worden vermenigvuldigd met respectievelijk 9,30 en 2,90 vanaf 1 januari 2026.
        • De gemeente Hamme wenst dat er voor 2026 beperkt prijsverhogingen worden doorgevoerd ten aanzien van gebruikers van de infrastructuur. De gemeente Hamme wenst immers de toegangsgelden te beperken zodat deze infrastructuur maximaal toegankelijk is voor iedereen. De gemeente Hamme verbindt er zich toe om voor 2026 deze beperkte toegangsgelden te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.
        • Het AGB Hamse Investeringsmaatschappij moet na elke kwartaal de gemeente Hamme een debet nota bezorgen met het bedrag aan te betalen prijssubsidies.
        • De gesubsidieerde toegangsgelden kunnen steeds geëvalueerd worden in het kader van de exploitatieresultaten van het AGB Hamse Investeringsmaatschappij.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe
        Onthouders: Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 24 stemmen voor, 4 onthoudingen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        Prijssubsidiereglement AGB Hamse Investeringsmaatschappij  - 2026 - vrijetijdsinfrastructuur (sport):

        §1. Het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het kalenderjaar 2026. Op basis van deze ramingen heeft het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij vastgesteld dat de inkomsten uit de toegangsgelden voor de vrijetijdsinfrastructuur (sport) te Hamme minstens € 287 853,60 exclusief BTW dienen te bedragen om economisch rendabel te zijn.

        §2. Om economisch rendabel te zijn wenst het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij vanaf 1 januari 2026 de voorziene toegangsprijzen (inclusief btw) voor de vrijetijdsinfrastructuur (sport) te Hamme te vermenigvuldigen met factor 9,30.

        De gemeente Hamme erkent dat het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij, op basis van deze ramingen, de voorziene toegangsprijzen (inclusief btw) voor de vrijetijdsinfrastructuur (sport) te Hamme dient te vermenigvuldigen met factor 9,30 om economisch rendabel te zijn.

        §3. Rekening houdend met de sportieve en sociale functie van de vrijetijdsinfrastructuur (sport) wenst de gemeente Hamme dat er tijdens het kalenderjaar 2026 beperkte prijsverhogingen doorgevoerd worden ten aanzien van gebruikers van de vrijetijdsinfrastructuur (sport). De gemeente Hamme wenst immers de toegangsgelden te beperken opdat de vrijetijdsinfrastructuur (sport) toegankelijk is voor iedereen. De gemeente Hamme verbindt er zich toe om voor de periode vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 deze beperkte toegangsgelden te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.

        De waarde van de prijssubsidie toegekend door de gemeente Hamme voor de toegangsgelden van de vrijetijdsinfrastructuur (sport) te Hamme bedraagt de prijs (inclusief btw) die de bezoeker voor recht op toegang betaalt vermenigvuldigd met factor 9,30.

        De gesubsidieerde toegangsgelden (inclusief btw) kunnen steeds geëvalueerd worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij. In de mate er een prijssubsidieaanpassing noodzakelijk is zal de gemeente Hamme deze steeds documenteren.

        §4. Het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij moet op de 15de werkdag van elke kwartaal de gemeente Hamme een overzicht bezorgen van het aantal gebruikers waaraan recht op toegang is verleend tijdens het voorbije kwartaal tot de vrijetijdsinfrastructuur (sport). Dit overzicht dient tevens het bedrag aan te betalen prijssubsidies te bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een debet nota die het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij uitreikt aan de gemeente Hamme. De gemeente Hamme dient deze debet nota te betalen aan het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij binnen de 30 werkdagen na ontvangst.

        Art. 2.

        Prijssubsidiereglement AGB Hamse Investeringsmaatschappij - 2026 - ondergrondse parkings:

        §1. Het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het kalenderjaar 2026. Op basis van deze ramingen heeft het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij vastgesteld dat voor het kalenderjaar 2026 de inkomsten uit de exploitatie van de ondergrondse parking in de Nieuwstraat en Nieuwemarkt minstens € 356 120,00 exclusief BTW dienen te bedragen om economisch rendabel te zijn.

        §2. Om economisch rendabel te zijn wenst het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij vanaf 1 januari 2026 de voorziene tarieven voor het gebruik van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt te vermenigvuldigen met factor 2,90.

        De gemeente Hamme erkent dat het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij, op basis van deze ramingen, de voorziene tarieven voor het gebruik van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt dient te vermenigvuldigen met factor 2,90 om economisch rendabel te zijn.

        §3. Rekening houdend met het belang van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt op het vlak van mobiliteit wenst de gemeente Hamme dat er tijdens het kalenderjaar 2026 een beperkte prijsverhogingen doorgevoerd wordt ten aanzien van gebruikers van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt. De gemeente Hamme wenst immers de vergoedingen te beperken opdat de ondergrondse parkings een ruim gebruik kennen en het straatparkeren voldoende wordt ontlast. De gemeente Hamme verbindt er zich toe om voor de periode vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 deze beperkte parkeergelden te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.

        De waarde van de prijssubsidie toegekend door de gemeente Hamme voor de parkeergelden van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt bedraagt de prijs (inclusief BTW) die de bezoeker voor recht op toegang betaalt, vermenigvuldigd met factor 2,90.

        De gesubsidieerde parkeergelden (inclusief btw) kunnen steeds geëvalueerd worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij. In de mate er een prijssubsidieaanpassing noodzakelijk is zal de Gemeente Hamme deze steeds documenteren.

        §4. Het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij moet op de 15de werkdag van elke kwartaal de gemeente Hamme een overzicht bezorgen van het gebruik van de ondergrondse parkings Nieuwstraat en Nieuwemarkt tijdens het voorbije kwartaal. Dit overzicht dient tevens het bedrag aan te betalen prijssubsidies te bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een debet nota die het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij uitreikt aan de gemeente Hamme. De gemeente Hamme dient deze debet nota te betalen aan het Gemeentelijk Autonoom Bedrijf Hamse Investeringsmaatschappij binnen de 30 werkdagen na ontvangst.

        Art. 3.

        Het prijssubsidiereglement is geldig vanaf 1 januari 2026.

        Art. 4.

        Na goedkeuring van de gemeenteraad wordt de toezichthoudende overheid in kennis gesteld van dit besluit zoals bepaald in artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.

    • EVA - CC JAN TERVAERT

      • Evaluatie en vernieuwen samenwerkingsovereenkomst EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het evaluatieverslag te bespreken en de samenwerkingsovereenkomst EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert te vernieuwen.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Artikel 227 en 247 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Het gemeenteraadsbesluit van 27 november 2013 waarbij CC Jan Tervaert vzw werd omgevormd naar de EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikels 227 en 247 met betrekking tot de evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst en de samenwerkingsovereenkomst zelf, artikels 225 tot en met 229 met betrekking tot extern verzelfstandigde agentschappen en artikels 245 tot en met 247 met betrekking tot het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm.
        • De wet van 23 maart 2019 tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en houdende diverse bepalingen, in het bijzonder boek 9.
        • De statuten van EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De samenwerkingsovereenkomst in zijn huidige vorm is geldig voor een periode die uiterlijk twaalf maanden na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad eindigt.
        • Om de werking van het Cultuurhuis te blijven garanderen is het noodzakelijk om de samenwerkingsovereenkomst te verlengen en aan te passen naar de financiële keuzes in het nieuwe meerjarenplan. Deze verlenging waarborgt de continuïteit van de samenwerking.
        • In bijlage kan de huidige versie en de nieuwe versie terug gevonden worden.
        • Deze ontwerptekst wordt voorgelegd aan het bestuursorgaan en de algemene vergadering van EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert op 4 december 2025.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst EVA vzw Cultureel Centrum Jan Tervaert goed.

    • EVA- DIENST 112 HAMME

      • Evaluatie en vernieuwen samenwerkingsovereenkomst EVA vzw 112 - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het evaluatieverslag te bespreken en de samenwerkingsovereenkomst EVA vzw 112 te vernieuwen.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Artikel 227 en 247 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Het gemeenteraadsbesluit waarbij EVA vzw 112 werd opgericht.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikels 227 en 247 met betrekking tot de evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst en de samenwerkingsovereenkomst zelf, artikels 225 tot en met 229 met betrekking tot extern verzelfstandigde agentschappen en artikels 245 tot en met 247 met betrekking tot het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm.
        • De wet van 23 maart 2019 tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en houdende diverse bepalingen, in het bijzonder boek 9.
        • De statuten van EVA vzw 112.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        • De samenwerkingsovereenkomst in zijn huidige vorm is geldig voor een periode die uiterlijk twaalf maanden na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad eindigt.
        • Om de werking van dienst 112 te blijven garanderen is het noodzakelijk om de samenwerkingsovereenkomst te verlengen en aan te passen naar de financiële keuzes in het nieuwe meerjarenplan. Deze verlenging waarborgt de continuïteit van de samenwerking.
        • In bijlage kan de huidige versie en de nieuwe versie terug gevonden worden.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Enig artikel.

        De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst EVA vzw 112 goed.

    • EVA - GEMEENTELIJK SPORTCENTRA HAMME

      • EVA vzw Gemeentelijke sportcentra Hamme - samenwerkingsovereenkomst - goedkeuring

        Aanwezig: Jan Laceur, raadsvoorzitter
        Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, gemeenteraadsleden
        André Reuse, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Michaël Van Pottelberghe, gemeenteraadslid

        Conform artikel 227 en 247 van het decreet lokaal bestuur wordt aan de gemeenteraad gevraagd kennis te nemen van de evaluatie van de huidige samenwerkingsovereenkomst en wordt gevraagd om de samenwerkingsovereenkomst 2026-2031 goed te keuren.

        JURIDISCHE CONTEXT:

        • Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
        • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikels 225 tot en met 229 met betrekking tot extern verzelfstandigde agentschappen en 245 tot en met 247 met betrekking tot het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm.
        • De wet van 23 maart 2019 tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en houdende diverse bepalingen, in het bijzonder boek 9.
        • Gemeenteraadsbesluit van 27 november 2013 m.b.t. de omvorming van vzw Gemeentelijke Sportcentra naar een EVA vzw.
        • De statuten van EVA vzw Gemeentelijke Sportcentra Hamme.

        FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:

        Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om kennis te nemen van onderstaande bijlagen:

        • De evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst tussen lokaal bestuur Hamme en EVA vzw Gemeentelijke Sportcentra Hamme.
        • De samenwerkingsovereenkomst (2026-2031) tussen lokaal bestuur Hamme en EVA vzw Gemeentelijke Sportcentra Hamme.
        Publieke stemming
        Aanwezig: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke, André Reuse
        Voorstanders: Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq
        Tegenstanders: Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters, Gilles Verbeke
        Resultaat: Met 15 stemmen voor, 13 stemmen tegen

        BESLUIT:

        Artikel 1.

        De gemeenteraad neemt kennis van de evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst 2020-2025.

        Art. 2. 

        De gemeenteraad neemt kennis van de samenwerkingsovereenkomst 2026-2031 en keurt deze goed. 

        Art. 3.

        Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de EVA vzw Gemeentelijke Sportcentra Hamme.

De voorzitter sluit de zitting op 16/12/2025 om 02:25.

Namens gemeenteraad,

André Reuse
algemeen directeur

Jan Laceur
raadsvoorzitter