Huidig reglement
De belasting wordt vastgesteld als volgt:
Bij innames zonder vergunning of een laattijdige aanvraag (< 3 werkdagen op voorhand), vervalt de vrijstelling van de eerste 15 kalenderdagen en wordt deze vrijstelling vervangen door een belasting van 9,00 euro per m².
Verlengingen of aanpassingen aan de reeds goedgekeurde dossiers gebeuren zonder bijkomende kosten.
Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd;
De belasting is ondeelbaar en steeds voor een ganse periode van 15 kalenderdagen verschuldigd.
Voorstel aanpassing
De belasting wordt vastgesteld als volgt:
JURIDISCHE CONTEXT:
FEITEN, CONTEXT EN ARGUMENTERING:
BESLUIT:
Artikel 1.
De gemeenteraad gaat over tot een eerste stemming over het amendement van raadslid Kurt Pieters:
Met 12 stemmen voor (Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters), 15 stemmen tegen (Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq), 1 onthouding (Gilles Verbeke)
Aldus is het amendement verworpen.
Art. 2.
De gemeenteraad gaat over tot een tweede stemming over het gehele reglement:
De gemeenteraad keurt het reglement goed zoals hieronder meegegeven:
Artikel 1.
Er wordt voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de tijdelijke privatisering van het openbaar domein bij het uitvoeren van bouw–, verbouw- en /of afbraakwerken.
Artikel 2.
De belasting is verschuldigd voor:
1° Het plaatsen van materiaal, materieel en voertuigen, die nodig zijn voor de uitvoering van de geplande werken. De oppervlakte die in aanmerking wordt genomen, is diegene van de rechthoek die rond het voorwerp of de groep voorwerpen, die de openbare weg innemen, kan getrokken worden.
2° Het afsluiten of laten afsluiten van een deel van het openbaar domein.
Artikel 3.
§1. De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de machtiging tot inneming van het openbaar domein.
§2. De aannemer van de werken, de eigenaar, de huurder, de bewoner, de bouwheer, de architect of alle andere personen die bij de privatisering betrokken partij zijn, zijn hoofdelijk gehouden tot het betalen van de belasting.
Artikel 4.
De belasting wordt vastgesteld als volgt:
Delen van een m² worden als een volledige m² beschouwd;
Artikel 5.
Van de belasting zijn vrijgesteld de tijdelijke privatiseringen in opdracht van instellingen die ingevolge bijzondere wetten vrijgesteld zijn van alle gemeentelijke belastingen.
Artikel 6.
§1. De aanvraag tot inname van het openbaar domein dient online ingediend te worden via het e-loket binnen de hierna vermelde termijnen:
In bovenstaande gevallen is enkel een beslissing van de gemachtigd ambtenaar nodig.
In deze laatste gevallen is een beslissing van het college van burgemeester en schepenen nodig.
§2. Voor aan laattijdige aanvraag wordt er een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van € 30.
§3. Naar aanleiding van deze aangifte wordt aan de belastingplichtige een vergunning afgeleverd voor de privatisering van het openbaar domein. Deze vergunning dient verplicht geafficheerd te worden op de plaats waar de inname van het openbaar domein gebeurt.
§4. Deze aangifte geldt tevens als fiscale aangifte.
Artikel 7.
Bij innames zonder vergunning wordt een spoedprocedure opgestart, met een bijkomende kost van 30€ en wordt de belasting met 50% verhoogd.
Artikel 8.
Vooraleer de vergunning wordt afgeleverd is de belastingplichtige verplicht een bedrag gelijk aan de vermoedelijke belasting in bewaring te geven tegen afgifte van een ontvangstbewijs. Het in bewaring gegeven bedrag zal van ambtswege als een verworven contantbelasting worden geboekt en ten opzichte van de belastingplichtige met een kwitantie worden bevestigd nadat de inname is beëindigd. Betaalde bedragen zijn niet terugvorderbaar.
Artikel 9.
Wanneer de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting ingekohierd en is ze eisbaar overeenkomstig het decreet van 30 mei 2008, en latere wijzigingen, betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 10.
De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
STEMMING:
Met 16 stemmen voor (Jan Laceur, Lotte Peeters, Jan De Graef, Robby Van der Stock, Jo Laureys, Veerle De Clercq, Kim Van de Sande, Giel Colman, Sigi Vanhoyweghen, Yannick De Maere, Jan Rosschaert, Tom Vermeire, Yentl Scheirs, Lotte De Blende, Guy Bogaert-De Clercq, Gilles Verbeke), 12 stemmen tegen (Luk De Mey, Ann Verschelden, Koen Mettepenningen, Mieke De Keyser, Mustafa Tokgoz, Kurt De Graef, Johan Robberecht, Regine Van Achter, Danny Poppe, Carine Calluy, Marc Saerens, Kurt Pieters)